“We kunnen haar been niet in het gips doen, want de wond moet nog helen. Waarschijnlijk komt het zo allemaal wel goed, maar ze moet wel rustig aan doen.” Ik kijk de doktor aan en knikt maar gewoon. Dat gaat dus echt nooit lukken! De doktor loopt de kamer uit en we gaan op de stoeltjes in de kamer zitten.

Anouk POV
Pijnlijke steken in mijn been doen me mijn ogen openen. Even is alles om me heen vaag, maar dan wordt alles helder. Versuft kijk ik om me heen. Waar ben ik?
“Ze is wakker!” klinkt de stem die ik dus absoluut niet wilde horen! Droog kijk ik Georg aan.
“Oké, dude… Waar ben ik, wat is er gebeurt en wat doe jij hier?!” grom ik chagrijnig. Een zucht klinkt, niet alleen van Georg, maar ook van Tom, Gustav en Bill.
“Je bent in het ziekenhuis, aangezien je het nodig vond om je been te breken tegen de garagedeur. En ik ben hier omdat dat gewoon iets is wat familie voor elkaar doet,” legt Georg me uit. Even kijk ik hem raar aan, maar dan schiet ik in de lach. Iedereen kijkt me raar aan.
“Ik ben in het ziekenhuis omdat ik het nodig vond om mijn been te breken tegen de garagedeur?! Dat snap ik nog wel, maar dat jij hier moet zijn… O mijn god!” Ik stop met lachen en kijk ze serieus aan. “Oké, ga nu maar weer weg…” grom ik en ik probeer me op mijn zij te draaien. Een scherpe pijnscheut schiet door mijn been. Ik krimp ineen en vloek. Georg is opgesprongen en kijkt me bezorgd aan. Ik knijp mijn ogen dicht, zucht en ontspan.
“Gaat het?” vraagt Georg. Ik sper mijn ogen wijd open en kijk hem pissig aan.
“Zie ik eruit alsof het gaat?!” snauw ik hem toe. Dan gaat de deur open en komt ‘mijn moeder’ hysterisch binnengestormd. Spontaan begin ik te gillen. Ze vliegt me om de hals en ik begin te spartelen. Pijn schiet door mijn lichaam, maar dat mens moet me gewoon loslaten!
Als ik ergens niet tegen kan, is het wel dat mensen me gaan knuffelen zonder dat ik dat wil of als het onverwacht is.
“Haal haar weg! Haal haar weg!” krijs ik. Er komen wat verplegers binnengestormd om te kijken wat het lawaai is. Ze trekken ‘mijn moeder’ van me af en proberen me te kalmeren. Dan pakt een van ze een spuit en voel ik een prikje in mijn arm. Meteen word ik rustig. Mijn been steekt en ik ga kapot van de pijn. Ik kijk de verpleegster aan.
“Mag ik nog wat pijnstillers?” vraag ik. Ik heb nu door dat die mensen tenminste wel het beste met me voor hebben. Ze knikt en opent een laatje. Ze haalt er wat pillen uit en geeft die aan mij, met een glas water. Ik stop de pillen meteen in mijn mond en slik ze met een flinke slok water door. Mijn ‘gasten’ kijken me geschrokken aan.
“WAT?!” roep ik chagrijnig. Meteen went iedereen zijn hoofd af. Zachtjes vloek ik. Ik heb hier dus echt geen zin in! “Kan iedereen nu even opflikkeren?” grom ik. ‘Mijn moeder’ kijkt me geschrokken aan. Ze is zulk taalgebruik zeker niet gewend van mijn ‘o zo lieve homobroer’. Wat een zielige bedoeling. Mijn ‘gasten’ lopen mijn kamer uit, maar ik hou een verpleegster tegen. “Wanneer mag ik naar huis?” vraag ik. Ze denkt na.
“Dat weer ik niet, ik zal het wel even aan de doktor vragen,” antwoordt ze. Ik zucht chagrijnig. Ziekenhuizen zijn stom, ik ben er al te vaak geweest. Waarom weten verpleegsters ook altijd maar zo weinig? Zij komen wel de hele tijd hier om voor me te zorgen! De verpleegster kijkt nog een keer op de papieren die aan mijn bed hangen en loopt dan de kamer uit. Ik zucht. En daar lig ik dan alleen in een groot wit bed in een grote witte kamer in een groot ziekenhuis in een grote stad in een groot kutland… Oké, het is definitief. Ik. Wil. Dood. Dan komt de verpleegster weer binnengelopen, met achter haar aan een doktor. Schiet me nu maar meteen neer! Ik heb echt een hekel aan doktors!
“Hallo Anouk,” glimlacht de man vriendelijk. Ik kijk hem droog aan.
“Yo!” De man kucht verward. Die vent moet echt een onder de mensen komen en zich verdiepen in de jeugd van tegenwoordig.
“Zoals je weet, heb je een gebroken been. We moesten je been terugzetten en hebben daarna de wond gehecht. Jammer genoeg kunnen we door die wond je been niet gipsen. Daarom moet je de komende tijd rustig aan doen om je been te laten herstellen. We zullen je flink wat pijnstillers voorschrijven, dan kun je morgen naar huis.” Ik knik braaf.
“En waarom mag ik niet vandaag al naar huis?” vraag ik chagrijnig.
“Omdat we je liever hier nog een nachtje hebben ter observatie,” legt de doktor uit. Zoals van me verwacht wordt, knik ik. Maar eigenlijk weet ik hoe het echt zit. Ze willen gewoon flink wat geld vangen! Vuile uitpersers!

Reactions <3

Reacties (11)

  • Ecee

    egt aardig is zei héé. met z0iemand thuis verveel je je zeker no0it, dan ga je t0ch zeker 0p en neer van het ziekenhuisxD

    1 decennium geleden
  • xMyObsession

    Mooi:)

    1 decennium geleden
  • xMyObsession

    Mooi:)

    1 decennium geleden
  • Karennn

    verderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverderverder?

    deze story is geweldig! <33
    xxx

    1 decennium geleden
  • WildIsTheWind

    Snel verder!!!!!!

    1 decennium geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen