Foto bij [37] Hope is something to hold on to

picca: march vs Damon

Pov. Edward Cullen
Samen met Bonita en Carlisle zaten we te wachten op die plastic stoelen tot we ons vliegtuig in mochten. Bonita`s nieuwe auto stond bij ons in de garage, we zouden hem later over laten vliegen. Het blonde meisje zat stil als een standbeeld en staarde naar haar handen die ineen gevouwen op haar schoot lagen. Haar haren werden uit haar gezicht gehouden door een zwarte haarband.
Carlisle zat aan haar andere kant en deed alsof hij de krant las. Mensen die passeerden keken, vroegen zich af of we modellen waren, acteurs of zangers. De gedachtes waren zo random dat ik ze nauwelijks opmerkte.
‘Dus je vindt die gedachtes random?’ geschokt sperde ik m`n ogen open en keek naar Bonita die schuin naar me opkeek. De schaduwen waren terug in haar ogen. Hoe wist ze wat ik dacht? Hoe kon dat?
Haar mondhoeken krulden om en ze snoof terwijl ze opstond. ‘Je bent niet de enige hier met… een gave.’
Carlisle bekeek haar nu ook geïnteresseerd. ‘Wil je zeggen dat jij ook een gave hebt dan?’ ze knikte en liep voor ons uit. Carlisle keek me even kort aan, hij haalde z`n schouders op en volgde haar.
In het vliegtuig maakte ze zeer duidelijk dat ze niemand naast haar wou hebben want ze deed haar oortjes in, muziek hard en de rode handtas zette ze op de lege stoel naast haar.
Met haar ogen gesloten leunde ze tegen het raampje en na een halfuurtje vertraagde haar ademhaling en wist ik zeker dat ze sliep. Meteen wende ik me tot Carlisle. ‘Waarom wist ik niet dat er andere soorten bestonden?’
‘Ik heb Damon gezworen dat ik nooit iets over hen zou vertellen… Maar blijkbaar is de andere soort aan het groeien. Even voor de duidelijkheid, Bonita is nog een ander soort. Eentje die ik nog niet eerder gezien had.’
Nog een ander soort? Fronsend keek ik naar het meisje aan de andere kant van het middenpad. Ze mompelde iets in een andere taal en draaide haar gezicht onze kant op. nu pas zag ik hoe jong ze eigenlijk nog was… een kind bijna.
‘Hoe oud is ze?’ Carlisle, die bij het raampje zat, keek langs me heen naar haar. ‘Ze is net zeventien.’
Zeventien… ze hoorde nog niet zo`n leven te leiden, dit wenste je niemand toe!

Na een paar uur vliegen landde het vliegtuig, het was al donker buiten. Een dikke dreigende bewolking hing boven Engeland. Carlisle maakte Bonita wakker en met z`n drieën liepen we naar buiten.
Omdat we geen koffers hadden om op te halen konden we zo doorlopen. In de ontvangsthal haalde Bonita een nieuw mobieltje tevoorschijn, ze typte iets razendsnel in. ‘March? We zijn er. Waar sta jij met de auto?’
March? Aan haar stem te horen was hij ook iemand die dicht bij haar stond.
Ze knikte en mompelde iets. ‘Goed, we komen er aan.’ Ze hing op en gebaarde dat we mee moesten lopen .
Mensen weken voor ons aan de kant en doordat ze haar gedachtes niet afgesloten had wist ik dat zij dit deed. Buiten liep ze recht naar een rode sportieve auto toe. Een knappe jongeman leunde tegen de auto aan. Z`n rossige haar zat nonchalant woest en z`n groene ogen vielen op. Er was geen vrouw die niet naar hem omkeek als ze langs liep, geen enkele.
Z`n lippen krulden om toen hij Bonita zag en hij hield de deur voor haar open zodat ze kon instappen. Het glimlachje dat hij van haar kreeg was oprecht en deed hem overduidelijk plezier. Nadat hij de portier gesloten had stak hij Carlisle een hand toe. ‘Ik ben March Zy, een vriend van Damon.’
Dus dit was die March die ze net aan de telefoon had, hij leek me wel aardig.

Pov. Bonita “Bonny” Luxfort
De rit in de auto duurde me zo verschrikkelijk lang dat het moeite koste om stil te blijven zitten. March merkte het en pakte m`n hand voor ik m`n mobieltje kapot kneep. Hij glimlachte geruststellend naar me en gaf een kneepje in m`n hand. Toen hij die weer los wou laten verstevigde ik m`n greep en klemde z`n hand in de mijne. De warme huid deed me denken aan die ene nacht…
Het was vertrouwd en een zeer fijne herinnering. Zo eentje die je hele leven bij blijft.
Toch kon ik het niet laten om de auto uit te springen toen die snelheid verminderde vlak voor het huis.
Voor ik ook maar de trap kon oprennen greep Marti me vast vanaf achteren. ‘Ik zou niet naar boven gaan Bonny. Laat die dokter maar eerst gaan.’
Een angstig gevoel stak op, was er iets gebeurt?
Carlisle liep langs me heen met Edward die halverwege de trap om keek met een meelevende blik.
‘LAAT ME LOS!’krijste ik woedend en worstelde om uit z`n greep te ontsnappen. Maar hij was sterker dan ik verwachtte en duwde me simpelweg tegen de muur en hield me daar.
‘Kalmeer Bonita. Er is niets dat je voor hem kunt doen…’ een traan gleed over m`n wang. ‘Laat los…’ fluisterde ik schor en stopte met verzet te bieden. In plaats daarvan liet me tegen de muur hangen. Marti`s armen boden enigszins troost, ik was er van overtuigd dat er iets ergs gebeurt was in de ruim 36 uur dat ik weg geweest was.
‘Gaan jullie maar even jagen, ik blijf hier.’ March liep ook de trap op en Marti liet een hand langs m`n arm glijden tot die zich rond m`n pols sloot.
Snikkend liet me door hem leiden, de tranen vertroebelden m`n zicht zo erg dat ik anders zelf overal tegenaan gelopen was.

Buiten was het zo donker dat mensen geen hand voor ogen zagen maar Marti leidde me genadeloos naar het bos.
Met een zachte stem begon hij iets te zingen in een andere taal. Het klonk zo kwetsbaar en mooi dat ik stopte met huilen en aandachtig naar z`n stem luisterde.
‘Niet wegrennen nu.’ Hij liet m`n hand los en verdween in de ruïne van een kerkje.
‘Kom je? Ik wil iets laten zien.’ Voorzichtig zocht ik m`n weg door de braamstruiken die bloederige krassen in m`n blote benen trokken. De krassen heelden meteen weer dus veel aandacht schonk ik er niet aan.
Marti stond vlak voor een afgebrokkelde stenen engel. Een paars blauw bloemetje groeide aan de voet van het standbeeld en slingerde zich omhoog.
‘Wat is dat?’ 'Het beeld dat ik gemaakt heb nadat Meriel overleden was… ik kom hier nog elk jaar om bloemen hier neer te leggen.’
Ik fronste. ‘Maar waarom staat het beeld hier en niet op jou landgoed?’ ik veegde de tranen weg en ging naast hem staan. Het stenen gezicht van de engel was al een beetje vervaagd maar je kon nog duidelijk zien hoe mooi het eens was.
‘Omdat ik eerst een poos bij Damon heb geleefd. Hier heb ik ook Lelie begraven.’
Hij knielde naast het beeld neer en legde z`n hand op het bed van bloemetjes.

‘Hoop, dat is wat je op deze plaats terug kan krijgen, Bonita. Geef niet op, nooit niet.’
Langzaam alsof hij niet zeker wist of het wel slim was om te laten zien keek hij naar me op. Een traan gleed langs z`n wang naar beneden en viel op een bloemetje.
Ik hurkte naast hem neer en legde m`n hand op z`n knie. ‘Ik geef niet op Marti, ik beloof het.’ Hij glimlachte dunnetjes en stond op. ‘Kom,’ hij trok me omhoog. ‘laten we jagen.’

We gingen pas naar binnen toen de zon bijna op kwam en ik het niet langer kon uithouden. Maar vlak voor ik door de keukendeur naar binnen wou lopen hield Marti me nog even tegen. ‘Niet vergeten hè? Geef niet op, blijf hopen.’
Ik knikte en liep langs hem heen. Het was verbazingwekkend stil in het huis, om die stilte niet te verstoren liep ik zo stil mogelijk door de gang de trap op. Damon`s deur was dicht en ik kon Carlisle en Edward daarbinnen voelen. Voorzichtig opende ik de deur en liep naar binnen. Damon lag op het bed met ontbloot bovenlichaam. Een aantal naalden zaten in z`n armen waar snoertjes aanzaten. Hij was afschuwelijk mager geworden, z`n gezicht was ingevallen. Donkere kringen tekenden z`n ogen. Vol afschuw sloeg ik een hand voor m`n mond en moest me staande houden aan de muur.
Carlisle stond ineens voor me en blokkeerde zo m`n zicht op Damon. Ik wou hem net opzij duwen toen hij m`n arm vast pakte. ‘Mag ik jou bloed gebruiken?’ ik knikte als verdoofd en liet me door hem mee trekken naar de stoel naast het bed. ‘Edward, kun jij haar even bloed afnemen?’ Edward knikte en pakte m`n arm. Even liet hij een vinger langs een dikke ader lopen en stak de naald op de plek erin waarvan hij dacht dat die goed was.
De naald was hol zodat bloed door het buisje in een bloedzak kon lopen. De bloedzak op zijn beurt was weer direct aangesloten op Damon.

‘H-hoe gaat het m-met hem?’ hoopvol keek ik Carlisle aan. Hij glimlachte en knikte. ‘Het komt wel goed met hem…’
Verbijsterd keek ik hem aan, waarom was hij niet blij als het allemaal goed ging komen? ‘Hij zal waarschijnlijk niet dezelfde zijn als hij weer bijkomt en hersteld is.’
Huh, hoe bedoelt hij “niet dezelfde”?
‘Wat?!’ Hij zuchtte en verschoof de naald in m`n arm een beetje. ‘Hij herinnerd zich niets meer, Bonita.’
Het duurde even voor ik me besefte wat hij zei. Toen het eindelijk doorgedrongen was sprong ik op. ‘NIETS, HELEMAAL NIETS!’
Edward legde z`n hand over m`n mond. ‘Kalmeer, waarschijnlijk komt z`n geheugen wel terug maar dat kan wel even duren…’
De tranen die Marti had weten terug te dringen ontsnapten me weer. Alles kracht leek uit m`n benen weg te vloeien, Edward kon me nog maar net opvangen en me op de stoel zetten voor ik op de grond zou vallen.Trillend en slap als een lappenpop bleef ik net zolang in die stoel zitten tot Carlisle zei dat ik nu wel genoeg bloed gegeven had. Edward haalde de naald uit m`n arm en het wondje genas meteen. In trance stond ik wankel op en liep langzaam naar m`n kamer toe. Midden in de kamer trok ik m`n kleren uit en griste een nachtjapon uit de kast. Hij herinnerde mij niet.Laat hem je dan weer herinneren. Simpel als dat.
Doirrean sprong op het bed en kroop dicht tegen me aan onder de dekens.
Nu niet meer huilen kleintje, het komt wel goed. Terwijl ik in slaap viel likte de witte poes de tranen van m`n wangen en bromde tevreden: Je bent sterk, het lukt je wel.

Reacties (2)

  • Felonys

    deze die je nu hebt vindt ik wel leuk..

    hè! bedankt voor het liedje ookal vond ik hem een beetje apart.. ik staarde zo naar het scherm van What the hell is here goning on?

    8 jaar geleden
  • Allysae

    nightshade
    snelv erdedr

    8 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen