Het laatste stuk van het vorige hoofdstuk:
Ik word hier door iedereen voor al mijn behoeften verzorgd, en er zijn een aantal die met me omgaan tot op het punt waarop het lijkt op vriendschap, maar de enige persoon die ik nou echt nodig heb is verdwenen in het niets.

De dagen kruipen voorbij. Ik heb elke nacht de meest afschuwelijke nachtmerries, over Paige die wordt opgejaagd, gemarteld, vermoord. Ik kan nauwelijks een hap door mijn keel krijgen. Ik loop rond als een soort zombie. Ik mag niet naar buiten om Charlie uit te laten, dus wanneer John dat doet maakt hij foto's en filmpjes voor me, van hoe Charlie rondrent en speelt.
Vooral met hem en Paxton raak ik vrij goed bevriend. We praten veel, ook over Johns vrouw Michelle en Paxtons verloofde Lucy. Ze begrijpen mijn ziekmakende angst maar al te goed, aangezien hun baan er soms ook voor zorgt dat hun partners in gevaar dreigen te komen.
Een dag of zes na het bezoek van Paige, zitten we met zijn allen te ontbijten in de kantine van het gebouw. Uit het niets gaat ineens de grote televisie die aan de muur hing aan, en iedereen kijkt met een ruk op.
Ik zie Paige op het beeldscherm, via een camera die waarschijnlijk op een schouder of aan een kraag vast is gemaakt. Ik breng verstikt haar naam uit en het voelt alsof mijn hart verkrampt. Ze staat in een voor mij onbekend appartement. Ze kijkt naar de eigenaar van de camera, met een blik die me vertelt dat het een familielid van haar is. Ze kijkt de persoon heel lang strak aan. Dan zegt ze: ‘Wat doen we hier, vader?’
Aha. Hij is het dus. Ik vraag me af of hij dit doet om mij te kwellen, of zijn dochter. Hij speelt hele enge spelletjes.
‘Ik ben hier om open kaart met je te spelen, dochterlief. Het heeft geen zin om dingen voor je achter te houden. Je hebt het recht om te weten wat ik gedaan heb.’
Ik zie Paige een klein beetje verbleken en ze verplaatst haar gewicht iets.
‘Wat heb je gedaan, dan?'
Hij antwoordt niet, maar ik zie dat hij zijn telefoon tevoorschijn haalt en een audiobericht af begint te spelen. Paige, die er toch al niet heel opgewekt uitzag, verbleekt nog meer wanneer zijn mobiel opeens een afschuwelijk geschreeuw laat horen; geschreeuw van iemand die heel erg klinkt zoals ik. Natuurlijk weet ik niet precies hoe mijn stem klinkt, maar ik heb het vaak genoeg op video gehoord om te weten dat dit net ander is, en bovendien kan ik dit niet zijn, want haar vader heeft me nooit gemarteld tot ik de longen uit mijn lijf krijs.
Heel lang is Paige stil, en haar vader ook, en het enige wat te horen is het geschreeuw, maar dan zegt ze: ‘Dit is niet Nathan. Ik weet niet hoe je aan iemand komt die zo verdacht veel als hem klinkt, maar dit is niet Nathan. Het is net anders. Ik kan het horen. En denk je nou echt dat ik die camera niet heb gezien? En we praten Engels. Dit is niet echt.'
Vanir lacht kort.
'Denk je nou echt dat er thuis niet een hele hoop familieleden staan te trappelen als een tochtende teef om jou live huilend ineen te zien storten? En bovendien spreekt iedereen die dit zien en horen mag Engels, dus dit beschermt ons tegen amateuristische Russische pottenkijkers,' legt hij uit, wat bullshit is, want het is duidelijk wel gewoon voor mij bedoelt. Alles wat hij zegt is echter gewoon net geen leugen, zeker omdat hij een vraag stelt.
'Onzin,' zegt Paige, maar dan begin "ik" weer te schreeuwen en krimpt ze een beetje ineen. 'Houd daar mee op. Ik weet dat hij het niet is. Wie is dit, eigenlijk? Heb je gewoon serieus de hele wereld afgezocht naar iemand die net als Nathan klinkt, gewoon zodat je die kan martelen om mij te foppen? Kom op, zeg.'
Het afschuwelijke gekrijs houdt aan en ik zie Paige nerveus worden.
‘Ik ben het niet,’ breng ik verstikt uit, alsof ze me zo zou kunnen horen.
‘Wat kom je hier doen?’ vraagt Paige. ‘Kom je me vermoorden? Heb je daar een of andere vreemde opname van geschreeuw voor nodig?’
‘Ik wil je niet vermoorden. Ik wil dat je terugkomt naar Rusland,’ antwoordt Vanir.
Paige lacht honend, ook al weet ze dat hij geen grapje maakt.
‘Nooit,’ zweert ze.
‘Je overtreft je broers op bijna alle vlakken. Je bent slim en laat je door niemand tegenhouden. Dat is precies wat ik nodig heb als nalatenschap. Grigory doet wat ik zeg, maar diep vanbinnen is hij er niet voor gemaakt en haat hij me. Vadìm is sterk, maar hij is een impulsief heethoofd. Dennis is kil genoeg om mensen genadeloos te martelen, maar hij geeft te weinig om de diplomatie en organisatie van het vak. Jij bent precies goed, als je aan mijn kant zou staan,’ legt hij uit.
‘Ik zal nooit aan jouw kant staan,’ sist ze.
‘Misschien niet,’ geeft Vanir toe. ‘Maar het zou een wederdienst kunnen zijn. We weten allebei dat er niets op aarde is dat jij belangrijker vindt dan Nathan. Je zou kapotgaan van verdriet als hem iets overkomt. Toch?’
Paige antwoordt niet, maar haar gezicht spreek boekdelen. Vanir verwacht geen antwoordt en gaat gewoon verder.
‘Je hebt die opname net gehoord. Misschien geloof je me nu nog niet, maar daar komt wel verandering in,’ vervolgt hij. ‘En je zult breken. Je hart zal volledig verscheurd zijn. Je zult slechts een schaduw zijn van je vroegere zelf. Dat weten wij allebei. En ik kan je helpen. Ik kan de pijn wegnemen. Je weet dat ik dat kan doen. Ik kan ervoor zorgen dat je niet meer zult rouwen, en dat je niet meer om hem zal geven.’
Ik weet waar hij het over heeft. Paige heeft me wel eens verteld dat haar vader mensen tot op een zekere hoogte kan hersenspoelen. Ze heeft het zien gebeuren.
Hij noemt het herprogrammering, wat gewoon een hele dure term is voor een hele afschuwelijke werkelijkheid: Hij martelt mensen terwijl hij hen met alles herinnert aan een bepaald persoon. Daar gaat hij net zo lang mee door tot het brein van zijn slachtoffer die specifieke persoon (vaak een geliefde) associeert met de meest afschuwelijke pijn ooit, waardoor er vanzelf een soort haar ontstaat. Dat is wat hij voorstelt. Hij wil Paige martelen tot ze niet meer van me houdt.
‘Fuck off,’ zegt Paige. ‘Dit is Nathan niet.’
Vanir zet het geluid harder en zet en paar stappen in haar richting, waardoor ze automatisch achteruitloopt. Uiteindelijk komt ze al snel met haar rug tegen de muur aan. Ze zou kunnen ontsnappen. Ze zou weg kunnen lopen. Ze zou kunnen vechten. Ze zou zelfs kunnen winnen. Gemakkelijk. Maar wanneer het om haar vader slaat ze dicht. Hij is de God van haar jeugd. Ze weet niet hoe ze tegen hem in moet gaan, als ze elkaar recht aankijken.
Ze maakt een zacht geluidje wanneer hij haar kin tussen duim en wijsvinger neemt. Hij kantelt haar hoofd dusdanig dat ze hem aan moet kijken.
‘Luister dan,’ zegt hij zachtjes, en Paige ziet er misselijk uit.
Ik ken Paige heel goed. Goed genoeg om te weten hoe ik haar zou kunnen manipuleren, als ik dat zou willen. Ik zie dat Vanir dat ook weet.
‘Ik sterf nog liever dan dat ik aan jouw kant sta,’ zegt ze dan, en ze maakt zich van hem los. ‘Laat me onmiddellijk gaan of vermoord me. Één van de twee.’
Ik kerm binnensmonds dat ze hem niet uit moet dagen.
'Ik heb zo ontzettend veel meer aan je als ik geen van beiden doe,' antwoordt Vanir.
Hij zet het geluid iets harder, waardoor Paiges gezicht betrekt en ze haar hoofd wegdraait.
'Hou daarmee op,' piept ze zachtjes.
'Het is voor hem te laat,' zegt haar vader. 'Kom met mij mee en laat me alle rouw en pijn wegnemen. Neem je plaats in in mijn imperium en laat me je helpen om hem te vergeten.'
Ze schudt haar hoofd.
'Hij is het niet. Hou op. Hou er gewoon mee op. Stop die opname,' kermt ze, bijna smekend.
'Luister dan!' buldert hij uit het niets, zo hard dat ze opveert en zich met haar rug tegen de muur aan drukt. 'Is hij het? Agraishka, kijkt me aan en antwoord. Is hij het?!'
'Nee, hij is het niet,' jammert ze met tranen in haar ogen, en ik zie een litteken ontstaan van haar linkerbovenlip tot haar jukbeen.
Er gaat zoveel door me heen dat ik er niet eens op reageer. Ik ben het niet. Ik wil naar haar toe teleporteren, haar bij de schouders pakken, door elkaar schudden, en schreeuwen dat ik het niet ben.
'Kijk,' zegt hij. 'Dat bedoel ik.'
'Bullshit,' sist ze dan, met opeengeklemde kaken. 'Je mag me dan wel zo ver gekregen hebben dat ik ben gaan geloven dat hij het is, maar dat betekent niet dat het waar is. Bang voor iets zijn tot op het punt dat je erin begint geloven is niet hetzelfde als de waarheid.'
Nog voor hij erop kan reageren duwt ze hem van zich af en begint ze weg te lopen.
'Ik zie je wel weer bij de volgende poging,' zegt ze, en het beeld gaat op zwart.
Het wordt doodstil in de eetzaal. Dan worden alle blikken langzaam op mij gericht. Ik zit lijkbleek in mijn stoel, starend naar het zwarte beeldscherm.
'M-Maar ik was dat helemaal niet,' breng ik na een tijdje uit. 'Wa-waar is ze nu? Wat was dat?'
'We gaan proberen dit te achterhalen, oké?' zegt iemand, ook al krijg ik niet helemaal mee wie.
Ik kan alleen maar denken aan de afschuwelijke blik in Paiges ogen toen ze langzaam aan zichzelf begon te twijfelen, en aan hoe ze ineenkromp toen ze het geschreeuw hoorde, en aan het litteken op haar gezicht.
De rest van de dag bestaat uit een paar specialisten die proberen te achterhalen wat en wanneer het gebeurd is, en de beveiliging die nog wat verder wordt aangescherpt. Ik loop er maar een beetje hulpeloos tussendoor en blijf maar aan iedereen die in de buurt staat vragen of ze al weten waar Paige is. Niemand weet het.
Het is pas aan het eind van de middag wanneer er weer iets gebeurd.
'Waar is hij?' hoor ik ineens door de gangen galmen. Het is Paige. 'Vertel me waar hij is.'
Er proberen wat mensen antwoord te geven, maar ik heb niet het idee dat het tot haar doordringt.
Ik begin in de richting van het geluid te rennen, tot ik Paige met een bijna militaire doelmatigheid de hoek om zie lopen. Er lijkt een soort schok door haar heen te gaan wanneer ze me ziet, en ze rent naar me toen. Ik vang haar op en trek haar dicht tegen me aan. Ze begint hartverscheurend te snikken. Ik hoor dat ze iets probeert te zeggen, maar het lukt niet.
‘Ik was het niet, liefje,’ beloof ik haar zachtjes. ‘Ik was het niet. Hij probeerde je gewoon te manipuleren.’
Ik hou haar maar gewoon vast terwijl ze huilt van opluchting en knipper wat tranen uit mijn ogen. Ze klinkt zo ontzettend gebroken.
‘Shhhh. Oh, lieverd, het is oké. Ik ben oké,’ beloof ik haar.
Aangezien we vlak naast de kantine staan, leid ik haar daar voorzichtig naar binnen en laat ik haar zitten. Ik neem plaats op een stoel naast haar plaats en ze klimt meteen bij me op schoot, haar benen aan weerszijden van de mijne. Ze slaat haar armen om mijn nek en verbergt haar gezicht in mijn hals. Ik omhels haar en laat haar alle stress en angst naar buiten huilen.
Zelfs wanneer het snikken ophoudt en de tranen op zijn, blijven haar schouders af en toe even schokken, en ze houdt haar gezicht in mijn hals gedrukt. Uiteindelijk, wanneer ze weer helemaal gekalmeerd lijkt te zijn, trekt ze zich iets terug en kijkt ze me aan, alsof ze het zeker moet weten.
Ik leg mijn hand op haar wang en laat mijn duim over het litteken glijden, waarna ik me vooroverbuig en haar kus.
‘I-Ik zou het mezelf nooit vergeven als jij...’ begint ze, maar haar stem sterft weg.
Ik kijk haar gekweld aan.
‘Ik weet het, liefje,’ zeg ik zachtjes.
Uit het niets zie ik dat John aan komt lopen, en Paige schrikt wanneer ze ineens voetstappen hoort. Er gaat een schok door haar heen en ze kijkt verschrikt om zich heen, terwijl ik haar wanhopig gerust probeert te stellen. Wanneer ze ziet dat het gewoon een van de agenten is die haar een glaasje water aanbiedt, gaan haar schouders hangen en zegt ze een beetje hees: ‘Dank je.’
John knikt en geeft ons wat privacy. Paige drinkt wat en veegt de tranen weg. Ik houd mijn armen om haar middel en vraag: ‘Hoe lang kun je blijven?’
Ze aarzelt.
‘Ik denk... Ik denk dat ik misschien wel tot morgenochtend kan wachten.’
Dat is veel te kort, maar ik knik snel. Het is zo ontzettend veel beter dan niets, en ik ben bereid om me vast te klampen aan het kleinste beetje dat ze me kan geven.
'Wat is er precies aan de hand?' vraag ik. 'Waarom... Waarom deed hij dat?'
Paige aarzelt even.
'Aan de ene kant stuurt hij allemaal mensen om me te vermoorden, en aan de andere kant vindt hij het enorm leuk als het ze niet lukt. Hij zou het niet erg vinden als ik doodga, maar het liefst wil hij me gewoon terug naar Rusland halen. Hij neemt het hele FBI-gedoe nog niet heel erg serieus. Hij ziet het niet als een echte bedreiging,' antwoordt ze dan. 'Hij heeft iemand gemarteld die heel erg als jou klinkt, want het zou teveel moeite zijn om jou hier echt weg te halen en te martelen. Zo hoopte hij me dusdanig te breken dat hij me gewoon mee kon nemen naar Rusland. Ik weet niet wat hij nu gaat doen. Ik vraag me af wat er gaat gebeuren wanneer hij het wel serieuzer begint te nemen. Ik ben constant bezig met het verzamelen van bewijsmateriaal, dat ik doorstuur naar George Corrans, en ik... Nathan, ik denk echt dat we een hele sterke zaak hebben. Het zou wel eens genoeg kunnen zijn om hem te stoppen, misschien. Ze hoeven alleen maar de elite op te pakken. De rest werkt eigenlijk alleen maar voor mijn vader uit angst en zal alleen maar blij zijn als hij wordt opgepakt.'
'Denk je dat echt?' vraag ik. Het voelt zo bizar dat het misschien gewoon over zal zijn.
'Dat denk ik echt.'
'Alles komt goed, toch?' vraag ik kleintjes.
Ze knikt en glimlacht waterig. Ik geef haar een knuffel.
'Alles komt goed,' zegt ze zacht.

Reacties (2)

  • BethGoes

    Hoe komt Paige zo snel weg van die vader? Laat hij haar gewoon weglopen?

    1 jaar geleden
    • AmeranthaGaia

      Ja, hij neemt de hele FBI-dreiging nog niet heel serieus en denkt dat hij Paige uiteindelijk wel zo ver krijgt om terug te komen. Bovendien was hij alleen en begint hij oud te worden. Hij zou er niet in slagen om Paige op dat moment met geweld mee te krijgen.

      1 jaar geleden
  • Sunnyrainbow

    Ik hoop zo dat het snel voorbij is voor Paige!

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen