Misschien was het paars in haar eigen wagon haar niet opgevallen omdat paars één van haar favoriete kleuren was, maar het oranje was erg opvallend en vooral erg lelijk. Erin was nooit een fan geweest van de kleur oranje; het was altijd te fel en het paste helemaal nergens bij.
      De wagon van oranje was iets anders ingedeeld. De bedden stonden allemaal links, de stoelen allemaal rechts. Daardoor leek er meteen meer afstand te zijn tussen de leden. In hun wagon hadden ze meer in een soort cirkel gezeten, waardoor het duidelijk was dat ze bij elkaar hoorden, of ze het nu wilden of niet.
      De leden van team oranje hadden iemand vastgebonden aan het bed, waarschijnlijk de persoon die ze wilden opofferen. Zodra hij Erin zag, begon hij te worstelen in de hoop zichzelf los te krijgen, maar een stel touwen sneden in zijn armen en een prop viel net iets dieper in zijn keel, waardoor hij bijna moest overgeven.
      ‘Waar hebben jullie de touwen vandaan?’ Op één stoel na was iedere plek in team oranje bezet. Acht leden dus, veruit de grootste groep, al wist Erin niet meteen of dat al dan niet in hun voordeel speelde. Als je in een grotere groep zat, was er in ieder geval minder kans dat je effectief weggestemd zou worden, als de tijd aankwam, maar ze had geen idee of de opdrachten zich wel of niet zouden lenen voor een grotere groep.
      ‘Hallo,’ zei Erin.
      Niemand in team oranje antwoordde, ze zagen er allemaal half dood uit, behalve dan de worstelende man op het bed. Misschien viel de keuze om een verkrachter te doden hen toch iets te zwaar. Erin zou het in ieder geval niet aankunnen, over iemands leven beslissen. Toen ze nog naar school ging en ze moest samenwerken met haar progressieve klasgenoot, was dat het enige waar ze het over eens waren: de doodstraf was niet oké. Je wist gewoon nooit zeker wat er gebeurd was. Zelfs een bekentenis kon afgedwongen worden in deze dagen. En zelfs als je honderd procent zeker kon zijn dat iemand de dader was van een gruwelijke misdaad; wie kon dan beoordelen of die misdaad de dood verdiende of niet?
      ‘Jij bent het meisje dat niets gedaan had,’ merkte één van de leden van team oranje op. Hij was de enige zwarte persoon die Erin tot nu toe had gezien, wat vreemd was, omdat zwarte mensen toch echt wel meer misdaden begaan.
      ‘Ja.’
      ‘Ik geloof er niets van.’
      Naast de zwarte man begon een vrouw te giechelen. ‘Wij hebben allemaal bekend hier. Wil je het weten?’
      Op een morbide manier was Erin wel nieuwsgierig naar een misdaden, maar iets weerhield haar ervan om te knikken.
      ‘Dus nu durven we niet meer te slapen,’ voegde de vrouw er met een brede glimlach aan toe. Er flikkerde iets gevaarlijks in haar ogen. ‘Ga jij nog slapen vannacht?’
      ‘Hierna niet meer,’ concludeerde Erin. Met een snelle pas haastte ze zich door het gangpad van team oranje. Ergens had ze verwacht dat iemand haar zou achtervolgen of haar zou tackelen. Hun ogen zagen eruit alsof ze Erin levend zouden kunnen verslinden, zoveel was wel duidelijk. Toen ze het doorzichtige deurtje echter achter zich sloot, zaten de leden van team oranje nog steeds bewegingsloos op hun stoelen.
      Erin slikte. Had die vent op het bed effectief iemand verkracht, of was dat het verhaal wat zijn teamgenoten hem hadden opgelegd, zodat ze iemand hadden om weg te sturen? Erins hart bonsde iets sneller in haar borstkas. De blikken die ze had gekregen in die wagon… ze mochten haar niet. Als ze in het verkeerde team was beland, had zij daar kunnen liggen, vastgebonden op het bed.
      Ze haastte zich naar de blauwe wagon, die het leegste was tot nu toe. Slechts drie leden bevonden zich in deze wagon. Eén oude vrouw van ergens in de zestig en twee jongere mannen, de ene misschien net dertig, de andere iets jonger. De mannen bevonden zich op het bed, het hoofd van de ene man op de schoot van de andere. Erin grimaste. Waar waren ze mee bezig?’
      ‘Dat ziet eruit als het gezicht van een homofoob,’ merkte de ene man droog op. De indeling van deze wagon leek wat meer op die van team paars. Het blauw was opvallend in de decoratie, maar minder hoofdpijn inducerend dan in de vorige wagon.
      Erin schudde haar hoofd. ‘Ik heb geen probleem met homo’s.’
      ‘Maar-’ zei de ene man uitdagend.
      ‘Je hoeft het niet door mijn strot de duwen.’
      De andere man, degene die neerlag, lachte schril en luid. ‘Ik ben niet eens gay. Het ligt gewoon vrij comfortabel.’
      ‘Ja.’ Erin geloofde er niets van.
      Ze schoof door naar de volgende en laatste wagon, die van team groen. De indeling was zoals de oranje wagon, de kleur groen even lelijk en opvallend. Om het allemaal nog erger te maken hadden ze verschillende tinten groen gebruikt. Het zag er vreselijk uit.
      Team groen had blijkbaar vijf leden, waarvan er drie op een stoel zaten, ééntje op het bed daartegenover en eentje – Aaron, de persoon die haar kwam vragen de deal te sluiten – zat op de grond. Hij was de jongste van de groep. Verder waren er twee vrouwen, allebei van middelbare leeftijd, een bejaarde man en een man die waarschijnlijk niet veel ouder dan Rune was.
      ‘Maak je een uitje?’ vroeg Aaron een vriendelijke glimlach.
      ‘Ja.’
      ‘Oranje is vreemd, hè?’
      Erin knikte.
      Hij keek zijn andere teamleden aan alsof hij een punt had gemaakt. ‘Ik zei het toch. Dus, wie durft er om naar Oranje te gaan? Of beter: wie gaat Erin straks terug escorteren naar Paars?’
      Erin knipperde een paar keer met haar ogen. ‘Is Eddie niet hier?’
      ‘Eddie? Uit jouw team?’ Aaron keek verbaasd op.
      ‘Ja.’
      Hij schudde zijn hoofd. ‘Dacht je dat hij hier was?’
      ‘We dachten dat hij ergens was.’
      ‘Op het toilet?’ opperde één van de vrouwen in Aarons team.
      ‘Voor twee uur?’
      ‘Sommige van ons hebben wat tijd voor onszelf nodig,’ zei de bejaarde man.
      Het klonk allemaal heel logisch, maar zo voelde het niet. Erin wreef ongemakkelijk over haar schouder. ‘Ik zal dan maar eens op zoek gaan naar mijn vermiste teamlid.’ Hier zat een luchtje aan.
      ‘Gaat het lukken, op je eentje door Oranje?’
      ‘Ze zullen me toch wel niet echt aanvallen.’ Erin lachte, maar niemand anders in Groen lachte mee.
      ‘Ik denk dat je het voelt,’ zegt Aaron, ‘wat echt slechte mensen zijn. Daarom klitten ze samen.’
      ‘Wat hebben jullie gedaan?’ De woorden waren eruit, voordat Erin het besefte.
      ‘Alleen als jij zegt wat jij hebt gedaan,’ zei Aaron met een speelse glimlach.
      ‘Niets, ik heb niets gedaan.’ Voor de vierde keer die dag groef Erin in haar herinneringen naar een moment waarop ze iemand opzettelijk pijn had gedaan, waarop ze iets verkeerd had gedaan. Wederom stootte ze op niets. Ze was te goed voor deze plek.
      ‘Je lijkt het ook nog echt te geloven,’ zei de andere vrouw in het gezelschap, degene die hiervoor nog niet gesproken had. ‘Maar we hebben allemaal iets gedaan.’
      ‘Dan hebben ze een fout gemaakt,’ snauwde Erin. ‘Hoe kan het ook anders? Het is geen politie, het zijn geen detectives of jury’s… Ze kunnen helemaal niet beoordelen of we al dan niet slecht zijn. Het is niet objectief.’
      Aaron keek haar intens aan. ‘Oké, als jij het zegt…’
      ‘Ik zeg het.’ Met die woorden draaide Erin zich om, terug naar haar eigen wagon.

Reacties (1)

  • NicoleStyles

    dit verhaal intrigeert me, mijn abo heb je erbij

    1 maand geleden
    • Reiner

      Dank je voor je reactie!:)

      1 maand geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen