Soms kom je op zo’n punt in je leven dat je je afvraagt: gaat dit ooit nog ergens heen?
Maak ik de juiste keuzes? Word ik hier uiteindelijk gelukkig van? Écht gelukkig?
Dit punt in mijn leven heb ik zo ongeveer nu bereikt en ik voel het aan alles.
Ik werk als psychologe en heb mijn eigen praktijk. Eigenlijk loopt het allemaal hartstikke goed en ik mag zeker niet klagen.
Maar toch… Er knaagt iets aan me. Ik zou het niet omschrijven als een verlangen om mijn leven helemaal om te gooien, maar meer als een vraag of dit misschien nodig is? Misschien moet ik er een tijdje tussenuit?
Stop met denken. Ik probeer mezelf even terug te brengen in het nu.
Ik ben onderweg naar mijn werk en merk dat ik de hele wandeling door de stad al in gedachten ben. Het doet me denken aan de morgen ná een gebroken nacht, waarbij de minuten in een waas aan je voorbij gaan.
Ik kan de mensen om me heen niet eens horen door al het rumoer. De stad is rond dit tijdstip altijd erg druk en ik slalom me een weg over de stoep. Het is een drukte die me enorm kan benauwen maar waar ik na een week bij mijn ouders, die in the middle of nowhere wonen, toch naar terug verlang.

Ik open de deur van mijn kantoorpand. Nou ja, mijn kantoorpand is het niet echt; ik huur hier een plek.
Een half jaar geleden heb ik besloten me te gaan specialiseren in relatie therapie. Ja, ik hoor je denken. Weer zo’n zielenknijper die geld verdient aan relaties die gedoemd zijn te mislukken.
Dit was een beeld dat ik zelf ook altijd had in de eerste jaren van mijn studie. Daarom probeer ik zo transparant mogelijk te zijn, ook naar mijn cliënten toe.
Soms voel je gewoon dat het klaar is, dan benoem ik dit ook. Ik heb bij mijn eigen ouders gezien dat het echter ook goed kan aflopen, mits dat speciale gevoel er nog is. Het hoeft er niet voor 100% te zijn, maar als er nog 1% over van is en je bereid bent om eraan te werken dan ben ik er heilig van overtuigd dat het mogelijk is.

“Morgen Anton.” zeg ik opgewekt als ik hem achter zijn bureau zie zitten. Anton is een knappe, modebewuste en vooral lieve man. Met zijn grote bos bruine krullen en groenblauwe ogen, stal hij meteen mijn hart. Het is dat hij op mannen valt, anders was ik er voor gegaan.
Anton kijkt op van zijn laptop en grijnst. “Hey meid. Leuk weekend gehad?”
Ik knik. “Lekker rustig. Daar was ik echt aan toe.” Terwijl ik in mijn bruine leren tas naar de sleutels van mijn kamer graai, wend ik me tot Anton. “Hoe was jouw weekend?”
Anton zucht diep en laat zich een stukje op zijn stoel achterover zakken. “Een blamage, dat was het. Ik heb je verteld over die leuke man die ik ontmoette in die biologische super om de hoek?”
Ik knik.
“Nou, we hadden dit weekend afgesproken om samen bij mij thuis te koken. En guess what?” Anton draait dramatisch met zijn ogen. “Hij heeft een open relatie!”
Ik stop abrupt met zoeken en er ontsnapt een lachje. “Anton, nee! Dat meen je niet?”
Anton trekt een pruillip. “Het gekke is, hij is zo knap dat ik bijna dacht: why not? Maar goed. Uiterlijk is niet alles. Hem delen met een ander staat me niet aan.”
Anton huurt geen kantoor, maar een werkplek in het pand. Hij heeft een eigen webshop in milieuvriendelijke verzorgingsproducten; herbruikbare wattenschijfjes enzo. Na een uur met cliënten te hebben gezeten is het heerlijk om even te kletsen met hem. We drinkend dan ook geregeld samen een cappuccino, die van Anton uiteraard met soya-melk.

Ik heb de sleutel gevonden van mijn kamer en ik loop naar binnen. “Je verdient iemand die voor je gaat Tonnie, he’s not worth it.” zeg ik en ik knipoog “Koffie om 12?”
Anton steekt zijn duim op en ik sluit de deuren achter me. De ruimt die ik huur in dit pand is niet groot maar vanaf het moment dat ik hier binnenkwam wist ik dat dit het moest zijn. Grote ramen, in bakstenen muur, en hartstikke fijn licht. Het pand is oorspronkelijk een oude fabriek.
Als je aan een psycholoog denkt dan denk je automatisch aan een hele saaie miep en in een ruimte met die hele typische leren ligstoel. Vanaf het moment dat ik afgestudeerd was wist ik eigenlijk dat dat niet mijn plan was.
Mijn kracht was altijd dat ik zo laagdrempelig was in het contact met cliënten, dus ik wil dat mijn werkruimte dat ook uitstraalt. Dus, in plaats van die typische leren stoel, heb ik gekozen voor twee okergele fluwelen stoelen, die heerlijk zitten overigens. Verder heb ik de inrichting rustig gehouden. Ik heb gekozen voor een mooi stalen rek met planten en een lekker zittende, maar toch professionele donkergroene stoel.
Ik ga zitten achter mijn bureau. Die is vintage, ooit gevonden op een rommelmarkt. Een echte parel.
Over tien minuten, om 11 heb ik mijn eerste afspraak, een intake met een nieuw stel.
Ik pak mijn notitieblok en pen en leg deze neer op mijn stoel. Ik steek een wierookstokje aan, dat brengt me altijd echt tot rust.
Er wordt op de deur geklopt. Volgens mij zijn ze er al, iets te vroeg overigens.
“Kom binnen!” roep ik. De deur gaat een klein stukje open en blonde vrouw kijk de kamer in.
“Elin Bakker?” Vraagt ze. “Ik ben Saskia, mijn man en ik hadden een afspraak om 11:00.”
Ik glimlach hartelijk. “Dat ben ik, kom binnen!” Ik sta op van mijn stoel en loop richting de deur.
Terwijl ik de hand schud van de Saskia komt haar partner binnen.
Ik moet me even herpakken als ik hem zie. Wow, wat een man.
Zwart, iets langer haar en felblauwe ogen. Hij grijnst ietwat ongemakkelijk naar me en beantwoordt de hand die ik naar hem uitsteek. “Aangenaam, Joris.”
“Hallo Joris, welkom.” Ik wijs naar de stoelen. “Neem plaats. Hebben jullie zin in een kop koffie of thee?”
Er hangt een rare sfeer tussen die twee, dat merk ik meteen. Zo’n sfeer als je net ruzie hebt gehad en op een verjaardag moet doen alsof alles koek en ei is.
Saskia glimlacht. “Lekker, met suiker graag.” Ze is een charmante vrouw, valt me op. Niet bijzonder knap. Ze heeft een grote neus en dunne lippen, maar haar uitstraling maakt haar toch mooi.
Joris vraagt om een thee en als hij me aankijkt raak ik bijna verdwaald in zijn ogen. Ze zijn zo mooi en helder, zo mooi heb ik ze nog nooit gezien.
Professioneel blijven, denk ik terwijl ik naar de koffieautomaat loop. Onderweg kijk ik naar Anton die naar mijn kamer wijst en fluistert: “Bewaar die maar voor mij, wat een knapperd!”
Ik lach en schud mijn hoofd.
Terwijl de koffie in de mok druppelt, maak ik een klein schaaltje gevuld met theezakjes.
Als beide dranken klaar zijn loop ik naar de kamer en sluit ik met mijn ellenboog de deur.
“Zo, kijk eens. Een koffie en een thee.”
Beiden zeggen bedankt.
Ik ga zitten en pak de notitieblok op mijn schoot.
“Fijn dat jullie er zijn. Vandaag is de intake dus ik zou graag een goed beeld krijgen van wie jullie zijn en wat de reden is dat jullie voor relatietherapie gekozen hebben. Na vandaag zal ik dan mijn ideeën met jullie delen over hoe we dit contact gaan invullen en voorzetten. Hoe klinkt dat voor jullie?”
“Prima.” Mompelt Joris en hij kijkt naar Saskia. Saskia weet dat hij kijkt, maar negeert hem.
“Vertel eens iets over jezelf. Alles wat je denkt dat belangrijk is.”
Joris kijkt weer naar Saskia. Als hij merkt dat zij geen initiatief neemt begint hij zelf met praten.
“Dan zal ik maar beginnen. Ik ben Joris, 30 jaar oud. Ik werk als architect bij een architectenbureau en ja, dat bevalt me erg goed. Wat nog meer?” Hij kijkt naar beneden. “Oh, ik kom oorspronkelijk niet uit de stad. Mijn ouders zijn hier toen ik 12 was naartoe verhuisd en na hun overlijden ben ik nooit meer teruggekeerd. Het bevalt me erg goed.”
“Bedankt Joris. Saskia?”
Saskia’s gezicht staat op onweer al vanaf het moment dat het gesprek daadwerkelijk van start ging.
“Ik ben Saskia. Ik ben 33 jaar en ik kom wel uit de stad. Geboren en getogen. Ik werk als kapster in een salon hier om de hoek. Dit doe ik parttime en…”
Saskia praat verder en ik merk dat mijn aandacht getrokken wordt door Joris.
Ik kan het niet goed beschrijven, maar iets aan hem maakt me ietwat nerveus. Hij is rustig, vriendelijk maar straalt een soort zelfverzekerdheid uit die ik, als ik eerlijk mag zijn, erg aantrekkelijk vind.
Als ik hem in me opneem, zie ik plots dat hij me aankijkt. Ik schrik een beetje en wend m’n blik snel af. Terug naar Saskia, die nog vertelt over haar werk. Het voorval geeft me een warm en onrustig gevoel.
“en toen heb ik dus besloten om de positie van filiaalmanager te laten vallen. Nu werk ik dus gewoon als kapster in de salon.” Dan is het stil.
“Bedankt, fijn dat jullie dit wilde delen.” Ik kijk even gauw naar Joris, die me overigens nog steeds doordringend aankijkt. “Kunnen jullie me vertellen waarom jullie hier zijn?”
“Ja.” Zegt Joris snel. “Saskia wil niet meer met me verder. Ze heeft iemand anders ontmoet, zegt ze.”
Ik houd me wijselijk stil en ik kijk vragend naar Saskia.
“Hij heeft gelijk. Ik ben verliefd op een ander.” Ze floept het er zo snel uit dat ik hiervan even uit mijn doen ben. "Wat mij betreft is het klaar. Het is over tussen mij en Joris."
“Oké.” Zeg ik. “En Joris, hoe sta jij erin?”
Joris kijkt een beetje nors en zegt: “Ik wil haar niet kwijt. Ik weet dat het een bevlieging is. Wij hadden het zo goed altijd.”
Terwijl Joris praat, zie ik dat Saskia zich ongemakkelijk voelt. Haar houding wordt steeds geslotener en ze friemelt aan haar Casio horloge.
“Het overviel me.” Verdedigt Saskia zich. “Ik kwam hem tegen in de stad en het was meteen raak.”
Ik kan niet goed beschrijven hoe dit stel mij laat voelen. Ik heb door dat er iets niet helemaal pluis is.
Saskia wil scheiden, is naar eigen zeggen verliefd. Waarom zijn ze in dan überhaupt nog therapie? Je besluit toch samen of je in therapie gaat of niet?

Ik ga verder met het gesprek, waar ik overigens in het volgende half uur niet veel wijzer van wordt.
Na een uur sluit ik het gesprek af. “Bedankt voor jullie openheid. Ik zou graag een vervolgafspraak maken om mijn plannen te bespreken. Later vandaag zal ik jullie een aantal voorstellen doen.”
Saskia merkt dat dit dus het teken is om weg te gaan en staat op. “Dank je. Ik zie het wel verschijnen.”
Ze kijkt Joris aan, knikt zakelijk en vertrekt. Allemaal binnen nog geen minuut.
Saskia leek niet boos, maar eerder enorm van slag. Tijdens het gesprek leek ze op bepaalde momenten zelfs angstig, terwijl Joris enorm rustig en vriendelijk was.
Het plotselinge vertrek van Saskia heeft mij verrast en ik zie dat ook Joris hiervan opkijkt.
“S-sorry, dat was niet zo vriendelijk van haar. Het is een lastige tijd voor haar… ons.”
Ik knik begrijpend. “Je hoeft je niet te verontschuldigen. Dit is niet makkelijk. Ik vind het goed dat jullie überhaupt gekomen zijn.”
Joris trekt zijn jas aan en terwijl hij dit doet, merk ik dat zijn blouse een klein beetje omhoog trekt. Hij ontbloot hiermee, onbedoeld, een stukje van zijn buik. Zijn afgetrainde buik overigens.
Ik zie de contouren van zijn wasbordje en merk dat ik er opgewonden van raak. Als hij merkt dat ik ernaar kijk trekt hij zijn hemd omlaag en er ontsnapt een voorzichtige grijns. Hij geniet ervan.
“Bedankt Elin.” Zegt hij terwijl hij naar me toeloopt. Hij steekt zijn hand uit naar me.
Ik zeg niks en pak zijn hand aan. In plaats van een keer de hand te schudden, blijft hij mijn hand vasthouden en kijkt me doordringend aan.
Mijn hart begint enorm hard te kloppen en ik merk zelfs dat mijn benen slap worden. Deze man… het effect wat hij op mij heeft is ongekend…
Ik herpak mezelf. “Graag gedaan Joris. Ik zie je over twee weken.”
Joris lacht en loopt de kamer uit. Ik kijk hem na tot het moment dat hij de deur achter zich sluit.
Ik slaak een diepe zucht en leun tegen mijn bureau. Mijn hart klopt nog steeds als een gek.
De seksuele spanning die er zojuist hing, heb ik nog nooit gevoeld.
Ik neem een slok water en spreek mezelf toe. “Dit mag niet Elin. Cliënten zijn verboden terrein.”
Dit gaat niet meer gebeuren. Puur zakelijk.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen