Foto bij OO4

Jade Livingstone

Ik stak mijn arm door haar arm en trok haar mee naar Goudgrijp. “Waarom gaan we naar Goudgrijp?” vroeg Quana verbaasd. “Ik heb geen kluis met geld, hoor.” “Ik wel. Of tenminste, mijn ouders wel. Ik heb stiekem mijn moeders sleutel gedupliceerd toen ze niet oplette.” Ze keek me bestraffend aan. “Je mag niet toveren buiten Zweinstein!” “Niet zo hard! Dat weet ik ook wel, maar ik moet toch schoolspullen kopen?” Ik grijnsde en ze begon ook te lachen. “Kom, dan kunnen we daarna een toverstok voor je kopen.”
Na een misselijkmakend ritje stonden we voor de kluis. “Juffrouw Livingstone, uw sleutel graag.” De kobold maakte de kluis voor ons open en ik schoof wat Galjoenen in een buidel, terwijl ik de enorme stapels goud probeerde te verbergen voor Quana. Ik wilde niet dat ze zich er rot door ging voelen.
Eindelijk stonden we weer buiten. Ik stond nog een beetje trillerig op mijn benen. Ik had nooit goed tegen de karretjes van Goudgrijp gekund. Ik keek naar Quana en ze zag er net zo misselijk uit als ik me voelde. “Kom, we gaan naar Olivanders.”
Toen we al onze spullen hadden, trakteerde ik op een ijsje bij Florian Fanielje’s Ijssalon. “Zodra ik het geld heb, betaal ik je terug voor de spullen, hoor,” zei Quana, terwijl ze haar ijsje opat. “Nergens voor nodig. Mijn ouders hebben waarschijnlijk niet eens door dat het weg is. Ik vraag me af of ze al door hebben dat ik weg ben,” voegde ik er mompelend aan toe. “Wat zei je?” “O, niets. Waar kwamen jullie eigenlijk uit toen je het verkeerd had gezegd in de openhaard?” “Geen idee. In een of andere winkel. Gelukkig kwamen Fred, George en Percy toen en waren we snel weer bij jullie.”
In stilte aten we onze ijsjes op. Dat was zo fijn aan Quana. Er konden lange stiltes zijn, die niet ongemakkelijk waren, maar juist fijn. We waren dan allebei in gedachten verzonken.
Ik nam mijn beste vriendin in me op. Haar mooie groene ogen stonden droevig. Het was duidelijk te zien dat ze verdriet had om de dood van haar moeder. Ik snapte nog steeds niet hoe het nou zat met haar vader. Hadden ze elkaars steun niet nodig? Ik zou zelf nooit bij mijn vader gaan uithuilen, maar dat betekende niet dat anderen dat ook niet zouden doen.
Ik vroeg me af hoe verdrietig ik zou zijn als mijn ouders er niet meer zouden zijn. Niet, waarschijnlijk. Het zou betekenen dat ik niet meer met de jongen die ze voor me hadden uitgekozen zou hoeven trouwen. Het zou betekenen dat ik mijn toekomst zelf zou kunnen invullen, dat ik kon doen wat ik wilde. Ik moest echt een oplossing zien te vinden. Ik moest een manier zien te vinden om onder dat huwelijk uit te komen. Ik onderdrukte de neiging Quana om hulp te vragen. Ik wilde het niet vertellen. Ik wilde niet dat ze wist uit wat voor familie ik kwam en me ervoor zou gaan haten. Ik wilde niet tegen haar liegen of dingen verzwijgen, maar ik wilde ook mijn beste vriendin niet kwijtraken.
Nee, hier zou ik zelf een oplossing voor moeten bedenken. Dat was de enige manier.
Twee jongens gingen op de stoelen naast ons zitten. Ik keek op en zag dat het Fred en George waren. “Hé! Wat zijn jullie stil zeg,” zei George. “Jullie praten ons al de hele tijd de oren van onze kop en nu zeggen jullie geen woord.” Ik haalde mijn schouders op en gooide het servetje van het ijsje weg. “George, ga eens een ijsje voor ons halen,” lachte Fred en hij drukte wat geld in Georges hand. George salueerde en liep grijnzend de ijssalon in.
“Hebben jullie ook dat rare monsterboek?” vroeg Fred hen. “Ja. De verkoper barstte bijna in huilen uit toen we zeiden dat we die nodig hadden,” zei Quana. Fred lachte. “Ja, bij ons ook.” George kwam terug met twee ijsjes en gaf er een aan Fred. “Ik vraag me af hoe we dat boek ooit open moeten krijgen,” zei ik. “En wie het op de lijst heeft gezet,” zei George. “Volgens mij is het best een gevaarlijk boek.” Fred keek op zijn horloge. “Shit. We moeten alweer bij ma zijn. Komen jullie?” Met onze tassen vol boeken liepen we naar de plek waar we afgesproken hadden. “Hebben jullie alles?” vroeg Molly ons, zodra we er waren. “Ook een nieuwe toverstok voor Quana?” “Ja, we zijn niets vergeten.” “Oke. Is iedereen er? Dan gaan we weer terug naar huis. Quana, wil je dit keer alsjeblieft goed articuleren?” Quana knikte en keek naar de grond. “Maakt niets uit,” mompelde ik tegen haar. “Het gaat je wel lukken.” Ik kneep bemoedigend in haar hand en glimlachte naar haar. “Het kwam gewoon doordat je het nog nooit had gedaan.”

Bedankt voor de reacties! <3

Reacties (3)

  • Frey_

    Wauw, ik ben echt verliefd op je story!(H)Ga je snel verder?(flower)

    9 jaar geleden
  • Gisborne

    Snelverder! <3333333333333333333333333

    9 jaar geleden
  • PrimRue

    Snel verduuuur(flower)

    9 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen