Het laatste stuk van het vorige hoofdstuk:
'Nooit meer zorgen maken is wel heel onrealistisch,' geeft ze toe. 'Maar we kunnen het wel proberen. Ik zal het proberen. Dat beloof ik je.'
Ik houd haar nog iets strakker tegen me aan, en ik ben bijna bang dat ik haar aan het verstikken ben, maar ze lijkt het geen probleem te vinden.
Zachtjes zeg ik: 'Ik beloof het ook.'

Twee maanden later is er zo weinig veranderd, en toch is alles beter. Paige en ik wonen nog steeds in ons appartement, en we werken allebei nog steeds niet, terend op haar moeders erfenis. Maar ze is inmiddels wel weer vrijwel helemaal genezen van haar beenwond, ook al is haar conditie nog niet wat het was. Mijn ouders zijn inmiddels officieel gescheiden en mijn vader woont sinds een tijdje in een eigen appartement. Het gaat goed met Charlie. Het gaat goed met Hailey en Marco. Het gaat goed met Paige en mij. Het gaat gewoon goed.
Die ochtend, wanneer Paige aan het douchen is en ik me net heb aangekleed, raak ik in de slaapkamer afgeleid door mijn camera. Ik scroll afwezig door de map in mijn bibliotheek van foto’s van Paige. In één foto glimlacht ze ogenrollend naar me vanachter een kopje koffie, geërgerd aan het feit dat ik altijd maar foto’s van haar wil maken. In één foto zit ze in haar rolstoel in het park, toen ze nog niet zo lang kon lopen, en aait ze Charlie. In een andere foto is het ochtend, dus ze draagt alleen een onderbroek en een shirt van mij om in te slapen. Ze heeft net gedoucht, dus ze heeft een handdoek op haar hoofd voor haar haar. Ze is net thee aan het inschenken, zich niet bewust van de camera.
Ik bekijk foto na foto en word telkens weer een beetje verliefder op haar.
Na een tijdje hoor ik dat ze inmiddels klaar is met douchen en naar de woonkamer is gelopen. Beseffend dat ik een beetje te lang afgeleid ben geweest, loop ik ook de slaapkamer uit.
Ik vind haar in de keuken. Ze gaat op haar tenen staan en strekt zich ver om bij het bovenste kastje te kunnen komen.
‘Stop,’ zeg ik, alsof het heel dringend en belangrijk is. ‘Blijf even zo stilstaan.’
Ze verstart. De verwarring straalt van haar af.
‘Oké… Waarom?’ vraagt ze, geheel terecht.
Ik grijns. ‘Gewoon, vanuit deze positie heb ik eventjes extreem goed uitzicht op je kont.’
Ik kan horen hoe ze niet in lachen uit probeert te barsten en ze werpt me over haar schouder een zogenaamd beledigde blik toe. Toch wiebelt ze heel even plagerig met haar heupen voor ze een glas uit het kastje haalt en weer gewoon gaat staan. Ze zet het glas neer op het aanrecht en loopt even naar mij toe. Wanneer ze haar handen op mijn schouders legt en een zacht kusje op mijn lippen drukt, laat ik mijn armen om haar middel glijden.
‘En ik maar denken dat jij meer een borstenman was,’ zegt ze lacherig.
Ik kan het niet laten om haar nogmaals te kussen en te zeggen: ‘Misschien ben ik stiekem wel allebei. Ik hou van alles van jou, en ik vind alles van jou mooi. Dan kun je toch niet van me vragen om zo’n keuze te maken?’
Ze rolt met haar ogen, maar ze zoent me wel weer, dus het zit wel goed.
Ik verbreek met enorme tegenzin de kus en zeg: ‘Maak me maar even niet al te enthousiast over al dat alles van jou, want mijn vader komt zo langs en ik wil niet dat hij ons betrapt bij...’ Ik grijns even, met een brutale twinkeling in mijn ogen ‘... activiteiten die eigenlijk alleen bij gehuwde stellen mogen van de kerk.’
Paige rolt met haar ogen en schenkt wat water voor zichzelf in.
‘Je vader is niet eens religieus,’ zegt ze, terwijl ze een slokje neemt.
‘Nee, maar toch vermoed ik dat hij zijn zoon liever niet betrapt wanneer hij ballendiep in zijn vriendin zit,’ opper ik.
Paige verslikt zich en kijkt me met grote ogen aan. Dan moet ze lachen.
‘Nathan, Jezus, doe eens niet zo grafisch. Dat is bijna wel het ergste dat je ooit gezegd hebt,’ sputtert ze, waarna ze de rest van het water opdrinkt. ‘Nou, om te voorkomen dat hij je balle- nee, ik kan het gewoon echt niet over mijn lippen verkrijgen. Ik... Ik ga Charlie wel even uitlaten, want dat moet ook nog gebeuren, en dan ontvang jij je vader wel even. Ik zie jullie zo wel weer.’
Ik grijns even en geef haar nog een laatste kus.
‘Is goed, liefje. Doe voorzichtig,’ zeg ik.
‘Natuurlijk,’ belooft ze me. En daarna: ‘Ik hou van je.‘
De woorden laten zoiets krachtigs in me opvlammen dat ik haar naar en toe trek en opnieuw kus. Uiteindelijk is zij degene die de zoen verbreekt, maar ze kan het niet laten om me nog een laatste kusje na te geven.
‘Ik hou ook van jou,’ zeg ik terwijl ze Charlie roept en haar schoenen aantrekt.
Niet lang daarna wordt er aangebeld en laat ik mijn vader binnen. We omhelzen elkaar, ook al voelt dat voor mij nog steeds een beetje onwennig. Ik ben niet vergeten hoe de afgelopen acht jaar zijn geweest.
‘Hoi. Ik kwam net Paige nog tegen bij de trappen. Het gaat goed met haar, hé?’ merkt mijn vader op.
Ik knik en kijk toe hoe hij zijn jas uittrekt.
‘Ja,’ zeg ik. ‘Ja, inderdaad. Ze is echt heel erg vooruitgegaan. Het is nu eigenlijk alleen nog maar een kwestie van het opbouwen van haar conditie.’
Mijn vader knikt.
‘Ja, maar... niet alleen het fysieke,’ legt hij uit, waarna hij naar zijn gezicht gebaart. ‘Ik kon het zien in haar ogen.’
Ik knik mijn hoofd een beetje afwezig. De nachtmerries zijn nog niet weggegaan. Bij haar niet, en bij mij niet. ‘s Nachts, wanneer ze slaapt, kan ik soms alleen nog maar denken aan hoe het was toen ze in coma lag, en dan voelt het alsof ik uiteen gescheurd word. En zelf ligt ze soms ook lang wakker, piekerend over alles wat ze heeft moeten doen om hier nu naast mij in bed te kunnen liggen. Het is niet makkelijk. Maar toch...
‘Ja. Het gaat beter. Met ons allebei.’
We lopen naar de woonkamer.
‘Wil je iets te drinken?’ vraag ik, maar hij schudt zijn hoofd.
‘Nee, zometeen misschien,’ zegt hij.
Ik pak zelf wel een glas water. De situatie is niet per se ongemakkelijk, maar wel stil. Waarschijnlijk verandert dat wel als Paige er is. Het helpt altijd als Paige bij me is. Dan gaat het altijd makkelijker, hoe moeilijk ik het soms ook nog vind om met mijn vader te praten. Ze is als de smeerolie die het gesprek soepel houdt.
Ik probeer wat over koetjes en kalfjes te praten, maar het gesprek valt al snel weer dood. Het is nog steeds niet ongemakkelijk, want we hebben deze stilte al vaak genoeg gehad, de afgelopen maanden, maar ik wil eigenlijk wel dat Paige zo snel mogelijk terugkomt.
Ik ga met mijn glas water bij het raam staan. Nadat ik een slok genomen heb, zet ik het glas in de vensterbank. Ik kijk naar buiten, naar hoe de winter langzaam vervaagt. Mijn vader komt naast me staan. In de weerspiegeling van het raam kan ik zien dat hij zijn hand optilt alsof hij die op mijn schouder wil leggen, maar hij bedenkt zich en trekt hem weer terug.
Ik kijk hem niet aan. We zeggen niets. Hij is biologisch mijn vader, maar hij zal nooit meer mijn vader zijn op de manier die hij had kunnen zijn. Er is te veel pijn, in het verleden. We kunnen niet terug. We kunnen het niet veranderen. Er is veel gebeurd. Te veel om te vergeten, maar misschien niet te veel om te vergeven. Ik vraag me af of dat genoeg is. Hij heeft in stilte toegekeken terwijl mijn moeder recht in mijn gezicht schreeuwde dat ze wilde dat ik dood was gegaan in plaats van Blueberry.
We staan daar maar, in stilte, tot ik ineens breek. Ik draai me naar hem om en sla mijn armen om zijn middel. Hoewel we even lang zijn, verstop ik mijn gezicht in zijn hals alsof ik een klein jongetje ben. Hij omhelst me terug en wanneer hij over mijn rug begint te wrijven, begin ik te snikken. Ook zijn schouders voel ik schokken, en er druppelen een paar tranen op mijn kruin. We klampen ons stilletjes huilend aan elkaar vast. Hij drukt een kus op mijn haar en hij snikt zachtjes: ‘Het spijt me zo, jongen.’
Ik wil van alles zeggen. Dat ik zo alleen was. Dat het zoveel pijn deed. Dat het mij ook spijt. Dat ik zou willen dat ik genoeg was. Dat ik Blueberry mis. Er komt echter alleen maar een vervormd piepje uit mijn keel.
Ik kan me geen wereld voorstellen waarin alles anders was gegaan, waarin Blueberry het had overleefd en mijn relatie met mijn ouders niet kapot was gegaan. Ik kan me geen wereld voorstellen zonder pijn, waar ik mezelf niet jarenlang heb gehaten. En ik kan me ook niet zo goed voorstellen hoe de toekomst beter gaat kunnen zijn, tussen mij en mijn vader, maar ik dwing mezelf nu om toch even hoop te hebben.
We blijven daar even staan, steeds minder krampachtig. We willen allebei wel duizend dingen zeggen, maar we weten niet hoe, dus het blijf uiteindelijk maar gewoon stil. Tot de deur weer opengaat.
Charlie komt als een dolle op ons afrennen en springt tegen mijn vader aan, wat veel meer effect had gehad als hij een Sint Bernard was geweest.
'Ik ben thuis!' hoor ik Paige roepen.
Mijn vader en ik vegen snel ons gezicht schoon, waarna hij Charlie wat vertroeteld. Hij haalt een trainingssnoepje uit zijn zak en geeft het aan de hond. Daarna verschijnt er een frons op zijn gezicht.
'Ik... Ik heb mijn telefoon in de auto laten liggen,' zegt hij dan, waarna hij me verontschuldigend aankijkt. 'Ik ben zo terug.'
Ik knik. Hij zegt nog niet klaar te zijn voor een nieuwe relatie, ook al is de scheiding al rond, en ik geloof hem. Toch weet ik dat hij al wel bevriend is geraakt met een andere vrijgezelle vrouw, en het lijkt me waarschijnlijk dat die vriendschap uit zal groeien tot meer. Ze zitten constant te bellen en te appen. Met het geld dat hij van Paige gekregen heeft, heeft hij een eigen appartementje gekocht, dus ik kan niet zeker weten dat hij 's nachts geen amoureus bezoek ontvangt, maar ik denk niet dat hij er al klaar voor is.
Hij loopt de kamer uit, en Paige neemt zijn plaats in. Ze roept nog eventjes over haar schouder een begroeting naar mijn vader, en loopt dan met een glimlach naar mij toe.
Ze laat haar armen losjes om mijn nek glijden en strekt zich om me een kusje te geven. Ik leg mijn handen om haar heupen, genietend van het contact. Even laten we gewoon onze voorhoofden tegen elkaar rusten, maar dan heft ze haar hoofd om me aan te kijken.
‘Waar denk je aan?’ vraagt ze, haar stem zijdezacht, terwijl ze afwezig haar wijsvinger over mijn wang laat glijden.
Mijn handen liggen nog altijd op haar heupen. Met mijn duimen wrijf ik zachtjes over haar middel.
‘Aan hoeveel ik van je houd.’ Ik frons even. ‘En aan hoe je gehele gezicht in de schaduw zit, behalve je neus.’
Ze kijkt me met grote , beledigde ogen aan.
‘Wacht, pardon? Zeg je nou dat ik een grote neus heb?’ sputtert ze.
Ik schud haastig mijn hoofd.
‘Wat?! Je vroeg zelf waar ik aan dacht?! Niemand denkt over het algemeen aan iets normaals. Ik... Je...’ Ik schud mijn hoofd en herpak mezelf. ‘Je hebt geen grote neus. Het komt gewoon door de lichtval en... en het viel me op. Je hebt het liefste neusje dat ik ooit gezien heb.’
Om mijn antwoord kracht bij te zetten, geef ik nog een zacht kusje op de punt van het liefste neusje dat ik ooit gezien heb.
Ze moet erom glimlachen, dus ik doe het opnieuw.
Ik laat mijn armen om haar heen glijden en zij doet hetzelfde. Terwijl ze haar hoofd tegen mijn schouder rust, merk ik dat ze haar gewicht vooral op haar rechterbeen zet. Ik vraag me af of dat betekent dat de wond weer zeer doet. Dat gebeurt nog steeds, soms. De arts heeft ons een pijnstillende crème meegegeven, die we op het litteken kunnen smeren als het pijn doet. Meestal masseer ik het dan over haar huid voor haar, en lijken al haar pijn en zorgen weg te smelten, ook al is het maar voor even.
Ik wil vragen of we even moeten gaan zitten, maar net op dat moment vraagt ze zachtjes: ‘Gaat het, Nathan?’
Ik knik en wrijf even over haar rug, genietend van haar lichaam onder mijn vingertoppen.
‘Je hebt gehuild,’ merkt ze op. ‘Je vader ook.’
Ik wist wel dat haar dat niet zou ontgaan.
Ik aarzel even, maar zeg dan: ‘We hebben even gepraat. Het was emotioneel.’
Ze knikt en streelt wat patroontjes over mijn rug.
‘Dat is goed,’ constateert ze.
Ze maakt zich van me los en draait zich om naar het raam, en mijn glas water dat in de vensterbank ligt. Ze neemt er een slokje van. Wanneer ik achter haar kom staan, geeft ze het over haar schouder aan mij, zodat ik ook wat kan drinken. Na een paar slokken leg ik het glas alweer terug en laat ik mijn armen van achteren om haar middel glijden. Haar rug drukt tegen mijn borstkas, en ik vind het fijn om haar warme lichaam tegen het mijne te voelen. Heel lang ben ik bang geweest dat we hier nooit meer zo zouden staan.
De sneeuw is inmiddels weggesmolten, en er beginnen al wat bescheiden blaadjes aan de bomen te groeien. Een week geleden kwam Paige terug van het wandelen met in haar ene hand Charlies riem, en in haar andere hand een boeket van bloemetjes die ze langs de paden had gevonden.
Terwijl de voorjaarsplanten weer zijn groeien, is Paiges been ook weer zo goed als helemaal genezen. Haar familie zit nog ergens in de cel, wachtend op hun executie, en daar slaapt ze slecht van. Ze slaapt slecht van wel duizend verschillende dingen. En ik ook. Maar we veranderen mee met de seizoenen, en we zullen er wel weer bovenop komen. We zullen misschien niet herstellen, want herstellen impliceert dat we weer precies zullen zijn zoals we waren. Maar we zullen dit wel overleven, en we zullen weer teruggroeien, ook al zijn we dan misschien een beetje anders dan vroeger.
De vogeltjes zijn buiten al hun nestjes aan het bouwen, en ook Paige en ik maken dit voorjaar weer een nieuw thuis. Wanneer ik door het raam naar de wereld voor me kijk, zie ik dat de zon geler en warmer lijkt dan de afgelopen maanden. De sneeuw waar Paige liep toen Jack Lockley haar ontvoerd heeft is weggesmolten. De sneeuw die rood kleurde van haar bloed toen Dennis haar neerstak ook. Het heeft plaatsgemaakt voor gras, groen en fel en altijd in beweging.
Als ik het raam opendoe, weet ik zeker dat ik het kan ruiken. Het is dynamisch en krachtig en oeroud en levendig en zo, zo zacht, als een deken van groen. Het is de geur die beren wakker maakt uit een diepe, duistere winterslaap, en de geur die ons wakker maakt uit een diepe, duistere tijd.
Het is lente.

Hoi lezers! Hierna volgt nog één hoofdstuk en daarna de epiloog. Daarna is dit verhaal helaas afgelopen. Neem alvast even een kijkje bij mijn volgende story:

https://www.quizlet.nl/stories/165654/truthful-lies-16--scarred-prequel/

Reacties (1)

  • BethGoes

    Ik ben zooo blij dat Paige uiteindelijk niet is dood gegaan! En ik ben zeer benieuwd naar de prequel!

    1 maand geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen