Direct zodra ik het teken krijg dat ik mag vertrekken, storm ik de zaal uit en begeef me naar de enige plek in het gebouw waar ik hoogstwaarschijnlijk met rust gelaten wordt: het dak. Als ik echter boven aankom, blijkt die inschatting verkeerd. Leunend tegen de balustrade en uitkijkend over het drukke, levendige Capitool dat zich onder ons uitstrekt, staat een jongen.

Ik bescherm met mijn hand mijn ogen tegen het felle tegenlicht, en zat dan een paar stappen op de andere tribuut af, tot ik zijn gestalte herken. Mijn twijfels of ik beter een andere plek op kan zoeken, waar ik echt alleen ben, verdwijnen naar de achtergrond. “Daniel?” zeg ik aarzelend. Hoewel ik het zelf best prima vind dat hij er is, kan ik me heel goed voorstellen dat hijzelf liever even niemand om zich heen heeft. De meeste mensen gaan niet naar het dak voor een gezellig gesprek.

Day kijkt verbaasd om, maar glimlacht als hij me ziet. "Chris." Hij draait zich om en leunt met zijn ellebogen op de rand van het dak, met zijn rug naar de zon gekeerd. "Hoe ging het?"

"Behoorlijk fantastisch, maar dat heeft niemand gezien." Ik slaak een gefrustreerde zucht, als ik terugdenk aan mijn privésessie. Nu de adrenaline begint te vervagen, komt het besef hoe oneerlijk het is pas écht binnen. Je kunt nog zulke goede dingen laten zien, het maakt niet uit als er niemand is die naar je kijkt. Tegen de tijd dat mijn tijd erop zat, was er helemaal niemand meer aan het kijken. Het interesseert hen niet het cijfer mijn overwinningskansen kan beïnvloeden. Het interesseert hen sowieso niet dat er straks drieëntwintig kinderen doodgaan - als degenen die de arena bedienen, hebben zij waarschijnlijk een groot deel van die sterfgevallen op hun geweten, maar daar zullen ze niet van wakker liggen. We zijn allemaal dieren in hun gouden kooi, die daar zitten voor hun vermaak. Het bloedvergieten maakt het alleen maar interessanter. "Mag ik erbij komen staan, of moet ik bang zijn dat je me dan over de rand duwt?" vraag ik aan Day.

De jongen wenkt me en grijnst. “Je bent mijn bondgenoot en bovendien erg welkom gezelschap, dus je hoeft je geen zorgen te maken. Ik zal je niet van het dak duwen,” zegt hij plechtig, als een belofte.

"Ik dacht dat je misschien zou willen proberen om van je koekjes-schuld af te komen." Ergens weet ik heel goed dat die schuld waarschijnlijk voor mij is. Maar als misschien één relatief sober iemand mijn acties toevallig gezien heeft, bestaat er nog steeds een kleine kans dat ik een ruime voldoende haal. Zelfs dan is het echter onwaarschijnlijk dat ik echt hoger uitkom dan Day, maar misschien weet ik er nog wel een gelijkspel uit te slepen en krijgen we allebei koekjes van Jade. Ik loop naar de reling en staar naar de horizon, waar de zon begint te dalen, en de lucht in warme tinten hult. Even sluit ik mijn ogen en probeer ik de warmte te voelen, maar het is niet zoals thuis. De zon lijkt hier vele malen minder sterk te zijn en de wind die om ons heen waait, zorgt er alleen maar voor dat ik het koud krijg. Toch voelt het aangenamer dan in de witte zalen van de kliniek, of in de lokalen op school, waar de ergernis altijd van iedereens gezicht afdruipt als ik aan kom lopen. "Dat hoor ik niet erg vaak, dat ik welkom gezelschap ben."

"Welke koekjes-schuld? Ik heb er juist nog wat tegoed," grapt Day, maar dan verschijnt er een serieuzere, maar nog altijd warme blik op zijn gezicht. Hij draait zich weer om naar de horizon, en sluit zijn ogen als ook hij het zonlicht op zijn gezicht laat vallen. "Dan zouden mensen het wel wat vaker mogen zeggen, want het is zeker zo." Even is hij stil, genietend van het licht, maar dan opent hij zijn ogen weer en kijkt hij mij weer aan. "Heb je nog wel wat aandacht kunnen trekken tijdens je sessie?"

"Ik hoop het,” mompel ik. Ik denk dat het aandacht trekken enigszins gelukt is, maar dat het vasthouden van die aandacht niet gegaan is zoals had gemoeten. Het was misschien best goed, het was cool, maar het was niet interessant genoeg voor mensen die al uren hadden gekeken naar sterke, getalenteerde mensen gekeken hadden - en een handjevol valsspelers die van jongs af aan hiervoor getraind hebben. “Ik heb een rek met zwaarden omver getrapt. Dat maakte een hoop herrie."

Day knippert even verbaasd met zijn ogen, maar schiet dan in de lach. "Dat is typisch. Je hebt in elk geval echt iets van jezelf laten zien." Dan werpt hij me een geruststellende blik toe. "Het zal in elk geval iets van aandacht getrokken hebben."

"Hopelijk vonden ze het niet alleen maar irritant." Ik zucht. Mijn actie mag dan voor een paar seconden de aandacht getrokken hebben, de kans is best aanwezig dat de meerderheid van de spelmakers er alleen maar door geërgerd was. Die zouden het kind dat hun gesprek onderbreekt met een hoop kabaal waarschijnlijk sowieso geen voldoende geven, al zet hij nog zo’n goede prestatie neer. “En wat heb jij gedaan, dat je er zo zeker van bent dat die koekjes voor jou zijn?”

"Eerlijk gezegd: niet veel bijzonders. Ik heb voornamelijk wat met mijn bijl gezwaaid." Day haalt zijn schouders op, duidelijk niet echt overtuigd van het feit dat hij bijzonder goed is in zwaaien met een bijl. "Vlak na de pauze waren ze er met hun aandacht redelijk bij, dus nu maar hopen dat het in mijn voordeel werkt."

Ik kijk de jongen peilend aan. Net als voor de privésessies, straalt hij een en al spanning uit, alsof zijn hele hoofd vol zit met regenwolken vol zorgen. Het is een stom systeem - alleen maar een manier om de weddenschappen bij te sturen. Het zou me niets verbazen als de spelmakers soms lage cijfers geven aan degenen waar ze zelf op willen wedden - alles om de winst zo groot mogelijk te maken, ten koste van de sponsoren van het kind in kwestie. Ik zucht zacht, en richt mijn blik weer op de skyline van bijzondere, stralend verlichte flatgebouwen. Ver onders ons lopen miljoenen mensen door de stad, drukker bezig met wat voor zoetigheid ze vanavond gaan eten en welke soap ze gaan kijken, dan met het feit dat er overmorgen kinderen gaan sterven voor hun vermaak. Het is voor hen niet meer dan het zoveelste tv-programma, maar wel eentje waarbij ze de afloop kunnen veranderen. "Eigenlijk zou juist jij je van alle mensen geen zorgen over hoeven te maken. Je krijgt de sponsoren toch wel - een té hoog cijfer zou misschien alleen maar in je nadeel werken."

Ook Day zucht. "Ik weet het. Mary had me nadrukkelijk verboden om iets te doen wat extra aandacht zou trekken." Hij schudt kleintjes zijn hoofd, en er verschijnt een zwakke, niet-erg-overtuigende glimlach op zijn gezicht. "Misschien moet ik toch maar vast wat koekjes gaan regelen dan."

"Ik denk niet dat het mogelijk is voor jou om geen aandacht te trekken," mompel ik. Day hoeft er niet eens luidruchtig voor te zijn, of rekken met zwaarden om te trappen. Als hij ergens binnenkomt, met zijn vriendelijke lach, wordt hij meteen door een groot deel van de aanwezigen begroet. Mensen waarderen zijn aanwezigheid, en dat geldt ook voor mij. Ik glimlach zwakjes terug naar hem. "Ik bedoel, ik denk dat je vanaf het eerste moment sowieso wel iedereens aandacht had."

Day kijkt echter verbaasd op, en kijkt me vragend aan. "Waarom denk je dat?"

Ik haal mijn schouders op en voel het bloed naar mijn wangen stijgen, als ik ineens niet meer goed uit mijn woorden kom. "Je hebt mijn aandacht meteen getrokken,” zeg ik. Ik heb er meteen spijt van. Door opmerkingen als deze krijg ik vragen van mensen zoals Jade, en de Capitoolgast op het feest. Ik laat het telkens klinken alsof er meer is - de woorden komen niet uit mijn mond zoals ik dat wil, of klinken verkeerd zodra ik ze hardop uitspreek. Misschien zou ik maar gewoon helemaal niets meer moeten zeggen - daar zouden veel mensen waarschijnlijk alleen maar blij mee zijn. Maar in plaats van voortaan wijselijk mijn mond te houden, ratel ik verder. "Maar dat komt natuurlijk ook doordat jullie zo'n... interessante Boete hadden," zeg ik, me halverwege mijn zin realiserend dat dit een heel gevaarlijk onderwerp is. Hoewel ik betwijfel dat het Capitool hier afluisterapparatuur heeft hangen - onze stemmen zouden waarschijnlijk niet boven de wind uitkomen - blijft het heel riskant om iets concreets te zeggen over Days Boete. Als het Capitool erachter komt wie er achter het incident met de stenen zaten, zijn waarschijnlijk zowel de schuldigen als hun onschuldige gezinnen in District 7 hun leven niet meer zeker.

"Oh, dat. Ja." Day wendt zijn blik af en haalt ongemakkelijk een hand door zijn haar. "Dat was, zacht gezegd, misschien niet ideaal." Hij tovert een toegeeflijke glimlach op zijn gezicht, maar de blik in zijn ogen blijft bezorgd en zijn grip op de balustrade versterkt.

"Dan had ik hier alleen gestaan," mompel ik. Als de bol niet kapot gespat was, als de briefjes niet alle kant op gedwarreld waren, had Days begeleidster waarschijnlijk een ander briefje gepakt - een briefje zonder Days naam erop. Dan was de jongen nog veilig thuis geweest, bij zijn gezin, in plaats van dat hij naast me had gestaan, in afwachting tot onze dood. En hoewel hij het zoveel meer verdient om gewoon thuis te zijn, jaagt de gedachte aan hier zonder hem staan een koude rilling over mijn rug, hoe ironisch dat ook is. Ik kwam hier om alleen te zijn, te schreeuwen tegen de afgrond, tegen de mensenzee onder me, die me toch niet kan horen, en tegen de wereld, die toch niet luistert. Maar nu Day er is, wil ik alleen nog maar met hem blijven praten. Ik wil niet meer alleen zijn - dat ben in de afgelopen jaren al veel te veel geweest."Ik vraag me af wiens idee het was. Waarom zou je..." Ik maak een wazig gebaar in het niets, maar de boodschap is duidelijk. Waarom zou je zoveel riskeren, als het niemand iets oplevert? Ik weet dat ik veel stomme dingen doe, maar meestal heb ik daarbij wel het idee dat het een verschil zou kunnen maken, zelfs als dat achteraf niet het geval blijkt te zijn. Dit is anders. Er is geen goede uitkomst, en Day is slim genoeg om beter te weten.

"Het is een heel slecht idee," mompelt Day en hij knikt instemmend, maar zijn blik verraadt zijn spijt. "Maar misschien was het een kwestie van... kennissen die dat slechte idee wilden uitvoeren en-" Hij valt even stil en haalt zijn schouders op, terwijl hij mijn oogcontact ontwijkt. "Dan kan het ineens heel snel gaan."

Natuurlijk was het niet Days plan. Hij is te slim, te vredelievend en te voorzichtig om met een idee te komen dat als een daad van verzet te komen. Dat hij er toch in mee gegaan is, kan alleen maar betekenen dat hij niet het gevoel had dat hij echt een andere keuze had. Wie deze ‘kennissen’ ook zijn, ze hebben Day niet alleen overtuigd om een onnodig risico te nemen waar hij zelf duidelijk totaal niet op zat te wachten, ze zijn er ook verantwoordelijk voor dat Day getrokken is voor de Spelen. Deze mensen, waarvan het haast niet anders kan dan dat Day ontzettend veel om ze geeft, hebben ervoor gezorgd dat hun ‘kennis’ misschien doodgaat. Hoe ongemakkelijk het idee om hier zonder Day te staan me ook maakt, ik voel niets dan woede voor deze mensen, van wie ik niet eens de namen weet. "Het was ontzettend gevaarlijk.” Ik voel de kille, gefrustreerde ondertoon mijn stem in sluipen, en werp Day snel een zijdelingse blik toe. De enige fout die hij gemaakt heeft, was zijn eindeloze vriendelijkheid - en zijn talent om goed te mikken. "Maar wel een hele strakke worp." Ik probeer een lach op mijn gezicht te plakken, in een poging om het nare gevoel van me af te schudden, maar dat lukt pas een beetje als Day mijn lach met een grijns beantwoordt.

"Het ging misschien ook niet volledig volgens plan,” geeft hij toe. “En achterblijven met stenen was nog gevaarlijker, dus..." Hij steekt zijn handen in zijn broekzakken, als een nonchalant, subtiel gebaar om duidelijk te maken dat hij na zijn worp nog een steen over had, die hij ergens kwijt moest. "Het was vooral ontzettend dom, eerlijk gezegd." Hij glimlacht, maar schuifelt ongemakkelijk een beetje heen en weer.

"Dan weten ze in ieder geval zeker dat ze de dader niet in jouw kringen hoeven te zoeken," zeg ik met een scheve glimlach. Als blijkt dat we toch afgeluisterd worden, kan ik hopelijk zo in ieder geval Day en zijn familie buiten schot houden. Zij hebben het al wel zwaar genoeg. "Jij bent slimmer dan dat."

Day wordt rood, kijkt me schuldbewust aan en richt zijn blik dan snel weer op de horizon. "Laten we het daar maar op houden." Even is hij stil, maar dan zucht hij, met nog altijd een blik vol zorgen in zijn ogen. "Ik hoop dat niemand erdoor in de problemen is geraakt."

"Niet in grotere problemen dan de Spelen." Ik zucht ook, en staar naar de verschillende lichtjes in de verte. Over minder dan twee dagen zit ik in de Hongerspelen - ben ik misschien al wel dood. Hetzelfde geldt voor Day. En toch staan we hier, in de zon, te piekeren over hoe alles anders had kunnen lopen, als we ergens maar een andere keuze hadden gemaakt.

"Goed punt." Er verschijnt weer een zwakke glimlach op zijn gezicht, die zijn ogen niet bereikt, voor hij heel zacht uitspreekt wat we allebei denken: "Het komt nu echt dichtbij."

Reacties (3)

  • Incidium

    Days reactie op een compliment is cute haha. Dit was verbazend vreedzaam voor een gesprek op het dak, ik ben onder de indruk

    2 weken geleden
    • Samanthablaze

      Bij mij alleen maar vriendelijke dakgesprekken, anders zou Chris een nieuwe vluchtplek moeten zoeken

      2 weken geleden
  • Duendes

    Ohmygosh dit gesprek is zo super precious awh en also Chris is zó gay en begint het zelf door te krijgen oeps awhh wat een cutie ALSO Chris die meteen die super pissed is op Days vrienden is adorable awh en Day zit daar gewoon alleen maar van "ehhhh ja dat was dom ik weet het oef" awhh
    En ik ga stuk om Chris die like twijfelt of hij de weddenschap wint van Day maar wel enorm zeker is van dat hij wel wint van Jade ohmygosh

    3 weken geleden
    • Samanthablaze

      Hij komt er langzaam achter - hij ontkent het alleen nog wel heel erg
      I mean Chris is ervan overtuigd dat als iemand hem gezien heeft, dat hem een goed cijfer oplevert maar hij weet niet wat Jade allemaal kan

      3 weken geleden
  • Megaeraaa

    Ik zal je niet van het dak duwen
    Technisch gezien zou hij dat ook niet kunnen aangezien er zo'n krachtenveld rond het dak is

    3 weken geleden
    • Samanthablaze

      Dat is in de 74e games, maar dat wil niet zeggen dat het bijna 20 jaar daarvoor daar ook al zat

      3 weken geleden
    • Megaeraaa

      Ah ja de technologie gaat vooruit en zo

      3 weken geleden
    • Samanthablaze

      Precies, en ik kan me voorstellen dat ze pas nadenken over het plaatsen van zo'n beveiliging nadat het een keer (bijna) mis gaat

      3 weken geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen