fuck it. kort hoofdstuk, filled to the brim with pure anxiety.

De ochtend voelde alsof ik een film bekeek waarin alle gebeurtenissen in een sneltreinvaart aan me voorbij kwamen, een film waarin ik de hoofdrol speelde. Wat ik dacht of wilde deed er niet meer toe, ik kon alleen toekijken. Vandaag was voor het eerst dat ik Crystals advies opvolgde: ik kon niet meer nadenken, alleen maar doen.
      Het voelde allemaal als een waas, een droom. Ik stond langs de zijlijn terwijl we, alle meisjes, op de hovercraft werden gezet. Ik voelde de grond niet eens meer onder mijn voeten toen we landden en ik van de hovercraft afstapte. Ik stond in een kamer waar ik me niet meer van herinnerde hoe ik er was gekomen, waarin Athenus me een simpele zwarte outfit gaf - een shirt en een broek met roze details, de kleur van Acht. Het stuk stof van Kitty’s jurk kwam wat losser toen ik het shirt over mijn hoofd trok, en ik knoopte het opnieuw om. Athenus strikte de veters van mijn wandelschoenen. Ik kon me niet herinneren dat ik dat ooit gevraagd had, maar ik was hem voor het eerst toch wel dankbaar omdat ik nooit had geleerd hoe ik veters moest strikken.
      Wat Athenus zei vlak voordat ik wegliep richting de plek die voor mij bestemd was ging aan me voorbij. Stemmen om me heen vulden de ruimte, bemoedigende dingen die Crystal tegen me had gezegd, het koude advies wat River me had gegeven, een gemengde stem van Clara en Tyler die riepen dat ze voor het eten kwamen, Simon die zich in de trainingsruimte verontschuldigde tegen me voor al die jaren, Kitty die snikte. Langzaam vormden er beelden bij de woorden, terwijl ik stil ging staan op mijn plaats, en verdween de realiteit om me heen. Ik hoorde Crystals blije opmerkingen terwijl ik een portret van mezelf aankeek, het cijfer zeven ernaast weergegeven. Ik zag Revan grijnzen, de woorden “je bent een bijzonder meisje” net niet overeenkomend met wanneer hij zijn lippen bewoog. Ik hoorde het publiek klappen en juichen terwijl ik op de kar van het verkeerde district stond. Ik keek direct het publiek in vol met mijn districtgenoten, terwijl Lucy schreeuwde dat ze me niet mochten meenemen. Ik zag de boogschiethal voorbij komen waar de lach van Mira doorheen galmde. Ik hoorde de regen kletteren op het grasveld toen ik alweer voor het eerst de diepgroene ogen van Revan inkeek.
      Ik voelde een hand een lok achter mijn oor vegen, terwijl mijn moeder me een fijne dag wenste, en mijn vader riep “tot vanavond!”, en ik wist precies welke dag het was. Ik schreeuwde dat ze moesten blijven, en toen ze niet reageerden rende ik op ze af, toen ik met een klap tegen een onzichtbare muur liep.
      De herinnering was verdwenen, het was doodstil. Ik zag de tributen om me heen, ik zag mezelf in de buis. Ik stond in de buis en voelde de grond onder me stijgen. Mijn borstkas bewoog zich nog steeds snel op en neer. Ik probeerde mijn armen te bewegen, maar de muur hield me tegen. De buis steeg verder, het licht verdween langzaam, en ik bonkte op de muur die ik niet meer zag, alleen nog maar voelde. Ik zat vast, ik kon niet weg, ik kon alleen nog maar wachten. Wachten op het licht, wachten op het aftellen, wachten tot ik weer mocht bewegen. Wachten op een slachting, op een zekere dood, of op zijn minst wachten op het moment dat mijn vleugels zich rood kleuren van het bloed en ik veranderde in een monster.

Reacties (1)

  • Samanthablaze

    Welkom in de hel! Nu wordt het echt gezellig

    2 maanden geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen