Al leken dingen makkelijker geworden, ze werden helemaal niet makkelijker.
Diablo had niets liever gehad dat de honden weer normaal gingen doen na D'agon's dood. Honden horen niet om draken te geven, dat is niet hoe het werkt.
Dat niet alleen. D'agon was geen levend wezen. Hij was gemaakt.
Simpele wezens zoals honden en wolven horen daar niet druk om te maken. Deze zaken waren bedoeld voor wezens in het moderne leven. De wezens die naar die mensen dorpen waren heen verhuist.
Diablo deed zijn best om de honden over te halen te vertrekken van dit gevaarlijke en open plek. Het is niet geschikt om te overleven. Als wolf had hij een 'pack' en was hij de Alpha, constant nadenken over een veilige plek, een veilige route, een veilig leven. Het zat in zijn bloed. Hij kon niet afwijken van dat pad. Het gevoel dat hem dwong tot ver te gaan, hij was alleen geen Alpha meer, geen wolvenleider. Deze twee honden waren zijn vrienden. Noe was nog zelfs ouder dan hijzelf, en volgens Diablo was hij zeker wijs. Dat was hij altijd al geweest. Hij snapte daarom ook niet waarom hij het niet in kon zien hoe gevaarlijk dit allemaal wel niet is.
Waarom kon Noe dat niet? Gaf hij zoveel om deze draken? Draken die hun gezicht al dagen niet hadden laten zien?
Een van hen was niet eens aardig, hij lag maar constant in de buurt. En gaf alleen commentaar wanneer die draak vond dat hij commentaar kon geven. Echt een vriend, compleet sarcasme.
Kevalth was tenminste aan het proberen een vriend te zijn, voor een draak was hij wel aardig, maar hij was al langer weg dan dat Za'afiel was. Zijn broer bezoeken die Diablo niet eens kende.
Draken blijven draken, en draken zijn niet te vertrouwen. Dat is wat Diablo altijd had geloofd.
Op gegeven moment begon Diablo te grommen, hij was de situatie echt zat.
"Wanneer gaan jullie eens naar mij luisteren?!" Hij stond met een dreigende houding naar de twee honden, zijn tanden ontbloot. Zo boos en gefrustreerd hadden de honden hem nog nooit gezien.
Qyma schrok er wel een beetje van, hij was deze dominante uitstraling niet van iemand gewend, maar het deed Noe niets, hij liet ieder geval niet zien dat het hem iets deed. Hij stond op en keek Diablo aan en sprak met rustige woorden. "Die draken zijn onze vrienden, als het jou niet bevalt ga je maar weer terug naar je pack en ga je die commanderen."
Met die woorden wandelde Noë van hem weg. Diablo stapte hem toen achterna.
"Het zijn draken, je kan geen draken vertrouwen, ze laten je hier echt stikken."
Noë draaide zich abrupt om. Het beviel hem echt niet hoe Diablo over zijn vrienden sprak.
"Rot op." Qyma keek vanaf een afstandje naar de twee, de sfeer drukte zwaar op zijn teren hartje. Met Noë was het altijd heel plezierig, en rustgevend. Ook al was Qyma af een toe nog wat druk. Noë kreeg hem daarna altijd rustig. Sinds Diablo voelde het eerst alsof hij buitengesloten zou worden omdat hij dacht dat Diablo en Noë elkaar al zo goed kende, maar blijkbaar is het met hen niet altijd goed.
Diablo gromde kort en wandelde daarna weg, het bos in. Het leek erop alsof Diablo Noë's woorden serieus nam.
Noë zuchtte diep en ging terug naast Qyma liggen.
"Sorry dat je dat had moeten zien, hij werd vroeger wel vaker vurig als hij zijn zin niet kreeg. Geen wonder dat hij de leider werd van zijn idioten wolven groep." opnieuw moest Noë zuchten, het zat hem duidelijk dwars.
"Het is oke. Ik heb die draken ook nooit leuk gevonden, maar na wat we hebben meegemaakt met D'agon, het is toch wel duidelijk dat deze draken te vertrouwen zijn." Hij keek vriendelijk op naar Noë en legde zijn kop tegen hem aan.
"Diablo heeft die momenten niet meegemaakt. Alleen dat kamp van die wezens, die koepel en D'agon's vreemde gedrag." Qyma knikte instemmend, wat Noë zei was waar. D'agon kwam niet heel vertrouwelijk over in zijn laatste paar dagen. Er wordt wel vaker gezegd dat eerste indruk uit maakt. In dit geval wel.
Noë keek op gegeven moment op en kort erna zag Qyma ook dat er een wezen op hen af liep. Een wezen dat ook op een draak leek, maar het was niet een draak die zij kende.
"Kunnen jullie mij misschien helpen? Ik ben opzoek naar een wezen zoals mijzelf." Noë wist in eerste instantie niet zeker hoe hij moest reageren.
"Een draak?" vroeg hij toen voorzichtig.
"Ja, ik volgde zijn spoor hier heen, maar het houdt op." Noë keek kort Qyma aan en hij wist ook niet zeker wat hij zeggen moest.
"Kevalth, Za'afiel, ... D'agon misschien..." D'agon's naam kwam er wat voorzichtig uit. Het was nog moeilijk uit te spreken dat D'agon er niet meer was.
"Namen zeggen mij niet heel veel, jullie hebben dus meerdere draken gezien?" De draak was vrij verbaast, wat niet heel onterecht was. Honden houden zich inderdaad niet vaak bezig met draken levens, daar had Diablo misschien wel gelijk in gehad.
"Kevalth ging op zoek naar zijn broer, en Za'afiel verdween nadat de koepel was verdwenen... En D'agon..." Noë stopte met spreken, hij keek een beetje weg.
"...D'agon is niet meer onder ons, hij stierf niet lang geleden. Het doet ons nog steeds pijn," zei Qyma rustig na Noë's zin.
De draak begreep het niet zo goed, hij was waarschijnlijk nog steeds verward.
"Wat is er met D'agon gebeurt?" vroeg de draak voorzichtig.
"Geen idee, hij zei dat hij stuk was en op gegeven moment verdween hij gewoon." De draak keek bedenkelijk en besloot toen te gaan zitten.
"Die D'agon, was hij anders dan een normale draak?" Beide honden knikte.
"Jammer dat hij niet meer onder ons is, ik had hem misschien kunnen helpen. Ik was net als hem een ander soort draak. Een mechanische, als jullie weten wat dat betekend." De honden knikte opnieuw.
"Hij had dus gered kunnen worden als je sneller was. Hij had dus niet dood gehoeven... Hij had... Nog hier kunnen zijn..." Noë zuchtte, aangezien die realisatie hem meer pijn deed dan hij had willen toegeven. Blijkbaar had hij nog niet door dat er nu nog zo'n draak voor hem zat, maar deze draak zag er ook niet uit zoals D'agon deed. Deze draak zag eruit als ieder ander. Eentje van vlees en bloed. Noë was teveel in gedachten gezonken, maar Qyma leek dat op te vallen.
"Jij bent zoals D'agon? Maar jij ziet eruit als een normale draak."
De draak knikte. "Was ik dat maar, ik herinner mij nog dat ik in mijn grot sliep en toen werd ontvoert. Alles was zwart, en ik raakte alles kwijt." De draak hield een van zijn klauwen omhoog en veranderde die in verschillende vormen. Hij kon er van alles mee maken. En had er zeker weten meer controle over dan dat D'agon altijd had gehad.
"Ik kreeg te horen dat er drie waren gemaakt, maar een van ons was ontsnapt voor ze hem af konden maken, geen wonder dat er problemen bij kwamen kijken."
De honden keken fascinerend naar de draak en zijn klauw, het was wel interessant om te horen dat D'agon eigenlijk was ontsnapt. D'agon had zelf maar weinig verteld over hoe hij bij hen terecht kwam.
"Hij kwam aan bijna compleet als zichzelf, en veranderde terwijl hij bij ons verbleef. Hij wist van niets. Ook niet dat er meer waren."
De vreemde draak zette zijn klauw dat ondertussen al was terug veranderd weer op de grond en besloot toen te gaan liggen.
"Mijn naam is trouwens Syrreth, het is mijn genoegen om wezens te ontmoeten die D'agon heeft gekend. Al is het jammer dat hij er niet meer is, het laat mij al minder eenzaam voelen dan het deed." De honden keken hem vriendelijk aan en waren toch wel blij iemand anders in de buurt te hebben.
"Mijn naam is Noë, en dit is Qyma. Het is ons genoegen jou te ontmoeten, Syrreth."
Qyma stond toen plots op en keek de nieuwe draak toen aan.
"Wacht, zei je net nou niet dat er drie draken waren gemaakt?" De draak knikte en antwoordde meteen. "Ik heb de andere draak ook nog niet gevonden. Die had niet zoals D'agon een specifieke frequentie. Ik denk ook niet dat ik die draak zou kunnen vinden." Qyma ging weer voorzichtig terug liggen toen dat ook werd uitgelegd.
"Nou maar hopen dat Kevalth en Za'afiel snel terug zullen komen, ik mis ze wel een beetje."

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen