Wauw. Weetje...
ik heb even vanaf chapter 25 alles opgeteld.. en dat waren 22.758 woorden...
en like... ik heb toen het gemiddelde uit gerekend van hoeveel ik per hoofdstuk schreef in mijn vorige verhaal en dat was 428.8 ...
en toen ging ik dat dus delen.. en toen kwam ik uit op 53...
wat inhoud...
als ik zo was blijven schrijven, met dat aantal per hoofdstuk, dan was ik nu bij chapter 78 geweest O_O...
vreemdxD
maar gelukkig schrijf ik nu wel langere hoofdstukken enzo...
i mean.........
ja.............
dat 428.8 is hartstikke weinig;q
en nu krijg ik tenminste een beetje een vol verhaal, zonder heel veel hoofdstukken die eig heel kort zijn, weet je wel?

maar wauw.. 78... ik had er 150.. de helft van dat is 75.. dus dat betekend eigenlijk dat ik met woorden net over de helft ben van vorige deelO_O
nou ja, dit word waarschijnlijk wel een stuk langer... want als ik nu al op de helft ben...
er moet echt nog hartstikke vele gebeuren eig;q
achjaaa.. ik weet nog niet hoe dat uitpakt en hoe het er uiteindelijk uit zietxD
...

jep dit was weer mijn random rekenbui waar je eigenlijk niets aan hebt,
maar ik vind het leuk om bij te houden, kan ik later terug lezen haha...

bij dat bovenstaande heb ik dit hoofdstuk dan dus nog niet meegerekend, maar dat maakt niet uit.
In ieder geval:

Enjoy<3

*Michelle her point of view*

Langzaam opende ik mijn ogen en probeerde een scherp beeld te krijgen.
Mijn ogen voelde droog aan en mijn keel deed zeer, bovendien had ik enorme hoofdpijn. Nu was dit ook wel begrijpelijk als je keek naar wat er de dag ervoor was gebeurd. Uren had ik lopen huilen bij het idee dat Naruto dood zou gaan. Zelfs als ik er nu nog aan terug denk voel ik me weer verdrietig.
Ik had niet meer zoveel aan Konoha gedacht sinds dat we waren vertrokken. Echt van alles was er door me hoofd geschoten de vorige nacht. Alle momenten die ik mee had gemaakt met Naruto, maar tegelijkertijd moest ik ook weer terug denken aan ieder moment dat Merel en ik hebben doorgebracht bij Kakashi. Bovendien kon ik het niet helpen om aan Kiba te denken. Ik weet wel dat we uit elkaar zijn, ik weet dat ik de gene ben die hem achter heeft gelaten, dat weet ik allemaal, maar toch miste ik hem. Ik miste hem echt.
“Michelle? Ben je wakker?” hoorde ik Aiko roepen van buiten de deur.
Ik zuchtte, “ja.”
De deur ging open en ik zag Aiko haar lieve, glimlachende gezicht in de deur opening verschijnen.
“Gelukkig, ik had je niet wakker willen maken,” zei ze.
Ik kwam een beetje omhoog en knikte, maar zei geen woord.
“Gaat het weer een beetje met je?” vroeg ze vervolgens.
Hoe kon ze het vragen?
“Nee,” zei ik kortaf.
Aiko viel even stil, “hm, mja…wel begrijpelijk.”
Het was duidelijk dat Aiko niet goed wist hoe ze moest reageren.
Ik zuchtte. Ik wilde Aiko en Hanako dit niet kwalijk nemen, ze moesten immers gewoon opdrachten uitvoeren, maar toch kon ik dat ergens niet helpen. Ze hebben namelijk wel zelf ervoor gekozen om bij Akatsuki te zijn. Ze hebben er zelf voor gekozen om die opdrachten uit te voeren. Het maakte me allemaal niet uit, zolang Naruto, Kakashi, Kiba, Hinata en alle andere vrienden die ik had gemaakt in de afgelopen tijd maar gespaard zouden worden, ook al waren het er niet veel. Alleen was dat dus niet het geval. Ze hadden het speciaal op Naruto gemunt.
Maar als Akatsuki de gene was die Naruto wilde vermoorden, zouden Merel en ik er dan ook niet schuld aan hebben als we bij Akatsuki waren?
O mijn god. Eigenlijk was dat wel zo, zo kon je het wel zien. Zouden we mede verantwoordelijk zijn voor zijn dood?
Misschien is hij zelfs al dood. Misschien was het al te laat.
Ik schudde mijn hoofd om die gedachte eruit te krijgen. Zo moest ik niet denken. Zo mocht ik niet denken.
Op momenten als dit vond ik het vreselijk dat ik maar een simpel, doodnormaal meisje was. Ik had Naruto namelijk het liefste gewoon met mijn leven willen beschermen. Hetzelfde zou ik gedaan hebben voor alle andere waar ik bevriend mee was geraakt. Iedereen die belangrijk voor me was. Als ik ze kon redden, had ik het zeker gedaan, maar dat kon ik niet. Ik was immers gewoon zwak.
“Kom je anders wat eten beneden?” vroeg Aiko.
Ik knikte en stond op.
Nog steeds had ik niet echt de neiging om tegen haar te praten. Mijn frustratie en pijn zat in de weg. Het zat echt zwaar in de weg.
“Is Naruto eigenlijk de enige uit Konoha die jullie moeten hebben?” vroeg ik opeens.
Aiko keek geschrokken om, maar knikte vervolgens.
Ik zuchtte opgelucht.
Ik weet dat ik het eigenlijk niet eens mocht denken, omdat het echt vreselijk was van Naruto, maar stiekem voelde ik me opgelucht om te weten dat ze niet ook nog achter Kiba aan zaten.
Ik weet niet wat ik had gedaan als dat het geval was geweest. Ik denk niet dat ik het had aangekund om dat te weten.
Aiko en ik liepen door naar de keuken en eetkamer, waar Hanako al aan de tafel zat.
“Goedemorgen,” zei ze, terwijl ze me even een glimlach toewierp.
Ik kreeg het niet voor elkaar terug te glimlachen.
Moordenaar.
Dat was het woord dat heel de tijd in me op kwam als ik nu naar ze keek. Ik kon het echt niet helpen, het ging mijn hoofd niet uit.
“Morgen,” mompelde ik toch uit beleefdheid, terwijl ik maar ging zitten.
Hanako staarde me even aan, maar Aiko maakte al een gebaar dat ze me maar moest laten.
Hanako zuchtte en stond op, “wat drinken?”
Het klonk minder aardig dan de goedemorgen. Een stuk minder aardig.
“Nee,” zei ik net zo kortaf terug.
Het was een gespannen, niet fijne sfeer tussen ons nu.
“Jongens,” zei Aiko, “kunnen we normaal tegen elkaar doen? Wat is er aan de hand?”
Hanako haar gezicht vertrok een streep en ze staarde Aiko een tijdje aan.
“Ja, jonge, kijk dan hoe ze doet. Gisteren deed ze opeens hartstikke anders en nu doet ze hartstikke chagrijnig naar ons toe. Ze doet net of we der wat aan hebben gedaan,” flipte Hanako opeens naar Aiko.
“Hanako!” riep Aiko naar der.
Ik voelde ook wat knappen.
“Ja, dat doe je toch ook? Waarom zijn jullie allemaal van die moordenaars? Waarom moeten jullie het leven van iemand ontnemen. Denken jullie er dan niet aan dat die mensen wel eens familie en vrienden kunnen hebben die niet zonder ze kunnen?! Naruto is echt een van de liefste jongens die ik heb ontmoet! Hij is de gene geweest die mijn leven eigenlijk heeft gered. Hij… hij… hij heeft niets fout gedaan! Het is hartstikke oneerlijk. Waarom moet iemand zo als hij perse dood?” gilde ik, terwijl de tranen alweer over mijn wangen rolde
Hanako en Aiko keken me even geschrokken aan.
“Oh mijn god,” mompelde Aiko, “you love him, don’t you?”
Ik schrok nu zelf van wat Aiko zei. Wat?
I don’t,” zei ik, terwijl ik mijn hoofd schudde.
You do,” zei Hanako, terwijl ze me alweer wat rustiger aanstaarde.
Ik schudde mijn hoofd, “not like that. I love him like a friend. I care about him, but I’m not in love with him.”
Aiko glimlachte even, “volgens mij heb je het zelf gewoon niet door. “
Ik knipperde, “nee, echt. Ik ben niet verliefd op hem."
“Zo lijkt het niet,” zei Hanako vervolgens.
Ik zuchtte, “ik meen het. Ik ben verliefd op iemand anders. Naruto is gewoon een goede vriend. Een vriend die ik niet kan missen. Niet wil missen.”
Hanako grijnsde opeens, “oké, we get it. You care about him. Het is een goede vriend van je en je wilt niet dat die dood gaat. Dat is begrijpelijk, maar hier hebben we niets over te zeggen. Maare, vertel, op wie ben jij verliefd?”
Ik zuchtte lichtelijk geërgerd. Ergens vond ik het altijd leuk om over verliefdheid te praten, maar dit was echt het slechte moment.
“Oh, en omdat het gewoon een opdracht is kan ik niet boos worden? Ik ga het jullie echt néver vergeven als jullie hem vermoorden. Echt, ik vergeef je dat nooit,” zei ik, terwijl ik ze doordringend aan keek.
Hanako zuchtte, “ja. Ik snap het. Niets aan te doen, dan kan je ons maar niet vergeven.”
Aiko bleef ook stil, “ik zou het erg jammer vinden als onze vriendschap hierdoor kapot gaat.”
Ik knikte, “ik ook.”
Hanako keek me aan, “en aangezien hij nog leeft heb je ook geen rede om nu al zo te doen.”
Ik schudde mijn hoofd, “het is niet zeker of hij nog leeft, plus die rede heb ik wel, want jullie zijn het wel van plan.”
Aiko knikte, “ja, maar wij waarschijnlijk niet zelf. Ik denk dat Pein dat gaat doen of zo, aangezien hij toch een van de sterkste is.”
Ik knipperde, “Pein gaat het doen?”
Hanako haalde haar schouders op, “dat is nog niet zeker, maar goed mogelijk ja. Hoe dan ook: ik heb er al spijt van dat ik je dit heb vertelt. Sowieso.. het is niet onze bedoeling om je pijn te doen. Ook niet de mensen die om die personen geven die we afmaken, maar even serieus… Naruto is zelf ook een ninja, dus hij maakt ook mensen af. Ook mensen met vrienden en familie. De enige pech is dat Naruto onze vijand is en je met ons beide bevriend bent. Maar denk je nu werkelijk dat hij ons niet zou vermoorden als hij de kans kreeg? Reken er maar niet op, want dat doet die echt wel. Als Naruto met Deidara en Sasori aan het vechten is… reken er dan maar op dat hij hun net zo goed dood wilt als hun hem.”
Ik knipperde even toen ik dit hoorde. Hier had ze natuurlijk wel gelijk in. Dat kon ik me zelf ook wel bedenken.
“Dus heb je eigenlijk niet echt een geldige reden om echt boos te zijn,” voegde Hanako er nog aan toe.
Ik zuchtte, “misschien. Dat ligt eraan. Wat vanuit het goede gebeurd en wat niet.”
Hanako zuchtte ook, “ja, maar moet je ons nu dan al afstraffen omdat we vijanden met ze zijn? Dat had je van te voren ook kunnen bedenken, aangezien het al wel duidelijk was dat Akatsuki een feared organisatie was.”
Ik haalde mijn schouders op, “misschien.”
“Sowieso valt daar niet echt over te praten met ons. We kunnen er geen verandering in brengen. Het spijt me, maar we zijn nu eenmaal vijanden,” zei Hanako.
Aiko bleef even stil, “misschien maakt Naruto ons wel eerst af, voor wij de kans krijgen om dat te doen.”
Toen bleef ik een tijd stil, “deze wereld is echt vreselijk. Mijn vrienden die elkaar willen afmaken en dat dan ook serieus uit gaan voeren. Ik wil jullie allemaal niet kwijt.”
Aiko liep naar me toe en knuffelde me even, “dat weten we. Het klopt dat het een vreselijke situatie is. Het spijt me dat je hier midden in moet zitten.”
Ik knikte alleen maar en knuffelde haar een beetje terug.
Hanako stond toen ook op en maakte er een groepsknuffel van, “maar zover we weten leven we allemaal nog, dus misschien moet jij je er gewoon niet zo veel zorgen over maken nu.”
Ik zuchtte en knikte, “sorry dat ik zo boos werd.”
“Geeft niet, het is begrijpelijk als je verliefd bent,” zei Hanako met een grijns.
Ik maakte een grom geluidje, “ik ben niet verliefd.”
“Oh? Net zei je anders van wel,” zei Hanako.
Ik gaf haar een duwtje, “ben ik ook, maar niet op Naruto.”
“Hm, dat klinkt dan weer alsof je Naruto echt niets vind. Is hij zo lelijk geworden?” vroeg ze.
Ik begon te blozen en schudde mijn hoofd, “hij is niet lelijk.”
Aiko lachte, “hé, je bloost. Zie je, je vind hem wel leuk.”
Ik maakte een jammerend geluidje en maakte me los uit hun knuffel, “moh, pest me niet zo. Ik ben niet verliefd op hem, oké.”
“Ik geloof je niet,” zei Hanako, die met een grijns weer op haar stoel ging zitten.
“Ik zei toch dat ik al verliefd ben op iemand anders,” zei ik ter verdediging.
“Niemand heeft gezegd dat je niet op twee jongens tegelijk kunt vallen,” zei Hanako toen.
Ik staarde haar even aan.
“Ik ben niet verliefd op hem. Trouwens, hoe bedoel je: lelijk geworden? Ken je hem?” vroeg ik.
Hanako bleef plotseling stil, maar knikte toen, “een beetje.”
“Hoe?” vroeg ik vol nieuwsgierigheid.
“Ehm, Michi, misschien moeten we het daar niet over hebben,” zei Aiko, ook wat anders dan ze voorheen praatte.
Ik snapte dat ze het daar niet over wilde hebben en knikte toen.
“Maar jullie kennen de jongen toch niet op wie ik verliefd ben,” zei ik vervolgens.
“Oh nee?” vroeg Hanako.
Ik haalde mijn schouders op, “ik denk van niet namelijk.”
“Woont hij in Konoha?” vroeg Aiko.
Ik knikte langzaam.
Hanako grijnsde opeens weer, “oh? Vertel zijn naam eens?”
“Kiba,” zei ik zacht, terwijl ik wat bloosde.
Ik moest toegeven, ik was nog steeds verliefd op hem. Ondanks dat ik Deidara en Naruto bijvoorbeeld wel knap vond, mijn hart lag zeker weten nog bij Kiba. Iets wat ik niet had verwacht, maar hij had het toch voor elkaar gekregen.
“Kiba..? Inuzuka Kiba?” vroeg Hanako verbaasd.
Ik knikte, “ja. Hoezo? Je kent hem dus?”
Hanako knikte, “die ken ik wel ja. Nee, laten we het ook daar maar niet over hebben.”
Ik knikte maar.
“Ik had niet verwacht dat hij de jongen zou zijn op wie je zou vallen,” zei ze vervolgens.
Ik haalde mijn schouders op, “hij viel ook meer op mij, maar na een tijd begon ik te merken dat ik hem wel nogal leuk was gaan vinden.”
“Wat schattig,” zei Aiko met een glimlach.
Ik glimlachte even terug, maar die verdween al snel weer.
Hoe meer ik over Kiba praatte, hoe meer ik hem begon te missen. Ik wilde terug naar Konoha, ik wilde terug naar Kiba, maar dat kon niet. Het kon gewoon niet.
“Waarom ben je eigenlijk weg gegaan uit Konoha als je daar een wederzijdse liefde had?” vroeg Aiko nieuwsgierig.
Ik bleef even stil, “ik heb hem achter gelaten voor Merel.”
“Hoezo voor Merel?” vroeg Aiko.
Ik zuchtte, “ nou, dat kwam dan weer door Kakashi. Hatake Kakashi ja. Ik weet niet of ik dit wel mag vertellen eigenlijk en het is echt beter om er niet met haar over te praten, want het zijn pijnlijke herinneringen voor haar… maar we woonde dus een tijd bij hem in huis. Het is een lang verhaal, maar het komt er op neer dat Merel en Kakashi uiteindelijk een relatie kregen. Merel en ik hadden over onze leeftijd gelogen en toen dat uitkwam werd Kakashi echt enorm boos. We moesten vertrekken en het was over tussen hem en Merel. We hebben toen even bij Naruto gewoont, but .. nou ja.. toen Naruto een keer weg moest en er niemand in de buurt was.. wilde Merel der kans grijpen en vertrekken, ver weg van Kakashi. Dus toen gingen we.”
Hanako en Aiko bleven dood stil, “is Kakashi niet like…veel ouder dan haar? “
Ik knikte.
“En je hebt je eigen liefde dus eigenlijk opgegeven voor haar?” vroeg Aiko.
Ik knikte alweer.
“Awh, dat is wel lief van je. Mis je hem?”
Ik knikte opnieuw. Ik miste hem echt vreselijk.
“Hij zal jou vast ook missen,” zei Aiko, terwijl ze me meelevend aan keek.
“Wie weet zie je hem weer eens. Misschien kan het een keer geregeld worden dat iemand met je mee naar Konoha gaat en je hem kan zien,” zei Hanako opeens.
Ik dacht even na maar schudde mijn hoofd, “nee, want dan moet ik ook weer gaan en dat maakt het moeilijker. Ik weet niet of ik hem ooit nog zie.”
“Was dat geen moeilijke break-up dan?” vroeg Aiko opeens.
Ik bloosde weer even en keek naar de grond, “eigenlijk zijn we nooit officieel uit elkaar gegaan. We zijn gewoon vertrokken.”
“Ai, dat is hard. Hopelijk is hij niet pissed op je of zo,” zei Hanako.
Ik knikte, “ik hoop het, maar ik zou het kunnen begrijpen als hij wel pissig was.”
“Maar dan nog, het is heel dapper van je dat je liefde op hebt gegeven voor je beste vriendin,” zei Aiko.
“Dankje,” zei ik zacht, “maar soms twijfel ik of het de verkeerde keuze is geweest.”
Hanako en Aiko keken elkaar even aan en staarde toen beide weer naar mij.
“Ik denk het niet, Merel had het waarschijnlijk niet overleefd zonder je. Kiba red het wel,” zei Hanako toen.
Ik knikte, daar had ze gelijk in. Dat luchtte wel een beetje op.
“Zeg, wat hebben jullie allemaal uit gespookt eigenlijk? Kiba en jij?” vroeg Hanako, met haar bekende speelse blik.
Ik kon het niet helpen, maar ik was alweer aan het blozen. Ik voelde gewoon hoe mijn wangen rood werden.
“ Woooow, zie je die wangen van der? Dat is wel erg dieprood, moet ik nu aannemen dat je geen maagd meer bent?” vroeg Hanako, die enthousiast begon te worden.
Ik werd alleen nog maar roder, “Hanako!”
“Omg, je ontkent het niet eens! Heb ik het goed?” vroeg ze, terwijl ze alleen nog maar meer lol had.
Ik zweeg, terwijl ik mijn hoofd op de tafel sloeg en hem daar liet liggen.
“HAHAH, het is echt waar!” lachte Hanako.
Aiko grinnikte ook even, “zo, zo.”
Ik maakte een kreun geluidje, “moh. Pest me niet. Dit is echt super awkward.”
“Oh, een kreun. Klonk je ook zo toen jullie bezig waren?” vroeg Hanako, terwijl ze alleen nog maar meer moest lachen.
“Meh, ik haat jullie,” zei ik met een sip gezichtje.
Aiko lachte zachtjes, “awh, schatje toch. Hanako plaagt je alleen maar hoor.”
“Toch is het gemeen,” mompelde ik.
Fijn, nu was het bekend dat er dingen tussen mij en Kiba waren gebeurd.
“Je komt er wel overheen,” zei Hanako even lachend, “maar laat ons eens wat meer weten. Details, details. Hoe was hij?”
“Oh, mooi niet. Dit was al awkward genoeg,” zei ik, terwijl ik der droog aanstaarde.
“flauw,” zei Hanako, die wat teleurgesteld klonk.
“En jullie? Zijn jullie nog maagd?” vroeg ik toen.
Opeens viel er een dikke stilte.
“Jullie dus ook niet,” mompelde ik.
“Ik.. ehm.. ik nog wel,” zei Aiko zachtjes.
Ik keek haar even aan, “echt? Of zeg je het omdat je het te eng vind om erover te praten of zo?”
Hanako knikte, “Aiko is echt nog maagd.”
Ik keek haar direct aan met een grijns, “maar jij dus niet?”
Hanako zuchtte, “nee, en daar ben ik ook echt niet blij mee.”
“Oh. Je bent toch niet verkracht of zo he?” vroeg ik wat meer op mijn hoede.
Hanako schudde haar hoofd, “zo valt het niet bepaald te noemen.”
“Oh, oké, maar hoe dan wel?” vroeg ik.
Hanako glimlachte even, “ik was dronken, echt hartstikke dronken. Ik raak ook mooi geen alcohol meer aan. “
“Oei, dronken, dat is een pijnlijke,” zei ik medelevend, “het was geen leuke jongen dus?”
Hanako bleef even stil.
“Het was toch niet Kisame of zo?” vroeg ik.
Hanako maakte een kokhalzend geluid, “wat? Echt niet. Als het iemand zoals hem was, had ik mezelf allang afgemaakt.”
Ik grinnikte even, “aardig.”
Hanako haalde der schouders op, “misschien niet aardig nee, maar ik moet daar dus echt niet aan denken.”
“Wie was het dan? Iemand uit Akatsuki?” vroeg ik.
Hanako knikte, maar zei verder niets.
Aiko bleef ook stil. Niet dat het raar was dat zij stil was, want ze was van zichzelf al een stiller persoon die veel minder praatte dan de luidruchtige Hanako.
“Hana? Wie dan?” vroeg ik.
Hanako glimlachte even flauw, terwijl ze me een knipoog gaf, “misschien kom je daar nog achter, maar voor nu houd ik dat nog voor me.”
“Dat is gemeen!” zei ik verontwaardigd.
“Ik moest het ook zeggen en je weet het nu ook van mij,” voegde ik eraan toe.
Hanako lachte even, “dat is waar, maar ik woon niet dicht bij hem in de buurt en kan er niets van zeggen, plus jij deed het vrijwillig neem ik aan. Ik was dronken.”
“Dat is ook vrijwillig,” zei Aiko zachtjes.
“Shht, zo wil ik het niet noemen,” zei Hanako opeens.
Ik maakte weer een gromgeluidje. Wat gemeen, nu wilde ik ook weten door wie zij was ontmaagd. Het was blijkbaar iemand van Akatsuki, wat me nog nieuwsgieriger maakte, want dat betekende dat ik hem kende. Wie was het in hemelsnaam? Ik kon me zo snel niet iemand voorstellen bij der.

Reacties (2)

  • Hyonyeo

    @ le down me; als het Hidan is, vermoord ik hem.
    Maar verder leuk geschreven hoor, Michie.:D.

    8 jaar geleden
  • Luckey

    HidanxD
    Snel verder please:D

    8 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen