Ik word wakker van het gepiep van de hartmonitor. Met wazige ogen kijk ik richting de monitor en die vertelt me dat zijn hartslag omhoog gaat. Snel gooi ik het deken van me af en haast me naar het bed. Zijn bloeddruk is normaal maar zijn hartslag is aan het stijgen. Verward kijk ik even naar Richard en mijn ogen worden groot wanneer ik het besef. Hij is wakker aan het worden. Ik ga langs hem op de bedrand zitten en neem zijn hand vast. “Het is oké Richie, je mag wakker worden.” zeg ik zacht. Ik knijp zachtjes in zijn hand en voel dat hij terug knijpt. “Ik ben hier…” fluister ik. Langzaam maar zeker opent hij zijn ogen. Hij kijkt wat verward voor zich uit voordat hij naar mij kijkt. Als hij me ziet verschijnt er een glimlach op zijn gezicht. Hij laat mijn hand los en legt deze op mijn wang. “Het is oké, je bent in het ziekenhuis. Weet je nog wat er is gebeurd?” vraag ik zacht. Hij lijkt even na te denken en knikt dan bevestigend. Een traan ontsnapt uit zijn ooghoek en hij zucht. Die zucht zorgt ervoor dat hij pijn krijgt in zijn buik en hij verkrampt even. “De wonde is nog niet genezen, je moet rustig blijven liggen…” zeg ik met een trillende stem. Richard kijkt me aan en neemt met zijn andere hand zijn zuurstofmasker van zijn gezicht. “Alles is oké, ik ben er nog.” zegt hij. Ik knik maar de tranen lopen over mijn wangen. Ik zie dat hij zich wilt verzetten en dan naar zijn benen kijkt. Ik volg zijn blik en laat een snik los. “Amelia, ik voel mijn benen niet…” zegt hij licht in paniek. Ik kijk hem met een betraand gezicht aan en probeer de woorden te zoeken. “De kogel drukte tegen je ruggengraat, hij heeft zenuwschade veroorzaakt. Maar het is niet duidelijk of die schade permanent is of niet.” probeer ik. Hij laat zijn hoofd weer zakken op het kussen en verwerkt de info die ik hem net heb gegeven. We zitten een tijdje in stilte langs elkaar, alleen het tikken van de klok aan de muur is duidelijk hoorbaar. “Amelia, wat wil dat zeggen?” vraagt hij. Ik kijk hem aan en zucht zachtjes. “De dokter doet nu regelmatig testen om te kijken of er zenuwactiviteit is. Maar tot nu toe is er geen activiteit gemeten en hoe langer het duurt hoe kleiner de kans dat ze terugkomen.” antwoord ik eerlijk. Hij knikt en gaat verder. “Dus de kans is groot dat ik in een rolstoel kom te zitten?” Ik knik zacht en ik voel tranen opkomen. Zijn hand vind de mijne en neemt deze stevig vast. “Ik ben er nog, dat is het belangrijkste. De rest overleven we wel… Zolang ik jou heb komt alles goed.” Ik kijk hem aan en glimlach licht. “Ik ga de dokter halen.” Richard knikt en laat mijn hand weer los. Ik sta op van het bed en verlaat de kamer. Eens op de gang leun ik tegen de muur en laat me naar beneden zakken. Ik sluit mijn ogen even en probeer alles op een rijtje te zetten. Plots voel ik een arm rond me en kijk op. Callie is langs me komen zitten en we zwijgen beide. Het is fijn om te weten dat ze er voor me is. “Hij is wakker.” zeg ik zacht. Meteen draait Callie haar hoofd en kijkt me aan. “Weet hij het al?” vraagt ze bezorgd. Ik knik en slik duidelijk. “Hij, euh, hij is blij dat hij nog leeft. Maar ik denk dat het besef nog moet komen…” zeg ik moeilijk. Callie knikt en wrijft over mijn arm. Ze neemt haar DECT en belt. Ik vermoed naar de dokter want het is een heel kort gesprek. Niet veel later zie ik dan ook de dokter aankomen en we staan op. “Bedankt voor het bellen Callie, we zullen nu opnieuw een test doen, als hij dat ziet zitten.” zegt hij. Ik knik en alle 3 gaan we naar binnen. Niet veel later is de test gedaan en we kijken allemaal ongeduldig naar de dokter. “Ik vrees dat ik niet zo goed nieuws heb.. Het is nu bijna 2 weken geleden en ik vrees dat de zenuwwerking niet meer zal herstellen.” zegt hij concreet. Ik slaak een zucht en kijk naar Richard. Hij kijkt emotieloos voor zich uit. “Wat moeten we dan nu doen?” vraagt hij. “We gaan je helpen ermee leren te leven, zowel mentaal als fysiek. Je gaat een soort revalidatie krijgen, over hoe je nu moet omgaan met de verlamming en hoe hanteren van een rolstoel. We gaan je zoveel mogelijk dingen aanleren om zo zelfstandig mogelijk te blijven. Je gaat ook ondersteuning krijgen van psychologen, bij hen kun je altijd terecht. Maar eerst moet nu de wonde goed genezen en dan kunnen we alles beetje bij beetje opbouwen.” zegt hij rustig. Richard knikt en kijkt me aan. “Het komt allemaal in orde Amelia, niks wat we niet aankunnen.” zegt hij zacht. De dokter neemt afscheid en verlaat de kamer. “Amelia, ga even naar huis en probeer wat te ontspannen.” zegt Richard plots. Ik wil mijn mond opendoen maar Richard is me voor. “Geen tegenspraak. Ik ben hier in goede handen. Je moet je geen zorgen maken. Ga naar huis, neem een douche en eet iets. Alsjeblieft Amelia.” zegt hij zacht. Ik kijk naar Callie en ik zie een blik op haar gezicht dat me verteld dat ze het eens is met Richard. Ik denk even na en knik uiteindelijk. “Als er iets is, bel me meteen.” zeg ik tegen Callie. “Tuurlijk, maak je geen zorgen.” Ze knijpt nog in mijn schouder en gaat langs het bed staan van Richard. “Heb je nog pijn ergens?” vraagt ze. Een beetje verdoofd kijk ik naar het duo waardoor ik niet veel meekrijg van wat er wordt gezegd. Ik draai me om en ruim mijn spullen op. Het bedje leg ik open en neem mijn handtas. Ik ga aan de andere kant van het bed staan en geef Richard een kus op zijn voorhoofd. “Ik ben snel weer terug.” zeg ik zacht. “Neem je tijd Amelia, ik ga toch nergens naartoe.” zegt hij lachend. Ik verschiet even van de opmerking en besef dan dat het als een grapje bedoeld was. Ik glimlach even en neem afscheid. Ik open de deur en verlaat de kamer. Een paar stappen verder hoor ik zachtjes mijn naam zeggen. Ik draai me om en Callie loopt naar me toe. “Callie, hou hem in de gaten. Ik denk niet dat hij het goed beseft.” zeg ik zacht. “Zal ik doen, ga maar even naar huis nu.” Ik knik en vervolg mijn weg weer. Eens buiten het ziekenhuis voel ik de warme zonnestralen op mijn gezicht en ik haal diep adem. Ik vervolg mijn weg naar huis en voor ik het goed besef ben ik op mijn bestemming aangekomen. De sleutel gaat vlot in het slot en achter me doe ik de deur opnieuw in het slot. Als ik naar de toonbank kijk flitsen er opnieuw beelden door mijn hoofd van die nacht. Ik schud de gedachte van me af en wandel verder. Mijn tas beland met een plof op de tafel en ik loop rechtstreeks naar de badkamer. Een zalige warme douche verder sta ik in de keuken tegen het aanrecht geleund. Plots valt er een zwaar gevoel op me en ik krijg het even benauwd. Maar dan komt het besef dat we hier niet kunnen blijven wonen. Ik moet op zoek gaan naar iets aangepast voor een rolstoel.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen