Ademen. Altijd blijven ademen. Ik focus mijn blik op het eten dat voor me ligt, prop snel een broodje in mijn mond, en laat al het andere even wegvallen, zodat ik het in alle rust op kan nemen aan de gedachten die zich aan me opdringen. Alle argumenten die ik had om geen bondgenootschap te willen, schieten weer door mijn hoofd.

Het is hij of ik, als puntje bij paaltje komt. De Hongerspelen zijn geen teamsport, en hebben geen 'winnend duo'. Voor mijn leven zou hij moeten sterven. Het enige leven dat ik zal redden, is dat van mezelf. Ik zou me er schuldig over voelen. Maar niet schuldig genoeg.

Ik duw de doemscenario's snel terug naar het donkere hoekje van mijn gedachten, waar ze sinds mijn Boete ronddolen. Ik wil nu niet nadenken. Ik wil weg.

Maar net als ik op wil staan om mijn vertrek aan te kondigen, vraagt de districtsbegeleidster van District 7 om de aandacht, door met een extravagant gebaar tegen haar glas te tikken. "Ik heb ook nog een nieuwtje!" zegt ze enthousiast tegen haar tributen. "Jullie zijn allebei uitgenodigd om vanavond op een groot feest ter ere van de Spelen te komen. Er zullen een heleboel mensen zijn dus een heleboel mogelijke sponsoren, en natuurlijk ook veel andere tributen. Echt super gezellig!"

Snel knik ik naar haar, opgelucht dat het onderwerp veranderd is, hoewel dat niet veranderd dat ik hier nu weg wil. Daniel zou waarschijnlijk met me willen praten over net, en anders zijn mentor wel, en dat kan ik nu even niet hebben. Ik moet een moment alleen hebben, de ruimte en tijd om mijn gedachten te ordenen zonder te gaan piekeren. Ik moet hier weg. "Vooral doen. Ik ga ook, het wordt gezellig," mompel ik, met mijn mond nog halfvol, en dan richt ik me tot Daniel. "Je kunt met mij meegaan." Hoewel samen naar het feest gaan hem waarschijnlijk de gelegenheid zou geven om te vragen naar het gesprek van net en ik hem die kans eigenlijk niet wil geven, heb ik het gevoel dat als ik niet met hem naar dat feest ga, ik dit mogelijke bondgenootschap definitief afkap. Ik heb meer ruimte en tijd nodig om erover na te denken. Als ik ervoor kies om de Hongerspelen zonder hem, zonder die verwachtingen en die risico's te doen, kan ik dat feest altijd nog afzeggen. Ik sta snel op, terwijl ik probeer mijn mond zoveel mogelijk leeg te slikken, en ontwijk de vragende, verwarde blikken van de andere aanwezigen. "Maar ik bedenk me net dat ik wat... dingen moet doen," zeg ik snel. En hoewel ik me er heel goed bewust van ben dat dat zo'n beetje het slapste excuus is dat ik ooit gebruikt heb, probeer ik niets beters te verzinnen. "Ja. Het was gezellig, dames en Danny. Tot later." Ik tover een halve grijns op mijn gezicht en wil weglopen, als ik me het koude geval dat ik nog altijd tegen mijn beurse plekken aan druk herinner. Met alle ogen op me gericht, en Ik ik terug naar de tafel en haal het ding onder mijn shirt vandaan. "Eh, bedankt voor het lenen, waar zal ik hem laten?"

"Oh, leg maar op tafel. De avox ruimt wel op." De districtsbegleidster glimlacht vrolijk naar me, en zwaait dan. "Gezellig dat je er was, Christian. Tot de volgende keer!"

Ik knik snel naar haar en leg de icepack op de tafel. Maar hoezeer ik ook probeer, Daniels blik te ontwijken, mijn ogen treffen de zijne. Er is geen eindeloos bos te zien, en er is geen storm, maar er is regen, dat met bakken uit de hemel valt, als ik hem aankijk. Met zijn ogen stelt hij bezorgde vragen, waar thuis op Luna na niemand ooit iets om gegeven heeft. Maar ondanks het trieste beeld dat ik in zijn ogen zie, glimlacht hij - natuurlijk glimlacht hij. "Tot later, Chris."

"Ja, tot later," mompel ik. Snel scheur ik mijn blik los van de grijze hemel in zijn ogen, en vlucht weg van alles, naar de lift.

Als ik op mijn eigen verdieping de lift weer uit stap, bots ik bijna tegen Luna op. Mijn zusje stapt snel achteruit en kijkt me verbaasd aan. “Chris!” Ze zucht, en in een kwestie van seconden heeft ze haar boze mentor-blik weer op haar gezicht. “Waar heb jij in hemelsnaam gezeten? Ik heb heel het trainingscentrum naar je afgezocht. Ze zeiden dat Aderyn… Ze had je kunnen vermoorden, stomkop!”

“Ja, wrijf het er nog even lekker in.” Ik grimas en loop Luna voorbij, naar de bank, waar ik me voorzichtig op laat zakken.

“Mijn hemel.” Luna loopt achter me aan en komt naast me zitten. “Heb je pijn? Naast je gedeukte ego, bedoel ik.”

Ik kijk haar verontwaardigd aan, maar trek dan mijn shirt over mijn hoofd en wijs naar de dikke, blauwe plekken. “Ze sloeg echt heel hard,” verdedig ik mezelf, maar Luna zucht alleen, voor ze opstaat en naar de keuken loopt.

Een minuutje later komt ze terug met een glas water en pijnstillers, die ze aan mij geeft, en een icepack, die ze voorzichtig tegen de beurse plekken drukt. “Ga je me nog vertellen waar je hebt uitgehangen?”

“Ik- au. Geef hier.” Ik probeer de icepack uit Luna’s handen te grissen, maar ze houdt hem stevig vast en kijkt me afwachtend aan. Ik zucht en haal een van de pijnstillers uit het doosje - daar had ik eerder aan moeten denken. “Ik was bij Daniel, want mijn mentor wilde per se dat ik bondgenoten zocht. Maar dat was een dom idee en ik zou minder naar mijn mentor moeten luisteren.”

Luna lijkt niet erg onder de indruk van mijn sneer, helaas. Ze trekt alleen een wenkbrauw naar me op. “Wat heb je gedaan?’”

“Ik niet, hij.” Ik werp haar een nijdige blik toe. “Het leek allemaal heel goed te gaan, we hebben samen getraind en geluncht, ik heb mezelf als bondgenoot aangeprezen, maar toen besloot meneer me ineens aan zijn mentor te presenteren als een of andere ontzettend nuttige arts.”

Luna kijkt me even zwijgend aan en legt dan de icepack opzij. “Chris, je-” begint ze zacht, maar ik geef haar geen kans om me te vertellen dat ik fout zit. Ik mag mijn grenzen hebben, ik mag mijn eigen keuzes maken. En Daniel is niet de keuze die ik maak.

“Nee, Luna, ik ga dit niet doen. Ik kan geen bondgenootschap aangaan met de gedachte dat mijn bondgenoot me ziet als zijn persoonlijke arts. " Ik draai me van haar af en schuif een stuk bij haar vandaan. Na alles wat er vandaag gebeurd is, is een preek wel het laatste wat ik wil.

Maar voor ik echt op kan staan en weg kan lopen, trekt Luna me terug en drukt de icepack geërgerd weer tegen mijn ribben. “Dat ging ik ook niet van je vragen,” reageert ze kribbig, en ze dwingt me haar recht aan te kijken. Als ik eindelijk toegeef, verzacht haar blik. “Ik wil alleen maar een plan maken voor de rest van de trainingsdagen. Ik ben het niet eens met je beslissing, maar als het niet gaat werken met Daniel en je echt geen andere bondgenoot wil, dan is dat oké, Chris.”

“Oh.” Ik wend ongemakkelijk mijn blik af. Luna probeert me te helpen. Ze probeert me écht te helpen, en natuurlijk doet ze dat. Ze is niet alleen mijn mentor, ze is mijn zus en ze vertrouwt me meer dan ik verdien, terwijl ik nooit genoeg op haar vertrouw. “Sorry.”

Ze zegt niet dat het niet uitmaakt, want dat doet het wel. Even is ze stil, maar dan geeft ze de icepack aan mij en leunt achterover op de bank. “Los van al het gebeuren rond de andere tributen, hoe is de training gegaan?”

“De zwaarden hier zijn stom,” mok ik. “Ze zijn zwaar en doen niet wat ik wil. Anders had ik mevrouw ‘kijk-mij-eens-een- bovennatuurlijk-wonderkind-zijn’ wel verslagen. Maar ik ben beter dan Samuel.” Zodra ik de naam van de jongen uit District 2 laat vallen, kan ik mezelf wel voor mijn kop slaan. Ik wil niet ook nog moeten opbiechten dat ik Luna’s adviezen ook met betrekking tot hem in de wind geslagen heb, maar mijn zusje merkt meteen dat er meer is.

“Zeg op, wat is er tussen jou en Samuel gebeurd?” Als ik haar blik ontwijk en geen antwoord geef, pakt ze mijn kraag vast en trekt me naar zich toe. “Nou moet je eens even heel goed naar mij gaan luisteren, Christian. Als jij zonodig allerlei ongelooflijk stomme fratsen uit moet halen, kan ik daar weinig aan doen, maar als je me niets verteld, kan ik alle problemen die je veroorzaakt ook niet voor je oplossen. Ik wil niet dat je straks binnen de eerste minuut van de Spelen voor mijn ogen aan stukken gescheurd wordt, alleen maar omdat je besloten hebt dat je ruzie moest zoeken met iedereen.”

“Oké, oké, duidelijk.” Ik wacht tot ze weer loslaat en zucht diep. “Voordat Aderyn me, nou ja, je weet wel, in elkaar ramde, heb ik haar een keer hard geraakt. In haar maag. En ik had gezien dat Samuel helemaal niets gedaan kreeg toen hij met haar in gevecht was, dus toen ik hem later in de lift tegenkwam, heb ik misschien wat opgeschept. En hem beledigd. En ruzie gezocht. En toen heeft hij me tegen de liftwand aan gedrukt en me bedreigd.” Ik slik en schud mijn hoofd, om de herinnering weg te drukken voor hij weer bezit van me kan nemen. “Hij heeft me niet echt iets gedaan, maar ik denk dat hij dat wel gedaan had als Day niet tussenbeide gekomen was.” Ik sluit mijn ogen en wacht op geschreeuw, op gefrustreerd gezucht en misschien een stomp, maar er komt niets.

Als ik Luna eindelijk weer aan durf te kijken, lijkt ze zoveel ouder dan ze zou moeten zijn, en lijkt ze doodmoe. “Je kunt geen dag zonder de adrenaline. Zonder gevaar. Zonder vechten en je sterk voelen, of wel?” Ze wacht niet op antwoord, maar praat zacht verder. “Je zou een oorlog starten omdat je niet in vrede zou kunnen overleven, maar in een oorlog loop je net zo goed gevaar.”

“Dus wat nu?” Ik maak een wanhopig gebaar en bijt op mijn lip. Ik weet dat ze gelijk heeft, ook al zou ik willen dat het niet zo was. De wereld staat in brand, en dat is het enige wat ervoor zorgt dat mijn hart blijft kloppen. En dus blijf ik nieuwe vuren aansteken, voordat de oude gedoofd zijn. “Wat wil je dat ik doe? Mijn excuses aanbieden aanbieden aan de Beroeps met een bos bloemen en een doos bonbons? Zie je me al aankomen? ‘Hallo, sorry dat je niet tegen je verlies kan’. We weten allebei dat ik dan weer zoiets zeg en dat ze dan meteen mijn nek omdraaien. Je hebt gelijk, oké? Vechten is wat ik ken, en dat kan ik niet loslaten. Niet nu ik al het andere al moet laten gaan.”

Luna schudt haar hoofd. “Er zijn kansen genoeg om te vechten, alleen niet tegen de andere tributen. Gebruik de simulaties die je bij de trainingsonderdelen kunt vinden. Laat je meenemen in het gevoel van een gevecht. Gebruik de adrenaline in je voordeel. Je tegenstander hoeft geen echt persoon te zijn.” Ze denkt even na, en knikt dan. “Er zijn simulaties bij het boogschieten en bij de messen. Die zou je vanmiddag kunnen proberen. Ik denk echt dat het je zou kunnen helpen. Ik zal zorgen dat ik in de buurt ben. Ik ga je zoveel mogelijk helpen. Jij moet dit winnen, Chris.”

“Ik weet het,” zeg ik. “Oké. Ik- Ada.” Als ik opkijk, vangt mijn blik die van mijn districtsgenote, die zwijgend in de deuropening staat. Haar blik staat gefrustreerd, van streek, alsof ze ieder moment kan gaan schreeuwen, of huilen, of allebei. Alsof ze net haar definitieve doodvonnis te horen heeft gekregen. “Ada, we-”

Maar ze huilt niet, ze schreeuwt niet. Ze kijkt alleen maar gekwetst van mij naar mijn zusje. “Ik heb genoeg gehoord.” En zonder verder nog iets te zeggen, draait ze zich om en loopt ze weg.

Reacties (1)

  • Duendes

    Ohgosh Chris die besluit dat Day geen optie is doet mij persoonlijk pijn oeps maar awhhh
    En de dynamiek tussen Luna en Chris is echt fijn dit hoofdstuk idk ze zijn echt schatjes en i love them en ohno Chris heeft apollo/lester vibes maar het is genieten en OHGOSH ADA NEE dat is echt wel heel pijnlijk oef

    3 weken geleden
    • Samanthablaze

      Ja man dit hoofdstuk is heel wholesome maar ook echt wel pijnlijk
      Ikr wat een sukkel
      En jep ik moest Ada nog wat extra redenen geven voor haar uitbarsting later oeps

      3 weken geleden
    • Duendes

      Ja nogal ohgosh maar het is wel genieten awh love deze twee
      En fair enough oeps het maakt Ada's uitbarsting wel begrijpelijk oef

      3 weken geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen