fester is een schat. we houden van fester

Na een niet bepaald succesvolle vlucht weg naar het zwaardvechten, waar het enige wat ik had geleerd was dat ik niet met zwaarden om kon gaan, besloot ik om wat te gaan doen aan mijn plantenkennis. Ik herkende de jongen die daar zat. “Hi, was jij niet Fester?” vroeg ik. “Uit Zeven?”
      Hij keek op. “Ja, hoezo?”
      Bingo. Dat leren van namen bleek dus toch ergens goed voor te zijn. “Oh gewoon. Nieuwsgierigheid,” legde ik uit. “Ik vind dat ik moet weten hoe iedereen heet. Dan is er tenminste nog iets waarmee ik me mee bezig kan houden.”
      “Is te begrijpen, ja,” knikte hij.
      “Heb jij nog iets dat je wil doen voor je de kooi des doods in wordt gegooid?” Wauw, Chrysa. De kooi des doods. Clara had een permanente impact op me geleverd, misschien moest ik haar straks nog maar eens opzoeken, als ik de tijd had.
      “Niet echt, denk ik.”
      Het viel even stil, en ik dacht na over een gespreksonderwerp. Wat wist ik over Fester? Mijn hoofd schoot terug naar de Boete. Hij bood zich aan voor zijn broertje, wiens naam ik me dan weer niet kon herinneren. Toch besloot ik er maar gewoon voor te gaan. “Hoe belangrijk is je broer voor je?”
      Hij bleef strak naar de planten staren. “Zo belangrijk dat ik mijn leven voor hem waag. Hoezo?”
      “Alweer, nieuwsgierigheid.” Gespreksonderwerpen? “En je ouders?” Familie was altijd een goede optie als gespreksonderwerp, toch?
      “Ook belangrijk.” Iets aan hoe kortaf zijn antwoord was deed me vermoeden dat familie niet altijd een goede optie als gespreksonderwerp was. Misschien had ik dat moeten weten, gezien Revans reactie gisteren op die vraag, en, oh, mijn eigen situatie?
      “Die van mij ook.” Wauw, Chrysa. Wat een geslaagde poging om het gesprek te redden.
      “Het is logisch dat ze dat zijn.”
      “Zijn,” kwam er uit mijn mond voor ik over mijn woorden nadacht. “Zeg maar gerust waren.”
      Fester keek me voor de eerste keer aan, vragend. “Hoezo dat?”
      “Er was een fabriek. Die stortte in.” Simpel. Kort. Zodat ik er zo min mogelijk over hoefde te praten. “Net als ik.”
      Het was even stil. “Ik begrijp het, ja.”
      “Fijn.” Mijn stem klonk zacht. “Dan ben je niet zoals sommige anderen.”
      “Sommige anderen? Wie bedoel je daar dan mee?”
      “Hartelozen.” De mensen uit het weeshuis, de kinderen op school - niet alleen zij die ik actief mijn vijanden noemden, maar ook zij die ik als vrienden zag, omdat ze plots verdwenen toen ik hun steun zocht. “Mensen die hun hart niet verliezen in de arena, omdat ze het al weggegooid hebben voor ze de Spelen inkomen.”
      De jongen tegenover me trok een wenkbrauw op. “Ik zeg bij voorbaat dat ik niet weet hoe het is om ouders te verliezen, maar ik kan me er wat bij voorstellen.” Hij zuchtte.
      “Ik denk dat je het wel kunt.” Ik kon mijn stem horen breken, maar ik ging door. Fester luisterde aandachtig. “Stel je voor dat je op het podium staat, tijdens de boete. Je hebt de Spelen overleefd, je denkt dat je de wereld aankan. En dan zie je het opengevouwen briefje. Je hoort de stem van je escort die ene naam uitspreken waarvan je bad dat hij niet zou worden uitgesproken. En dan stort je wereld, die ene die zojuist nog aan je voeten lag, in.”
      “Dat is waar, ja.” Ik kreeg een zorgzame blik toegeworpen. “Jij hebt zeker niet de kans gekregen ze te redden?”
      “Ik was elf. Als ik de kans kreeg, had ik hem gegrepen met beide handen, ook al kostte het mijn leven. En ik begrijp nu dat ik wel degelijk die kans heb gekregen, maar ik heb hem niet genomen. Omdat ik niet wist wat er aan de hand was.”
      “Het is naar, ja.” Met een zucht kromp Fester ineen.
      “Hé, we hebben hetzelfde probleem. Waarschijnlijk gaan we allebei binnenkort dood.” Erg opbeurend klonk het niet.
      “Ik weet het, ja, en dat komt alleen maar door mezelf.”
      “Het komt niet door jou. Het komt door het Capitool. Als zij dit verschrikkelijke spel niet hadden ingevoerd, zaten wij hier niet.”
      “Als ik mezelf niet had aangeboden, zat ik hier niet. Als ik die nacht niet mijn broertje had gered, had hij ook geen kans gehad om getrokken te worden, en door dit dood te gaan.”
      Ik keek hem verbaasd aan. “Gered?”
      “Ja.”
      “Waarvan?”
      “Ons huis brandde een paar jaar geleden af, zo rond middernacht.”
      Het bleef even stil tussen ons twee. Toen zei ik: “Zo moet je niet denken. Je had hem twee keer kunnen redden. Dat heb je twee keer gedaan. Hij zou trots op je zijn.”
      “Het is wel de waarheid.” Even zweeg hij. “Maar je hebt gelijk.”
      “Je moet niet denken dat je iets fout hebt gedaan,” vervolgde ik, blij dat ik hem te hulp kon schieten. “Geef jezelf de schuld niet. De eerste keer was het misschien niet zo, maar het is nu de schuld van het Capitool dat jij hier bent, dat hij hier had kunnen zijn.”
      “Ja ja, ik weet het nu wel. Laat maar dan.”
      “Soms wilde ik dat ik de tijd terug kon draaien,” fantaseerde ik, terwijl Fester me aandachtig aankeek. “Dat ik terug kon gaan om dat ene moment opnieuw te beleven. Maar ik denk dat iedereen dat wil.”
      “Inderdaad, ik heb dezelfde wens.”
      “Helaas doen die er niet toe, onze wensen.”
      We zuchtten tegelijkertijd. “Het is waar, ja.” Fester staarde naar de planten, en ik staarde met hem mee.
      “Realiteit is vaak hard. Als je weg probeert te dromen, geeft hij je een klap in het gezicht.”
      “Vanwaar ineens al de diepe woorden?”
      Mijn hoofd schoot terug naar de Boete, naar het podium, de afscheidskamer, de trein. “Ik… ben van de diepe woorden,” besloot ik maar.
      “Fijn om te weten.”

Reacties (3)

  • Duendes

    Iets aan hoe kortaf zijn antwoord was deed me vermoeden dat familie niet altijd een goede optie als gespreksonderwerp was. Misschien had ik dat moeten weten, gezien Revans reactie gisteren op die vraag, en, oh, mijn eigen situatie?


    Ik ga huilen stop it :'D
    Chrysa is prachtig En zo 14

    1 jaar geleden
  • Samanthablaze

    “Hoe belangrijk is je broer voor je?”
    Tact is een illusie

    Hartelozen
    Beelden van Val die op de achtergrond met harten wegsluipt

    Ik… ben van de diepe woorden
    Sure honey

    Awh Fester wat een lieverd, love him

    1 jaar geleden
  • Wilbur

    “Heb jij nog iets dat je wil doen voor je de kooi des doods in wordt gegooid?” Wauw, Chrysa. De kooi des doods. Clara had een permanente impact op me geleverd, misschien moest ik haar straks nog maar eens opzoeken, als ik de tijd had.
    “Niet echt, denk ik.”

    why am i fester rn

    chrysa is so extra im gonna cry - bc its painfully recognizable, that is

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen