Een luide knal doet me ontwaken uit mijn slaap. Verschrikt ga ik rechtop in bed zitten en doe mijn nachtlampje aan. Wat was dat? Ik doe niet de moeite om mijn slippers aan te trekken en stap uit het bed. Zachtjes doe ik de deur open en ga bij Richard kijken. Wat raar, hij ligt niet in zijn bed. Ik ga naar de living en zie dat er licht in de winkel brand. “Richie, is alles in orde?” vraag ik als ik de winkel binnen ga. “Amelia, nee!” Abrupt blijf ik staan als ik zie wat er voor me af speelt. Er staat een man voor me, met een pistool in zijn handen. Langzaam doe ik mijn handen omhoog. Ik kijk de man aan maar hij draagt een sjaal rond zijn neus en mond. Daar bovenop nog een zonnebril en muts. Ik laat mijn blik van hem afglijden naar Richie. Hij staat mijn zijn handen omhoog aan de kassa. “Amelia, draai je om en ga naar de living, nu!” zegt hij zacht. “Nee, zij gaat nergens heen!” zegt de man met een diepe stem. Ik zeg niks en kijk de man aan. “Wat wil je dat ik doe?” vraag ik. “Blijf waar je bent.” zegt hij kort. Hij richt het pistool weer op Richie en Richie haalt diep adem. Ik zie dat hij aan het beven is. “Geef me het geld, nu!” beveelt de man. Richie knikt en probeert de kassa open te maken. Doordat hij zo trilt, lukt het hem niet meteen. De man wordt ongeduldig en ik grijp in. “Ik kan je helpen.” zeg ik zacht. “Blijf staan!” zegt hij luider. “Het lukt hem niet om de kassa te openen, dat zie je toch.” zeg ik ook wat luider. De man richt zijn wapen op mij en ik zet een kleine stap naar achteren. Richie grijpt over de toonbank naar het geweer maar de man is sneller. Hij richt het wapen op Richie en een schot wordt gelost. Richie grijpt naar zijn buik en valt achterover. De overvaller beseft wat hij heeft gedaan en vlucht weg. “Richie!” roep ik als ik naar hem toe loop. Hij ligt op de grond en het bloed baant zich een weg over de vloer. Ik kniel langs hem neer en bekijk de wonde. “Richie, alles komt goed!” zeg ik tegen hem. Hij doet niet meer dan knikken. Ik sta snel op en ren naar de badkamer voor handdoeken. Onderweg neem ik ook snel mijn telefoon en haast me terug. Ik duw de handdoeken tegen zijn buik om het bloeden te stelpen. Met mijn andere hand ontgrendel ik mijn telefoon en bel het alarmnummer. Ik zet de telefoon op speaker en leg hem langs me neer. Ik neem een nieuwe handdoek en duw deze tegen zijn buik. Ik krijg het niet gestelpt. “Alarmcentrale, wat is uw noodgeval?” zegt een mevrouw aan de andere kant van de lijn. “Amelia Wilson, er is een overval gebeurd waarbij een schot is gelost. Richard Greene heeft een schotwonde in zijn buik, ik krijg het moeilijk gestelpt.””Oké, ik stuur de ambulance met mug al uit. Wat is het adres?” vraagt de mevrouw. “Greene store, 175 Greenwich Street.” “Oké, ze zijn onderweg. Hoe is zijn toestand? Is hij bij bewustzijn?” vraagt ze. Ik kijk snel naar zijn gezicht en dat verteld me niet veel goeds. Zijn ogen zijn gesloten. “Richard, richard, bij me blijven!” roep ik tegen hem. Hij reageert niet. Ik laat de wonde voor wat het is en controleer zijn hartslag. Mijn ogen worden groot, geen hartslag te voelen. Ik verplaats me zodat ik CPR kan doen. “Mevrouw, hij heeft geen hartslag, ik moet overgaan tot reanimatie.” zeg ik snel. “Oké, binnen 5 minuten zijn ze daar, blijf aan de lijn.” zegt ze kalm. “Komaan Richie, laat me niet in de steek.” zeg ik zacht. Die 5 minuten beginnen nu wel heel lang de duren… Net wanneer ik wil vragen waar ze blijven hoor ik de sirenes al. “Richie, er is hulp daar.” zeg ik terwijl ik doorga met reanimeren. Het zweet staat op mijn voorhoofd en ik voel me moe worden maar ik blijf doorgaan. “Hallo?” roept een mannenstem dichtbij. “Hierzo! Achter de toonbank!” roep ik snel. Voor ik het goed besef, zit er een dokter langs me en 2 verpleegkundigen. “Amelia!” zegt een vrouwenstem. Ik kijk op en zie Callie staan. Ik schud mijn hoofd en krijg tranen in mijn ogen. Ze komt langs me zitten en neemt het reanimeren van me over. Snel slik ik de tranen weg en kijk de dokter aan. “Ik heb geprobeerd het te stelpen, maar het bloedde zo hevig.” zeg ik snel. “Er is een slagader geraakt, hij moet zo snel mogelijk naar het ziekenhuis.” zegt hij. De andere verpleegkundige verbindt de wonde en legt een infuus aan. De dokter legt hem aan de hartmonitor en die vertelt me dat Callie nog steeds bezig is met compressies te geven. “Geef hem wat adrenaline.” zegt de dokter. De verpleegkundige knikt en doet wat hij zegt. “Callie, stop even.” vervolgd hij. Callie stopt en er is een vlakke lijn te zien op de monitor. “Komaan Richie.” zeg ik zacht. Plots verschijnt er een ritme en weerklinkt het bekende gepiep van de hartslag. Ik zucht diep en sluit even mijn ogen. Callie legt snel een hand op mijn schouder als ze de brancard gaat halen. Voorzichtig leggen ze hem op de brancard en rijden ze hem in de ambulance. De ambulance vertrekt met de dokter en verpleegkundige naar het ziekenhuis onder begeleiding van de luide sirene. “Neem je spullen en sluit alles af.” zegt Callie. Ik knik en doe wat ze zegt. Ik trek snel nog een paar schoenen aan en sluit de deur achter me. We stappen beide in de mug en gaan richting het ziekenhuis.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen