Daar ben ik weer! Ik was hoofdstukjes aan het schrijven, lees ik het terug, klopt ineens het hele verhaallijn niet meer! #@*[email protected]_! maar goed ik heb alles weer overnieuw geschreven, dus lieve lezers, enjoy:)
X

Ik stampte door de sneeuw heen met Valentine en Amethyst achter me aan. We zeiden niets, maar dat was misschien beter ook. Ik had geen idee waar de andere tributen zich bevonden en de sneeuw hielp ook niet echt mee. We maakten veel geluid en je kon onze sporen zien. Helaas kwam de sneeuw tot onze knieën en konden het onmogelijk uitwissen.
Mijn hand die de speer stevig vast hield, was helemaal verkleumd en mijn wimpers waren van ijs geworden.
‘Dawn?’ fluisterde Amethyst.
Ik keek om en zuchtte. ‘Ik weet wat je gaat zeggen. Maar ik moet door’ ik draaide me weer om, maar ik merkte dat Valentine en Amethyst bleven staan.
‘Lieverd, je vind haar nooit als het donker is. We hebben morgen betere kansen’ zei Valentine.
‘Je begrijpt het niet!’ zei ik met stemverheffing. ‘ze vriest zo dood!’
Ik begon weer door de sneeuw heen te ploegen en bedacht me dat ik zojuist onze globale positie had verraden.
‘Rennen!’ gilde opeens Valentine. We zagen op ongeveer dertig meter afstand een aantal fakkels.
We renden zo hard als we konden door de sneeuw heen.
‘We hebben ze!’ werd er achter ons gejuicht. Ik kon het niet laten om even achterom te kijken, maar ik wist eigenlijk al wie het waren. De Beroeps. Ze hadden het blijkbaar allemaal gehaald en waren met zijn zessen.
Ik graaide naar de handen van Valentine en Amethyst en sleurde ze op de grond. Ik legde mijn handen op hun monden en kroop met ze in een bosje. Omdat de sneeuw zo hoog was, konden de Beroeps niet zien waar we naartoe gingen. Behalve als ze ons spoor zagen, natuurlijk. Ik kroop door het bosje heen en rende er aan de andere kant weer uit. Ik merkte dat het landschap steeds steiler werd en dat we de heuvels naderden.
‘We moeten ons ergens verstoppen’ zei Valentine hijgend en keek om haar heen. De bomen hier waren lang niet meer zo bedekt als de boom waar we eerst in zaten.
Een paar seconden waren we stil en je kon alleen onze adem zien in de lucht.
‘Ik weet echt niet meer waar we zijn’ concludeerde ik.
‘Goh’ zei Valentine sceptisch en zuchtte. ‘Luister, ik begrijp je, Dawn. Maar de Beroeps zijn dichtbij en we kunnen Luce nu niet vinden. Pak je kompas eens’
Ik deed mijn rugzak af en graaide erin voor het kompas. Ik gaf het kompas aan Valentine en keek haar vragend aan.
‘Toen we op de platen stonden voor het meer, keken we naar het Noorden. Aan onze rechterkant waren de heuvels, waar we nu zijn’
‘Dus als we omdraaien en naar het westen lopen, komen we weer bij het meer?’ vroeg ik. Valentine knikte. ‘Ik denk dat Luce nog niet heel ver is gekomen, dus we kunnen het beste rond het meer kijken’
Dus begonnen we onze reis naar het meer. Mijn maag knorde en mijn benen zwabberde heen en weer. Ik was zo moe, maar ik moest doorzetten.
Een uur later zakte ik in elkaar en bleef liggen. Valentine en Amethyst kwamen naast me liggen. We hadden geen energie meer om op te staan.
‘Misschien moeten we hier blijven liggen’ zei Amethyst slaperig.
En dan doodvriezen zeker? We moeten beschutting vinden. Mijn mond was zo droog dat ik het niet meer kon uitspreken. Zelfs nog voordat ik een poging kon doen om mijn slaapzak te pakken, vielen mijn ogen dicht.

Ik houd van kleine groene knopjes (hinthinthint!):Y)

Reacties (1)

  • Lypophrenia

    voor deze keer krijg je een kudo(puh)
    leuk geschreven!

    6 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen