Niet veel later zat iedereen weer samen rond de tafel, zelfs wij, de jongeren, waren verplicht aanwezig bij de vergadering. Het onderwerp was natuurlijk al te raden:
“Wat is er nu precies gebeurd?”
“Waar zijn ze naartoe gegaan?”
“Wat dacht Dagon in zijn eentje te gaan doen tegen deze groep van 6 mensen?”
“Hoe wist hij zelfs waar hij moest zijn?”
Iedereen riep vragen door elkaar heen, zonder te wachten op antwoord. Ze leken een beetje op een bende tieners, dacht ik, maar toen verbeterde ik mezelf: de helft van deze mensen wáren ook tieners.
Natuurlijk was het Aeolus die iedereen weer tot de orde riep:
“Eén vraag tegelijk, niet iedereen door elkaar! Maar om jullie vragen te beantwoorden: we zullen waarschijnlijk nooit weten wat er precies is gebeurd, Romy, aangezien de enige die erbij was op dit moment in shock is. Hoe Dagon wist waar hij moest zijn, zullen we nooit weten, Zephyra, want zoals te verwachten is, is de enige die het wist, Dagon zelf, doodgegaan.” Bij die woorden keek iedereen even naar beneden, uit eerbied voor Dagon die zijn leven heeft gegeven om ons te helpen. Een enkeling keek naar de ziekenboeg, waar Benjamin naartoe was gebracht na zijn verhaal gedaan te hebben. Hij was volledig de kluts kwijt en moest even rusten.
“En wat met die … stad, waar ze blijkbaar naartoe zijn gegaan?” vroeg ik nadat we een minuut of twee in stilte hadden gezeten.
“Ah, de Eeuwige Stad. Het was vroeger het bolwerk van magie, de enige plaats waar magie openlijk mocht gebruik worden. Maar natuurlijk moesten de gewone mensen ook daar een stokje voor steken. Sommige magiegebruikers spraken hun mond voorbij en van het een kwam het ander. De mensen staken de stad in brand, vernielden elk huis dat ze konden gebruikten alles dat ze hadden om ons te vernietigen. Ze vonden het idee van een wezen dat sterker was dan hen, niet uit te staan. Ook al zijn wij zelf ook mensen. Hoe dan ook, de stad is bijna volledig vernield, maar is weer heropgebouwd geweest.
Er bestaan veel legendes over deze stad, zowel bij de gewone mensen als in de magische maatschappij. Degene die jullie zullen kennen, zijn onder andere Atlantis, of de Olympische goden op de Olympos. De Stad veranderde regelmatig van plaats, om de mensen weg te houden en te voorkomen dat de geschiedenis zich zou herhalen. Dat heeft ze toch gedaan, of tenminste deels.
Vanwege de wreedheid van de mensen was in het begin unaniem besloten om onze gaven verborgen te houden. Na enkele eeuwen waren er echter een paar mensen die vonden dat dat niet nodig was. Ze voelden zich ‘uitverkoren’, de natuur zou ons onze gaven hebben gegeven omdat wij de rechtmatige heersers zouden zijn. Vanzelfsprekend waren er velen het niet eens met dit standpunt, dus brak er oorlog uit. De Stad werd voor een tweede keer verwoest. Sindsdien is er besloten om de Stad met rust te laten, omdat ze toch alleen maar voor ongeluk zorgde.
De oorlog duurde extreem lang, langer dan eender welke andere oorlog de mensheid heeft gekend. Volgens sommigen zou ze nog steeds bezig zijn, ook al begon ze ten tijden van Nero. Wij vermoeden dat hetgeen er nu bezig is, een vervolg op die oorlog is. Gewoon een volgende generatie gekken die denken dat de wereld voor ons bedoeld is.” Zephyra leek mentaal vermoeid door wat ze zelf heeft gezegd.
Niet alleen Zephyra had even tijd nodig om na te denken, dit kwam voor ons ook nogal onverwacht. Kasper zei na opnieuw een minuutje pauze:
“Zijn er nog zo van die dingen die verborgen worden gehouden voor de mensen? Want nu zou wel het moment zijn om ons dat te vertellen.” Zoals altijd klonk hij heel nuchter en zeker niet verbaasd. Daphne pikte meteen in op zijn vraag:
“Oh jazeker, zo ongeveer elk mythisch wezen bestaat ook echt. Of tenminste, sommigen leven niet meer. Zoals Pegasus, dat arme paard is gestorven in de titanenoorlog. Of de Minotaurus natuurlijk, die is-“
“Allemaal goed en wel, maar misschien is dit niet het moment om dat te gaan bespreken”, kapte Aeulos haar zo snel mogelijk af. De hele situatie ergerde hem duidelijk en hij wou er liever korte metten mee maken dan kostbare tijd te verliezen.
“Waarom zouden ze nu net die plaats kiezen waar er al eeuwen geen wezens meer leven? Ligt er daar ook zo’n Geheim Geschrift of een ander artefact?” vroeg Benjamin nieuwsgierig.
“Neen, maar het blijft een magische plek. En ondanks dat ze eeuwen geleden verlaten is, verandert haar locatie nog steeds ongeveer maandelijks. Mensen die er ooit in hun leven zijn geweest, kunnen de ligging ervan aanvoelen, maar eender wie anders heeft geen idee waar de Stad is. Het is dus de perfecte plaats om eender wat te verbergen. Wie weet hoe lang zijn ze alles al van daaruit aan het plannen…” het was weer Aeolus die antwoord gaf. Ioanna leek nog iets op haar maag te hebben:
“Maar, wat doen die Geschriften nu eigenlijk? Jullie hebben er nog helemaal niets over gezegd …”
“Goede vraag, en ik zou ze met veel plezier willen beantwoorden, maar het punt is dat niemand dat eigenlijk weet. Alles wat erover bekend is, is dat ze de kracht hebben om ‘de wereld te redden, of te vernietigen’. We denken dat onze dieven geloven dat de wereld gered moet worden van het menselijk ras, ook al maken ze daar zelf deel van uit.” Nerpius spuugde de woorden bijna uit, ze leken als vergif voor hem.
“oké, en hoeveel hebben zij er nu?” vroeg ik om een duidelijk beeld van de situatie te krijgen.
“Zij zijn nu in het bezit van 3 Geschriften, en wij hebben er dankzij jouw grootvader ééntje. Hij was zo slim om die mee te nemen voor ze bij zijn School aankwamen”, zei Zephyra duidelijk dankbaar.
“Dat wilt natuurlijk niet zeggen dat we ze zomaar de laatste moeten geven, gewoon omdat wij er zelf al eentje hebben. We weten niet of de Geschriften afzonderlijk iets kunnen doen, maar vermoeden van niet. We hebben zelf geprobeerd zoveel mogelijk van het ene Geschrift dat we hebben, af te leiden, maar de teksten kunnen enkel gelezen worden door iemand van dat specifieke element. Die hadden we tot voor een week nog niet, dus nu kunnen we proberen meer te begrijpen over de inhoud.”
“En wat dan met de School van Lucht? Dat is de enige die nog onaangetast is…” Kasper keek bij die woorden niet bepaald uit naar het vooruitzicht om weer zichzelf in het onbekende te storten, maar als dat betekende dat de wereld niet zou vergaan, was het de moeite waard.
Misschien kunnen we beiden combineren? Jullie gaan naar de School om het Geschrift in veiligheid te brengen en Kasper en ik zullen hier blijven om dit exemplaar te onderzoeken”, stelde Daphne voor, “want jullie de leiding van Aeolus nodig, ook al zou hij wel de meest logische keuze geweest zijn om hier te blijven. Ga maar, wij redden ons hier wel!”
“Dan wordt het vandaag wel een heel lange dag, we hebben al zoveel gedaan en ik ben volledig uitgeput”, klaagde ik.
“Slapen kan je doen als je dood bent”, zei Benjamin boos. Blijkbaar was hij stilletjes uit de ziekenboeg geglipt om ons gesprek bij te wonen.
Ik was echter niet de enige die het geen goed plan vond. Ook Ioanna had er haar twijfels bij, niet omdat iedereen zo moe was, maar om een andere reden:
“Zeker dat jij het wel aankan, Daphne? Ik bedoel, als je wat moe bent ofzo, iemand anders zal het wel kunnen overnemen hoor. Zephyra weet trouwens ook meer over dat soort dingen dan jij…”
“Ja ik kan het aan, bedankt voor het vertrouwen alweer”, zei Daphne met een bitsige ondertoon. Ze keek Ioanna nog eens waarschuwend aan, waarop die besloot haar mond te houden.
“Oké, dat is dan beslist. Laten we meteen vertrekken om geen tijde te verliezen”, stelde Aeolus voor. En zo gezegd, zo gedaan, iedereen liep naar hun begeleider toe om te teleporteren. Aaeolus nam Benjamin mee. Wederom stonden we na minder dan een seconde op een totaal ander plaats dan voorheen.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen