Zonder het goed te beseffen wandel ik de steeg binnen. Recht naar de piano en speel die ene melodie. De klik weerklinkt en ik duw de deur open. Ik wandel de gang in zonder nadenken. De houten vloer veranderd in een stenen pad. De muren veranderen in kleurrijke bloemen. En een geluid van water komt me tegemoet. Aan het einde van de gang houd ik halt en doe deur open. Ik leg mijn spullen op de piano en ga naar buiten. Ik plof neer in het zand en sla mijn armen rond mijn opgetrokken benen. Het was me vandaag de dag wel. Ik voel me moe maar goed. Vandaag voel ik iets wat ik in lange tijd niet meer heb gevoeld. Het gevoel dat ik iets heb betekend. Dat ik nuttig was. Ik sta op en wandel met blote voeten door het water. In de verte zie ik iemand bij het prieeltje staan. Ik ben hier blijkbaar niet alleen. Langzaam kom ik dichterbij en zie dat deze persoon op de grond zit, in een soort meditatiehouding. “Hallo?” vraag ik zacht. De persoon lijkt me niet te horen. Ik ga nog wat dichterbij en zie dat het een man is, maar ik kan zijn gezicht niet zien. Ik klop op het hout en de man verschrikt. “Het spijt me, ik wou u niet doen verschrikken.” Zeg ik snel. De man staat snel op en komt dichterbij. Ik zet snel een stap naar achteren want dit vertrouw ik niet. Wat is hier aan de hand… Ik wil naar zijn gezicht kijken, alleen draagt hij een masker. Ik merk dat hij ook een stap naar achteren heeft gezet. “Wat is dit…” zeg ik zacht. “Ik vraag me hetzelfde af.” Zegt de man snel. “Je draagt een masker van bloemen..” vervolgd hij. “En jij een masker van stenen.” Antwoord ik. Een reactie van de man volgt die ik niet begrijp. Hij begint luidop de lachen. “Ik wist dat deze plek raar was maar zo raar had ik nooit gedacht. Ik kom hier al een tijdje om tot rust te komen maar ik heb hier nog nooit iemand anders gezien.” Verklaart hij zichzelf. Mijn hersens draaien op volle toeren om hier een verklaring voor te vinden en er is er maar eentje die logisch is. “Ik denk dat we elkaar niet mogen zien, zodat deze plek verborgen blijft.” “Klinkt logisch wel.” Zegt hij schouderophalend. “Wel, dan ga ik maar…” zeg ik als ik me al omdraai om weg te wandelen. “Wacht, je bent de eerste die ik hier tref, mag ik wel je naam weten?” vraagt hij snel. Ik draai me om en een glimlach speelt op mijn lippen. “Amelia” zeg ik zacht waarna ik mijn weg vervolg. “Ik hoop je nog eens te zien!” roept hij nog. Ik reageer niet en wandel verder. Als ik terug in het huisje ben kijk ik in de spiegel. Het masker is weg… Oké, dit is teveel voor 1 dag. Ik schud de gedachte van me af en loop door de gang. . Het geluid van water ebt weg op de achtergrond. De kleurrijke bloemen veranderen in een muur. Het stenen pad verandert in een houten vloer. Ik open de buitendeur en stap naar buiten. De deur valt vanzelf dicht en ik hoor hem op slot gaan. Ik wandel de steeg uit en in de verte zie ik de winkel al. De deur duw ik open en begroet Richard met een knuffel en ga naar achteren. Een douche later zit ik lekker in de zetel. Richard komt naar me toe en gaat langs me zitten. “Ik heb de winkel al gesloten, zullen we Chinees bestellen?” vraagt hij. “Dat moet je me maar 1 keer vragen.” Antwoord ik glimlachend. Een telefoon en een half uur later zitten we samen in de zetel Chinees te eten. Als we gegeten hebben besluit Richard vroeg naar bed te gaan en ik ruim alles op. Ik plof weer in de zetel en zet de tv aan. Er is niet veel interessant te bekijken dus zo snel staat de tv ook weer af. Ik ga naar mijn kamer en laat me vallen op het bed. Een tel later besluit ik om alle info over Parkinson nog eens door te nemen. Voor ik het weet val ik in een diepe slaap waarin dromen geen limieten kennen.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen