Nu staat alles online

‘Ik denk het. Het is wel iets wat jou kan leren,’ knipoog ik naar hem.
‘Oh nee, dat hoeft niet.’ Wat jammer nou.
‘Het was maar een grapje. Al zou ik wel een goede leraar zijn,’ zeg ik lachend.
‘Als jij het zegt.’ Ik kan heel goed zoenen.
‘Ik heb Alex nog niet horen klagen.’ Eigenlijk heb ik nog nooit iemand horen klagen.
‘je leert het hem?’ Da nu ook weer niet.
‘Dat niet, dat heeft May al gedaan, maar ik heb nog geen klachten gehoord over mijn zoen skills.’
‘Oh, ik denk dat ik het begrijp.’
‘Top.’
Parveen knikt een paar keer en we zijn beide even stil.
‘So…,’ zeg ik om weer een gesprek op gang te krijgen.
‘Wat is er?’ Niks, maar ik moest toch iets zeggen.
‘Ik wist niks om te zeggen en ik hou niet zo van stiltes tijdens een gesprek.’ Die zijn echt vervelend.
‘Ik zal ook niet weten wat ik verder moet zeggen.’
‘Gezellig,’ lach ik.
‘Niet echt. Eerder stil en saai.’ Joh.
‘Oh, echt waar,’zeg ik lachend.
‘Ja, echt waar.’ Ik moet echt lachen op hem. Hij gaat er zo serieus op in.
‘Wat valt er zo te lachen?’ Hij heeft het echt niet door.
‘Je bent gewoon zo grappig.’
‘Dat begrijp ik niet helemaal.’
‘Dat hoeft ook niet,’zeg ik weer lachend.
’Maar ik wil het weten,’ mompelt hij.
‘Wil je het echt weten?’ Het was toch duidelijk dat ik sarcastisch was.
‘Ja,’
‘Ik was sarcastisch en jij gaat er gewoon serieus op in. Dat vond ik grappig.’
‘je was wat?’ Ik kijk hem verbaasd aan. Dit is een grapje toch?
‘Weet je niet wat sarcasme is?’
‘Nee. Niet echt.’ Nee, dat kan niet.
‘Nee, nu lul je toch?’
‘Ik weet niet alles.’
‘Dat blijkt.’Ik lach even
‘Maar sarcasme is als je iets zegt wat je niet echt meent.’ Ik moet echt geen leraar worden, met mijn uitleg skills.
‘Oké. Dat weet ik dus ook weer.’
‘Ik had niet verwacht jou nog wat te leren. Je lijkt me best slim, Proffie.’Al heeft hij wel bewezen dat hij niet heel slim is, maar toch lijkt hij nog steeds slim.
‘Ik ben slim, maar dat wist ik nog niet.’
‘Dan had ik toch gelijk en klopt mijn bijnaam voor je ook, Proffie.’
‘Waarom verzin je zoiets?’ Waarom niet.
‘Ik vind het gewoon leuk om mensen een bijnaam te geven. Alex is Kleintje en jij Proffie.’
‘Oh oké. Ik vind het prima.’
‘Mooi. Heb je eigenlijk gezien wat Alex en May de hele dag hebben gedaan?’ Ik ben eigenlijk best wel benieuwd. Ze deden er best wel raar over.
‘Nee, wat deden ze dan?’ Ik vraag het niet voor niets.
‘Dat weet ik niet. Ik heb de hele dag geslapen, daarom vraag ik het ook.’
‘Oh, nee ik weet het niet. Ik lette niet zo op hen.’
‘Oké. Je hebt ze dus niet even bespied?’
‘Nee, en ik zal niet weten waarom ik dat moest doen?’ Dat hoeft ook niet.
‘Ik ook niet, maar het had gekund. Er zijn mensen die het wel zouden doen.’
‘Ik ben niet zo’n iemand.’ Ik ook niet.
‘Gelukkig maar.’
‘Zal jji dat dan doen?’P
‘Nope, ik vind het echt zielig als mensen iemand anders gaan bespieden.’ Je hebt van die mensen die je echt gaan bespieden, omdat ze alles moeten weten.
‘Ja, inderdaad. Sommige mensen kunnen hun nieuwsgierigheid niet bedwingen.’
‘Ja, echt erg. Al kunnen wij ook onze nieuwsgierigheid naar elkaar niet bedwingen.’ We zijn elkaar aardig aan het uithoren.
‘Maar wij praten, dat is wat anders.’ Daar heeft hij een punt.
‘Daar heb je gelijk in.’
‘Praten kan amper wat kwaad.’
‘Yep, en de tijd gaat er lekker snel door.’
‘Ja inderdaad. Hoe laat zou het nu ongeveer zijn denk je?’ Hoe moet ik dat nu weer weten.
‘Ik zou het eerlijk gezegd niet weten. Het is in iedergeval nog geen twaalf uur geweest.’ Want we hebben de gevallen tributen nog niet gezien.
‘Tijd is ook wel moeilijk te bepalen als er nergens een klok hangt.’
‘Ja, en er is hier ook geen zon waaraan we kunnen bepalen hoelaat het is.’
‘Inderdaad, dat maakt het wel echt irritant.’
‘Maar mijn gevoel zegt me dat het niet lang meer gaat duren voordat we de gestorven tributen gaan zien.’
‘Het zullen er vast minder zijn dan de vorige keer. Want toen was het bloedbad er en nu zwerft iedereen maar wat rond.’ Dat is altijd zo. Op de eerste dag zijn altijd de meeste doden.
‘Dat zal het zeker, maar ik heb echt geen idee hoeveel er gestorven zijn vandaag.’ Ik heb de hele dag geslapen.
‘Nee, ik ook niet.’ Wat weet hij eigenlijk wel over vandaag?
‘Je hebt echt in je eigen wereldje gezeten.’
‘Hm, ja ik denk het wel.’ Ik lach om hem.
‘En hoe ziet dat wereldje eruit?’
‘Minder gevaarlijk dan hier en zonder andere tributen die mij willen vermoorden.’ Klinkt als een goed wereldje.
‘In dat wereldje zou ik ook wel willen zijn. Ben je eigenlijk aangevallen door andere tributen?’
‘Nee, alleen door die minotaurus. Jij?’ Is dat niet duidelijk?
‘Ik wel. Hoe denk je anders dat ik aan mijn wonden ben gekomen?’ Ik show mijn armen.
‘Oh, dat ziet er pijnlijk uit.’ Zo'n pijn doet het niet.
‘Dat valt wel mee, maar de wurgsporen in mijn nek zijn wel echt pijnlijk.’
‘Wie heeft daarvoor gezorgd dan?’
‘De jongen uit tien, maar hij kan het niet meer navertellen.’ Daar heb ik nog steeds spijt van.
‘Dus hij is dood?’
‘Ja,’ zeg ik zachtjes.
‘Je vindt het erg, zo te merken.’ Dat merkt hij goed.
‘Niet perse dat hij dood is, maar de manier waarop. Je weet hoe ik ben als ik kwaad ben en geloof me ik was erg kwaad.’
‘Hij had jou anders ook wel dood gemaakt.’ Daar heeft hij weer een punt.
‘Dat had hij zeker.’
‘Ik hoop dat niemand mij probeert dood te maken. Dat idee staat me niet aan.’ Dan is hij wel op de verkeerde plek.
‘Wel die kans is wel groot.’ Dit zijn de Hongerspelen en daar worden mensen vermoord.
‘Ik weet het, maar toch.’
‘Ik snap het. Ik zit er ook niet op te wachten om vermoord te worden, maar eigenlijk maak ik me veel meer zorgen om Alex.’
‘Hij zit er vast ook niet op te wachten om vermoord te worden. Wie wel eigenlijk?’ Niemand, denk ik.
‘Niemand, denk ik. Maar ik kan mijzelf nog verdedigen en hij niet echt. Ik heb hem wel getraind in het Capitool, maar toch.’
‘Dat waren drie dagen. Dat is niet echt veel.’ Dat was het ook niet.
‘Daarom. En het was eigenlijk maar één dag.’
‘Oh, ja dat is nog minder.’
‘Yep.’ Ik haal de paarse lappen stof van mijn armen en kijk naar mijn tattoo.
‘Ik hoop echt dat het geen litteken wordt.’
‘Vast niet.’ Ik hoop het.
‘Gelukkig, anders is mijn tattoo echt verpest.’ En die is echt belangrijk voor me.
‘Dat zou zonde zijn ja.’
‘Inderdaad.’ Ik gooi de paarse lappen stof naast mij op de grond.
‘Daar hebben we ook niks meer aan,’ zeg ik. Parveen knikt. Het logo van Panem verschijnt weer en het volkslied klinkt. Het gezicht van Naeve verschijnt aan de hemel. Ik kan mijn lach niet inhouden.
‘Dit is echt geweldig. Al had ik Naeve liever zelf vermoord.’ Parveen staart naar de foto.
‘Het gaat erom dat ze dood is.’ Het is wel jammer dat Aderyn niet ook dood is.
‘Dat is waar,’ Naeve verdwijnt en Olive verschijnt. ik krijg een grote glimlach op mijn gezicht.
‘Ah, het wordt steeds beter.’ Ze verdiende het om dood te gaan.
‘Je bent wel erg blij hé?’
‘Sorry, maar zij was gewoon een grote bitch.’
‘Als jij het zegt.’ Het is zo.
‘Echt hoor. Ze leek wel zo lief en aardig. Maar ze probeerde mij elke keer voor schut te zetten en ze ging zelfs zitten stoken tussen Alex en mij. En ze zetten Alex voor schut.’
Het beeld verdwijnt en het is weer stil in de Arena.

Reacties (1)

  • Samanthablaze

    ‘De jongen uit tien, maar hij kan het niet meer navertellen.’ Daar heb ik nog steeds spijt van.
    rip Bo, we missen je(huil)

    1 maand geleden
    • Marveldrake

      Ja nou jouw verhaal te hebben gelezen, is het nog erger. Nu heeft ie er nig meer spijt van

      1 maand geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen