Foto bij Étape trois.

I'm still alive but I'm barely breathing
Just prayin' to a god that I don't believe in

"They say bad things happen for a reason"

Het is inmiddels een week sinds mijn openhartige gesprek met moeder, in haar majestueze slaapkamer. En het is tevens een week geleden dat zij is overleden. Ik kan nog steeds niet bevatten dat mijn steun en toeverlaat, mijn liefste vriendin en tevens mijn moeder, er niet meer is. Een zacht briesje doet mijn perfecte gestylde haar wuiven, en mijn zwarte satijnen jurk om mijn enkels zwieren. De begrafenis van moeder is maar een sombere beleving. Ik weet natuurlijk wel dat het hoort, al dat zwart en de droevige, melancholische muziek.. Maar zo was moeder niet. Moeder was een persoon, die altijd vrolijk en opgewekt was. Ze hield van de bossen rondom Pontoise. Ze was bijna altijd onder de deken van boomtoppen te vinden, en vaak op Pegasus, haar prachtige bontgekleurde paard. Met een licht gebaar van mijn hand, maak ik Vicky duidelijk dat het tijd is om te gaan. Fier sla ik mijn zwarte cape iets steviger om mijn schouders, en zet een stap voorwaarts. De dominee maakt een gebaar naar een krans van witte rozen, moeders lievelingsbloemen. Voorzichtig zoek ik de mooiste uit, en stap richting mijn moeders kist. De kist ziet er prachtig uit, en moeder ligt er vredig bij, maar toch lijken mijn gevoelens van verdriet te overheersen. Een traan brandt in mijn ooghoek, een uitweg zoekend in het web van gevoelens dat hem wanhopig probeert tegen te houden. Met gebogen hoofd stap ik nog een stap nader, en leg met een sierlijk, eerbiedig gebaar de roos op de rijkelijk bewerkte kist. Een seconde schreeuwt alles aan mij om moeder, die onbeweeglijk maar vredig in haar kist ligt, te omarmen en niet meer los te laten. Maar in naam van haar eer, en de mijne, moet ik nu uitrijden naar Marseille. Sierlijk draai ik mij om, en pretendeer dat ik gevuld met verdriet een uitweg zoek. Mijn cape wappert achter mij aan, terwijl ik mij door de rouwende mensen een weg baan richting de stallen. Daar aangekomen, glip ik geruisloos de stal van Eowyn, mijn schimmel, in. Op het moment dat ik mijn geliefde paard zie, druk ik mijn hoofd tegen haar warme, zachte hals. Zoals altijd, begrijpt Eowyn mij volkomen, en hoor ik haar zachte gebries naast mij. "Madame, we moeten opschieten." De dwingende, mannelijke stem laat mij opschrikken uit mijn moment van rouw. "Daniél! Wat doet u hier?" De stalhulp van Chateaux Douillet, Daniél, haalt even onverschillig zijn schouders op. "Vicky heeft mij ontboden om u te beschermen, als u uitrijd naar Marseille. Als u het niet erg vind, madame, vergezel ik u op uw reis." Het aanbod klinkt aanlokkelijk, ik zou veel aan Daniél hebben. En daarbij- hij was uiterst intelligent gezelschap. "Goed, Daniél. Zadel Knight maar." Een grinnik van zijn kant volgt. Een tikkeltje verbaasd volg ik de stalhulp met mijn ogen, en zie hem triomfantelijk de teugels van het grote, zwarte jachtpaard vasthouden. Humeurig slaak ik een zuchtje, en begin snel met het zadelen van Eowyn. Na enkele minuten, als wij gereed zijn voor de lange ruis door de heuvels, galopperen Daniél en ik gezamenlijk de poort van Chateux Douillet uit. Het wijde Franse landschap ligt in al haar glorie op ons pad, maar ondanks dat- ben ik niet van plan op te geven. Nooit.

Reacties (6)

  • Strengthless

    ah, je schrijft geweldig!

    9 jaar geleden
  • Sucrose

    prachtig geschreven
    snel verder <33
    -x

    1 decennium geleden
  • WhenItRains

    jij kan echt goed schrijven!
    moet je niet een eigen boek maken?:D
    snel verder!

    1 decennium geleden
  • Capricious

    Awh, super mooi hoe je haar gevoelens omschrijft. O:
    Snel verder !

    1 decennium geleden
  • xoTess

    Echt heel mooi! Snel verder alsjeblieft:)

    1 decennium geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen