• Dertien jaar na de grote oorlog kwam er een groep non-benders opzetten die met hun machtige wapen de wereld in hun greep kreeg. Een nieuw tijdperk van onderdrukking brak aan. De earth-, water-, air- en firebenders werden vermoorden of gevangen gezet. Langzaamaan verdween het verzet tegen de non-benders. Ze kwamen aan de macht en sindsdien is er nergens meer iets van een bender te bekennen - ten minste, dat is wat ze denken.
    Diep in de bossen, afgelegen van de mensheid is er in de laatste paar jaren een dorpje van benders ontstaan, die samen een plan smeden om de wereld te verlossen van jarenlange onderdrukking en hun eigen land op te eisen. Dagen, weken en maanden gaan voorbij, besteed aan het oefenen en het bedenken van tactieken. Ze staan op voor hun rechten en ze gaan hun vermiste familieleden, vrienden en geliefden wreken. Uiteraard lopen ze risico door de wekelijkse tocht van de non-benders, die nog altijd actief zoeken naar benders. Hierdoor zijn ze gedwongen om van plaats naar plaats te trekken en zich telkens te verstoppen of voor te doen als non-benders. Er zijn echter nog problemen tussen verschillende stammen als gevolg van de laatste oorlog, maar zodra de groep sterk genoeg is, vallen ze aan.


    REGELS
    - Minimaal 200 woorden
    - 16+ is toegestaan, maar hou het wel netjes
    - Maximaal 2 personages per persoon
    - Voor OOC wordt nog een praattopic aangemaakt
    - Elkaar niet buitensluiten
    - Geen perfecte personages - Mary sue's of Gary Stu's, dus
    - Reserveringen blijven 48 uur staan, tenzij je een goede reden hebt om het later in te vullen
    - Geen bestaande karakters
    - Alleen Lizor of Occult maken een nieuw topic aan.


    ROLLEN
    Non-benders - Vrij: 2 non-benders (één mannelijk en één vrouwelijk, of twee mannen)
    Leider: Roman Sadarias Jaw - WillNotLearn
    - Scarlett Kathy Sophia-ann Woodward - Pwettyness
    - Gereserveerd voor Wherewolve
    - Drace Seorgio Nöhl - Requille
    - Kutukan Udara - Maximesa
    -
    -

    Firebenders - VOORLOPIG VOL
    Leider: Adelyn Chloe Cavett - Occult bliksemstuurder
    - Dreogan Kaeleb Aiden Kasai - Lizor
    - Zuko achternaamloos - Pumbaa
    - Griffin Blake Abelli - WillNotLearn bliksemstuurder
    - Mitchell Elliott Adams - Adamlicious
    - Mori Jillian Moine - Matata
    - Beaudyn 'Beau' Céri Daneaux - Adamou


    Waterbenders - Vrij: 1 bender (mannelijk)
    Leider: Thorn Enzo Rhys - Nephele
    - Aislinn Sadie Lo - Occult bloedstuurder
    - Eathelyn Avariella Mason - Lizor Healer
    - Ember Ava Rhys - Nephele
    - Ethan Elliot Lancaster - Leshley
    - Zacharias "Zach" Louis Moreno Cortez - Pwettyness bloedstuurder
    -

    Airbenders - Vrij: 1 bender (mannelijk)
    Leider: Beristirahat Elang Oboku - Maximesa Soundbending
    - Ohndrea Shantelle Auracle - Jafar
    - Tashi Manik - Pabu
    - Eloise Aurora Raven - Sitara
    - Jet Fang - VladiFerr
    - Ming Shy - Quart
    -

    Earthbenders - Vrij: 1 bender (vrouwelijk of mannelijk)
    Leider: Eris Lin Beifong - Beifong Metaalstuurder
    - June Asato - Vladiferr Zandstuurder
    - Haru Manik - Pabu
    - Dimitri Blaze Valentin - Requille
    - Hunter Jackson - ShiningLight
    - Haldor Jackson - ShiningLight
    -


    Hou er rekening mee dat niet elke leider vrouwelijk kan zijn en áls ze dat is, het natuurlijk niet een verlegen, schattig meisje is. Bloedstuurders, metalbenders en bliksemstuurders komen niet vaak voor en er mogen er dus ook niet meer dan 2 per stam zijn. Ook weten wij dat RPG's over The Last Airbender vaak doodbloeden, dus we hebben onze best gedaan om iets van een verhaallijn te bedenken. Een non-bender kan dus niet randomly bevriend raken met een bender, dit gaat geleidelijk en bijna niet - ook geven wij aan wanneer het dag en nacht wordt, zodat het een beetje logisch en smooth loopt.
    And nope, geen Avatar in deze RPG.

    Dus, veel plezier!

    BEGIN:
    Voor de benders: ze zijn er achtergekomen dat de non-benders sporen hadden gevonden en hierdoor moesten ze verder trekken. Ze zijn nog dieper het bos ingegaan en zijn nu bezig met het opzetten van hun kamp.
    Voor de non-benders: zij zijn nog steeds op zoek naar de benders. Het is echter al bijna avond - de zon gaat bijna onder, dus er dreigt wat meer gevaar dan normaal. Ze kunnen er voor kiezen om terug te gaan naar hun dorp, of om verder te zoeken en kampen op te zetten.

    Weer: warm, maar nu de avond nadert, koelt het langzaam af.
    Tijd: Rond 19:30

    MEDEDELING
    Vanaf nu komt er een wachtschema, dit houdt in dat elke avond twee benders uit het kamp op de wacht moeten staan. Occult en ik stellen dat zelf samen. Tijdens deze wachten kunnen er bijvoorbeeld aanvaringen met non-benders ontstaan (dan moet het kamp wakker gemaakt en geëvacueerd worden) of er kunnen ruzies/vriendschappen of wat dan ook ontstaan. Het is vooral bedoeld dat iedereen een keer met elkaar rpg't, dat houdt het wat levendiger.

    De wachten voor de eerste drie nachten:
    Nacht 1
    - Mori Jillian Moine - Matata - Fire
    - Zuko achternaamloos - Pumbaa - Fire

    Nacht 2
    - Aislinn Sadie Lo - Occult bloedstuurder - Water
    - Jet Fang - VladiFerr - Air

    Nacht 3
    - Tashi Manik - Pabu - Air
    - Hunter Jackson - ShiningLight - Earth


    Praattopic
    Rollentopic

    [ bericht aangepast door Occult op 25 maart 2014 - 11:13 ]


    "When all of your wishes are granted, many of your dreams will be destroyed.''

    Adelyn Chloe Cavett • Vuur
    Ik voelde zijn blik branden. ''Het gaat soms iets beter,'' zei hij schouderophalend. ''Vandaag met Zuko wist ik me in te houden, ook al had ik de neiging om hem levend te verbranden.'' Mijn mondhoeken krulden omhoog tot een zwakke grijns en mijn blik ontmoette de zijne.
    ''Dat heb je met die kleine jochies die niet weten wat ze doen,'' zei ik kalmpjes. Het was irritant, maar goed. Ze konden nog wel eens van pas komen - nu was het gewoon afwachten tot ze volwassen werden. Een zachte zucht rolde over mijn lippen en ik speelde een beetje met de leren touwtjes van mijn shirtje terwijl ik zag hoe Dreogan zijn hand even over zijn haren liet glijden; waarschijnlijk over het verbrandde deel. Ik kon me niet inhouden en grinnikte kort. Ik moest toegeven dat het er altijd wel grappig uit zag als iemand zijn haar in de fik stond. Pure leedvermaak, maar ach, daar was ik goed in.
    ''Ga je mee op de wacht staan?'' vroeg hij plotseling. Hij maakte het kaarsje uit en direct was het een stuk donkerder. ''Zuko heeft vandaag de wacht en ik vertrouw hem niet, ik weet zeker dat hij in slaap gaat vallen of zo en daarnaast is de kans dat er vanavond non-benders naar het kamp komen redelijk groot. Ik heb liever niet dat ik in mijn slaap wordt vermoordt,'' mompelde hij als uitleg. Ik grijnsde.
    ''Best, maar we gaan wel ergens anders zitten. Ik heb geen zin in weer een één of ander lomp gevechtje tussen jullie twee, dan kunnen we net zo goed de non-benders gaan roepen - hetzelfde effect,'' zei ik nonchalant. Ik stond op. ''Neem iets van een dekentje mee, het wordt koud vannacht,'' zei ik tegen Dreogan, voordat ik het tentje uit liep. Ik zag Zuko en Mori een stukje verder zitten en ik liep nog verder van ze weg. Zo ver dat we elkaar niet in de weg liepen, maar ik ze wel goed in de gaten kon houden. Ik haalde even een hand door mijn rommelige, donkere haren en liet mezelf voorzichtig op de grond zakken. Met mijn rug leunde ik tegen een boom, terwijl ik voor me uit keek. De laatste paar dagen waren enorm vermoeiend geweest en ik wist zeker dat het nog wel even zo zal blijven, door alle spanningen die er in het kamp hingen. Ik merkte dat mijn gedachten weer afdwaalden, en zo ook mijn focus op de realiteit. Dat had ik wel vaker, als ik moe was. Dan begon ik na te denken en lette ik niet echt op, wat behoorlijk onhandig was met mijn positie als leider. Ik zuchtte even en schudde mezelf weer wakker. Concentratie, Cavett. Je vader heeft je er al zo vaak voor gewaarschuwd.


    "When all of your wishes are granted, many of your dreams will be destroyed.''

    Ohndrea Shantelle Auracle || Airbender

    'Zolang je niks zegt kan niemand je wat kwalijk nemen. Ik regel het straks wel met mis heethoofd,' zei meester Oboku mij met een knipoog, waardoor ik zachtjes lachte. Het zag er namelijk grappig uit bij zo'n oude man. Ik was weeral blij dat hij mijn leider was en niet Adelyn. Ik had echt medelijden met Griffin als bij dit alles overleefde, waar ik eigenlijk wel vanuit ging nu hij geholpen werd door iemand die er verstand van had en besloot bij de groep te blijven, waar ik dan weer minder zeker van was of dat zou gebeuren.
    'En wat de jongen betreft, het moet nu gebeuren, we sturen de geur wel weg.' Ik knikte en hij draaide Griffin om. 'Als jij hem laat overgeven, zorg ik dat er geen kots in zijn longen terecht komt. Als dat gebeurd is moeten we opzoek naar een bloedstuurder die het gif in zijn bloed naar beneden kan laten glijden. Het zal een vervelende boodschap worden, maar daarna is hij er ook vanaf.' Mijn grote bruine ogen werden nog groter en zenuwachtig schoot mijn blik even langs de rijen tenten, gewoon om ergens naar te kijken. Hoe moest ik hem in godsnaam laten overgeven? De lucht in zijn buik en maag zo sturen dat zijn... uhm... peristaltische bewegingen omkeerden? Dat was onmogelijk voor zo'n falende airbender als ik. Hoewel, ik wilde Griffin helpen en als dat de enige manier was, moest ik mij wel even als een airbender gedragen en hem redden. Ik voelde de last zwaarder worden en wist dat het in één keer goed moest gaan. Anders werd het te erg en zou het met Griffin gedaan zijn.
    Ik besloot mijn ogen te sluiten en de lucht te voelen in plaats van proberen deze te zien. Wat we ook bij mediteren deden, hoewel ik normaal te koppig was en het als belachelijk bestempelde. Oké Ohndrea. Je bent een airbender en je kunt dit. Ik ademde diep in en uit, voelde de lucht in mijn longen stromen en weer naar buiten. Voorzichtig verplaatste ik moeizaam, zonder Griffin te laten vallen mijn handen naar de plek waar zijn maag ongeveer moest zijn en deed mijn uiterste best de lucht te voelen en deze te begeleiden. Deze Griffin te dwingen over te geven, alles samen te laten trekken in omgekeerde beweging. Ik ademde nogmaals diep in en uit en begon het idee te krijgen dat het werkte. De lucht omringde mij en ik hem, of haar, of het of hoe ik het dan ook moest noemen en dus zorgde ik ervoor dat Griffin moest overgeven nu ik voor de verandering even greep had op de lucht.

    (Hoe bedoel je raar :') )


    Happy Birthday my Potter!

    Sorry voor de late reactie! Heb het erg druk gehad (:

    Thorn Enzo Rhyss.
    Er was veel wat ik wou geloven, maar op het moment horde er bepaalde dingen niet bij. Ik wist dat Eathelyn een sterke vrouw was, maar ze hoefde zich niet sterker voor te doen dan ze was. Af en toe moest je toegeven aan je zwaktes, helemaal als het een ziekte was. Het was belangrijk dat je genoeg rust nam, anders had je een probleem.
    Twee dagen voelde ze zichzelf al slecht. Het zou niet bepaald goed zijn als ze dan door bleef gaan. Het maakte haar er niet sterker op.
    Eenmaal ik terug was in de tent, schonk ik voor haar een kop heet water in. Met de kruiden maakte ik makkelijk een thee. Een sterke geur vulde de tent. Het deed mijn neus dien prikkelen.
    Voor mij was de tent groot genoeg. Vaak sliep mijn zusje toch ergens anders, dan was deze tent meer dan genoeg voor mij alleen. ‘Hier, drink op’ gebood ik haar. Het kopje overhandigde ik haar maar ik hield hem nog een paar tellen langer vast tot ik zeker wist dat zij hem stevig in haar handen had geklemd.
    ‘Vannacht blijf je hier,’ herhaalde ik nogmaals. ‘Als er iets gebeurt, wees alsjeblieft niet bang om te het te zeggen, maak me maar wakker,’ knikte ik.
    Voor mijzelf zette ik een gewoon kop thee. Daar had ik meer dan genoeg aan. Ik wist dat er mensen buiten bezig waren met het in elkaar flansen van het eten. Niemand zou honger lijden vanavond, zoveel was zeker.
    Bedenkelijk keek ik voor me uit. Zoveel te doen, zo weinig tijd.


    The woods are lovely, dark and deep. But I have promises to keep, and miles to go before I sleep.

    Drace Seogio Nöhl - Nonbender.
    Ik volgde Kutukan's tempo met gemak, driftig keek ik heen en weer op zoek naar smalle paden die we op konden gaan, kijkend waar ze zouden leiden. Ze hadden de aardestuurster iets verderop gevonden, dus het leek me enkel logisch dat het pad dat ze zelf had genomen om onze groep te bereiken niet ver van die locatie zou zijn. Stomme, naïve benders, ze moesten ondertussen wel geleerd hebben dat de prooi nooit op zoek moest gaan naar de hol van de leeuw. Hoe dan ook, ondanks we "op zoek" zouden gaan naar het kamp, leek Kutukan uiterst vastberaden door te lopen alsof hij zeker wist dat dit de goede kant op was. Niet wetende hoe hij dat voor elkaar kreeg volgde ik zijn spoor, totdat hij zijn mars stopte en lager ging zitten. Blijkbaar had hij iets gevonden? Ik ging naast hem zitten en tuurde door de heg heen, de bladderen zaten in het algemeen heel dicht op elkaar waardoor het bijna onmogelijk werd om er doorheen te kijken, maar gelukkig had ik net een goede opening gevonden op mijn ooghoogte, zodat ik niet lager hoefde te bukken en direct in de juiste houding kon blijven zitten - mochten we aangevallen worden - wat me stug leek.
    'Ik zie helemaal niks,' mompelde ik zachtjes naar Kutukan, voor het geval ik er naast zat en ze me konden horen. Mijn ogen schoten alle kanten op en ik probeerde van alle perspectieven mogelijk te kijken of ik een glimps van een bender kon opvangen, maar het bleek gewoon verlaten te zijn.
    'Er is niks hier,' riep ik nadat ik stond op en ging langs de heg heen naar de open plek, wat ook niet bepaald de oppervlakte had van een kamp. Veel te klein, veel te ongemakkelijk. Ik haalde mijn zwaard te voorschijn en probeerde deze kleine verstopplek uit te pluizen en leeg te kammen.
    'Als er iemand hier was, dan is diegene hier net weggeglipt,' Ik draaide me om naar het punt waar Kutukan zat.
    'Misschien hoorde hij haar schreeuwen,' Dat was voor het eerst dat ik de aardestuurster adresseerde bij haar geslacht.


    ''There is no hell, no heaven either. This world is what we make of it.''

    (Pumbaa --> Insurgents)


    -

    Occult schreef:
    Adelyn Chloe Cavett • Vuur
    Ik voelde zijn blik branden. ''Het gaat soms iets beter,'' zei hij schouderophalend. ''Vandaag met Zuko wist ik me in te houden, ook al had ik de neiging om hem levend te verbranden.'' Mijn mondhoeken krulden omhoog tot een zwakke grijns en mijn blik ontmoette de zijne.
    ''Dat heb je met die kleine jochies die niet weten wat ze doen,'' zei ik kalmpjes. Het was irritant, maar goed. Ze konden nog wel eens van pas komen - nu was het gewoon afwachten tot ze volwassen werden. Een zachte zucht rolde over mijn lippen en ik speelde een beetje met de leren touwtjes van mijn shirtje terwijl ik zag hoe Dreogan zijn hand even over zijn haren liet glijden; waarschijnlijk over het verbrandde deel. Ik kon me niet inhouden en grinnikte kort. Ik moest toegeven dat het er altijd wel grappig uit zag als iemand zijn haar in de fik stond. Pure leedvermaak, maar ach, daar was ik goed in.
    ''Ga je mee op de wacht staan?'' vroeg hij plotseling. Hij maakte het kaarsje uit en direct was het een stuk donkerder. ''Zuko heeft vandaag de wacht en ik vertrouw hem niet, ik weet zeker dat hij in slaap gaat vallen of zo en daarnaast is de kans dat er vanavond non-benders naar het kamp komen redelijk groot. Ik heb liever niet dat ik in mijn slaap wordt vermoordt,'' mompelde hij als uitleg. Ik grijnsde.
    ''Best, maar we gaan wel ergens anders zitten. Ik heb geen zin in weer een één of ander lomp gevechtje tussen jullie twee, dan kunnen we net zo goed de non-benders gaan roepen - hetzelfde effect,'' zei ik nonchalant. Ik stond op. ''Neem iets van een dekentje mee, het wordt koud vannacht,'' zei ik tegen Dreogan, voordat ik het tentje uit liep. Ik zag Zuko en Mori een stukje verder zitten en ik liep nog verder van ze weg. Zo ver dat we elkaar niet in de weg liepen, maar ik ze wel goed in de gaten kon houden. Ik haalde even een hand door mijn rommelige, donkere haren en liet mezelf voorzichtig op de grond zakken. Met mijn rug leunde ik tegen een boom, terwijl ik voor me uit keek. De laatste paar dagen waren enorm vermoeiend geweest en ik wist zeker dat het nog wel even zo zal blijven, door alle spanningen die er in het kamp hingen. Ik merkte dat mijn gedachten weer afdwaalden, en zo ook mijn focus op de realiteit. Dat had ik wel vaker, als ik moe was. Dan begon ik na te denken en lette ik niet echt op, wat behoorlijk onhandig was met mijn positie als leider. Ik zuchtte even en schudde mezelf weer wakker. Concentratie, Cavett. Je vader heeft je er al zo vaak voor gewaarschuwd.


    Dreogan Kaeleb Aiden Kasa • Vuur
    'Best, maar we gaan wel ergens anders zitten. Ik heb geen zin in weer een één of ander lomp gevechtje tussen jullie twee, dan kunnen we net zo goed de non-benders gaan roepen - hetzelfde effect,' zegt ze nonchalant. Ik rol met mijn ogen en lach zachtjes.
    'Neem iets van een dekentje mee, het wordt koud vannacht,' zegt ze voordat ze de tent uit loopt.
    'Ja baas,' grijns ik. Ik pak een sweater en neem die mee naar buiten, ik heb zelf nooit last van de kou, ik ben nou eenmaal gewend om buiten te slapen, zelfs in de winter tijden. Zuko en Mori staan een eindje van mijn tent vandaan op de wacht. Ik volg Adelyn een eind verderop tegen een boom gaat zitten. Ik ga naast haar staan en leun tegen de zijkant van de boom terwijl ik het donkere bos in staar. Mijn sweater houd ik in mijn armen geklemd, maar hij is niet voor mij bedoeld, ik heb hem meegenomen voor als Adelyn het koud heeft. We willen niet dat onze leider een kou vat omdat ze te lang buiten op de koude grond heeft gezeten, dan zou er chaos ontstaan.
    Een zucht verlaat mijn mond, gelukkig is het gepraat al enorm afgelopen en ligt een groot deel van de groep al rustig te slapen, morgen moeten we er wat aan gaan doen, want dit gaat zo niet langer. Onze veiligheid is zo in gevaar en misschien geef ik niet enorm veel om deze mensen, maar ze behoren nu tot mijn familie en familie moet je beschermen.
    Langzaam begint het af te koelen, de zon is achter de bomen gezakt en het enige licht is afkomstig van de maan en van een enkel lichtje uit het kamp.
    'Hoe kom jij eigenlijk hier?' vraag ik op een zachte toon, zodat Mori en Zuko niet horen dat we hier zijn, 'hoe ben jij bij deze stam terecht gekomen? Je hoeft het er niet over te hebben, alleen maar als je wil, maar we moeten toch iets doen om de tijd te verdrijven,' mompel ik en ik kijk haar met een zwak glimlachje aan. Ik laat me op de grond naast haar zakken en wacht geduldig af op haar antwoord.
    'Trouwens, als je het koud hebt, moet je het zeggen,' zeg ik dan tegen Adelyn.


    Valyrian schreef:
    Sorry voor de late reactie! Heb het erg druk gehad (:

    Thorn Enzo Rhyss.
    Er was veel wat ik wou geloven, maar op het moment horde er bepaalde dingen niet bij. Ik wist dat Eathelyn een sterke vrouw was, maar ze hoefde zich niet sterker voor te doen dan ze was. Af en toe moest je toegeven aan je zwaktes, helemaal als het een ziekte was. Het was belangrijk dat je genoeg rust nam, anders had je een probleem.
    Twee dagen voelde ze zichzelf al slecht. Het zou niet bepaald goed zijn als ze dan door bleef gaan. Het maakte haar er niet sterker op.
    Eenmaal ik terug was in de tent, schonk ik voor haar een kop heet water in. Met de kruiden maakte ik makkelijk een thee. Een sterke geur vulde de tent. Het deed mijn neus dien prikkelen.
    Voor mij was de tent groot genoeg. Vaak sliep mijn zusje toch ergens anders, dan was deze tent meer dan genoeg voor mij alleen. ‘Hier, drink op’ gebood ik haar. Het kopje overhandigde ik haar maar ik hield hem nog een paar tellen langer vast tot ik zeker wist dat zij hem stevig in haar handen had geklemd.
    ‘Vannacht blijf je hier,’ herhaalde ik nogmaals. ‘Als er iets gebeurt, wees alsjeblieft niet bang om te het te zeggen, maak me maar wakker,’ knikte ik.
    Voor mijzelf zette ik een gewoon kop thee. Daar had ik meer dan genoeg aan. Ik wist dat er mensen buiten bezig waren met het in elkaar flansen van het eten. Niemand zou honger lijden vanavond, zoveel was zeker.
    Bedenkelijk keek ik voor me uit. Zoveel te doen, zo weinig tijd.



    Eathelyn Avariella Mason • Water[Healer]
    Thorn komt weer terug de tent in en snel recht ik mijn schouders om ervoor de zorgen dat ik er niet zo zielig en ziek uit zie, maar het gaat niet meer werken.
    'Hier, drink op,' gebied hij me.
    Ik pak het thee kopje aan en laat de sterke, maar verrukkelijke geur mijn neus binnen dringen. Ik prevel een zachtjes bedankje en staar naar mijn spiegelbeeld in het bruine thee water. Ik slik, ik zie er echt niet goed uit. Mijn gezicht is bleek, er zijn enorme wallen onder mijn ogen verschenen en mijn wangen lijken enorm ingevallen, waarschijnlijk door het tekort aan voedsel van de afgelopen week.
    De damp slaat tegen mijn gezicht en zorgt ervoor dat ik het wat minder ijzig koud krijgt, maar erg veel helpt het niet, nog steeds bibber ik van tot tot teen.
    'Vannacht blijf je hier,’ herhaalt hij. Ik bijt op mijn lip en knik zwakjes, ik wil hem niet van last zijn. ‘Als er iets gebeurt, wees alsjeblieft niet bang om te het te zeggen, maak me maar wakker,’ knikt hij. Ik kijk hem aan en opnieuw knik ik zwakjes. Hij schenkt een kop thee voor zichzelf in en terwijl hij daar zit met de dampende kop thee in zijn handen, staart hij voor zich uit, waarschijnlijk heeft hij nog van alles te doen, waarvan ik hem nu weerhoud.
    Ik nip van de hete thee en zucht zachtjes. Ik schraap mijn moed bij elkaar en kijk hem aan.
    'T-Thorn?' zeg ik met een trillend stemmetje, 'het is heel bedachtzaam van je dat je dit voor me doet, m-maar ik wil je geen last bezorgen, ik kan best in mijn eigen tent slapen, echt waar,' verzeker ik hem, maar het komt niet echt overtuigend over, 'ik red me wel.'

    [ bericht aangepast door Arcturus op 18 april 2014 - 9:28 ]


    My fake plants died, because I did not pretend to water them.

    Kutukan Udara

    Ik wierp een boze blik naar Mukjizat, hoe kon hij alweer niks vinden? Misschien was die stomme vogel toch nutteloos. Of ze moesten door hebben dat er non-benders volgden na het zien van hem. Ik schrok op bij het horen van hem. 'Misschien hoorde hij haar schreeuwen.' Ik trok een wenkbrauw op. Haar? Ik kan me niet herinneren dat ik Scarlett of een van de andere vrouwen heb horen schreeuwen. Toen kwam het bij me binnen dat we een rat gevangen hadden genomen. Ik snoof, 'Je doet ze teveel eer aan, dat zijn ze niet waard.' Ik bukte en liet mijn hand over de grond glijden. Waarom had ik een vogel als vriend uitgekozen, waarom geen spoorzoeker? Ergens was ik veel te naïef geweest als kind, ik stelde mijzelf daarvoor aansprakelijk. Ik pakte mijn mes en stak het met een harde schreeuw in de boom van frustratie. De aarde was hier ook nog eens te stevig om voetsporen achter te laten. Een dood spoor. Ik keek naar de spullen die er nog stonden. Of niet. Mijn blik gleed over de kleine voorraad eten. Eten was hier ontzettend moeilijk te vinden, dat zou niemand achterlaten. 'Misschien had hij dorst?' opperde ik terwijl er een grijns verscheen. Als hij dorst had, dan had hij de rivier gevonden. En dat betekende dat we toch nog iemand hadden gedood.


    Everyone wants a magical solution to their problem, and everyone refuses to believe in magic. - Jefferson (ouat)

    We gaan hier weer een beetje leven in blazen! Als iedereen even deze dag afrond, dan kunnen we verder gaan naar de volgende dag!


    My fake plants died, because I did not pretend to water them.

    (Ik zie net dat Matata al een maand niet meer online is geweest... Ik neem aan dat ik maar gewoon naar de volgende dag kan springen? Of eerst wachten tot de anderen hun dag hebben afgerond?)


    -

    Drace Seorgio Nöhl ~ Non-bender
    'Wie weet,' antwoordde ik schouderophalend toen Kutukan de suggestie deed dat hij misschien dorst had. De speurtocht ging verder en zo zocht ik alle kanten in de buurt van de kale open plek af, op zoek naar een verstopte, zwakke bender die ik jammer genoeg niet kon vinden. Helaas; Zo dichtbij en toch geen doden gevallen. We hadden tenminste vandaag die aardestuurster gevonden, wat hun in ieder geval wel een stapje in de goede richting is en goed nieuws voor het thuisfront. Mochten de benders bij de waterkant geweest zijn, dan waren ze vast en zeker vlug vertrokken want er was geen druppel op de droge aarde te vinden wat mij de weg kon wijzen. Uiteindelijk werd het vreselijk laat en wist ik dat het tijd werd om terug te keren, Roman zou woedend zijn als we morgen niet aan zijn verwachtingen zouden voldoen. Ik riskeerde liever ook niet de mogelijkheid dat ik terug gestuurd zou worden wegens ongehoorzaamheid. Ook, na zoveel uren, waren de benders vast en zeker te goed verstopt. Ik deed een melding van mijn terugkeer bij Kutukan, ik wist niet of hij mijn voorbeeld zou volgen of niet, maar dat is lekker zijn keuze. Terug in het kamp, overwoog ik naar Roman toe te lopen om te laten weten dat ik terug was, maar ik wist beter en het leek me niet zo verstandig om hem te verstoren. Wie weet sliep hij al, was hij met die bender bezig of wie weet lag hij wel met een ander wijf in bed, wist ik veel. Maar dat risico liep ik liever niet, dus dan liep ik toch maar terug naar mijn slaapplek om nieuwe energie op te bouwen voor de aanpak van morgen.


    ''There is no hell, no heaven either. This world is what we make of it.''

    Kutukan Udara

    Ik kon het niet uitstaan, helemaal niks. Drace was teruggekeerd naar het kamp, maar ik weigerde. Ik moest wat vermoorden of ik ging slaapmoorden, zo heb ik Roman eenmaal heel boos gekregen. Ik plofte op de grond en nam een hap van de bessen die bij het kleine kamp lagen, ze waren eetbaar. Ik pakte een grotere bes en gooide deze de lucht in om hem met mijn mond op te vangen, think happy thoughts, anders kon ik niet eens slapen. De bes raakte mijn neus en viel op de grond. Grommend stak ik mijn hand weer uit om de bes op te pakken. Het was alleen toen dat het me opviel dat de bes de grond niet had geraakt. Ik bukte en bekeek de bes die een paar centimeter boven de grond leek te zweven en niet veel later viel. Luchtratten. Ik stond op en trok mijn twee kapmessen terwijl ik de omgeving afspeurde. Ze moesten ergens zitten, lachend over hoe ze mij belachelijk konden maken. Ik vroeg me af of ze alsnog lachten als ik hun kelen doorsneed. Waar ik ook keek, ik zag niks. Op een paar nachtdieren na heerste er doodse stilte. Ik keek naar het stuk fruit dat onschuldig op de grond lag. Vervloekt, dat was het. Ik stopte mijn kapmessen terug en beende terug naar het kamp. Mijn blik gleed even naar het verband dat al rood was gekleurd. Rust houden was niet een van mijn sterkste kanten, net zoals geduld, of slapen, of eigenlijk alles wat mij ervan weerhield om te moorden. Terug in het kamp deed ik geen moeite stil te doen, helemaal niet toen ik ook nog eens struikelde over een blok hout dat iemand had neergelegd. Ik landde op mijn handen, maar God mocht weten wie dat blok daar had neergelegd want dat zou de volgende helklant worden, en dat hij daar ook mocht rotten. Ik liet me zakken in mijn hangmat waar Mukjizat zich al ergens op een tak had genesteld. 'Weltrusten,' fluisterde ik tegen het enige waardige wezen dat ik kende.

    [ bericht aangepast door Fairytalest op 18 mei 2014 - 22:09 ]


    Everyone wants a magical solution to their problem, and everyone refuses to believe in magic. - Jefferson (ouat)

    Ik heb echt géén idéé waar ik moet beginnen, dus ik begin maar waar ik denk dat ik moet beginnen:
    Shay Hunter ° non-bender
    Ik had mijn naam niet voor niets gekregen. Mijn achternaam zeg ik liever niet, maar Hunter was mijn tweede naam, gekozen door mijn vader, en die deed ik eer toe ook. Stil vloog ik door de bomen, samen met de rest van deze groep van patrouilles. Mijn huis, mijn universiteit met kamers, enzovoorts, lag inmiddels ver achter me, maar hier vóélde ik me thuis, en dat was anders.
    De voetsporen leidden naar een rivier, waar ze verdwenen. Gevloek ontsnapte uit de mond van één van de mannen. "Ja, en nu?" zei een ander. "Kijken of ze aan de andere kant verder gaan."
    "We zien nauwelijks iets! Denk je dat we in de nacht verder kunnen zoeken?"
    "We kunnen het op z'n minst proberen." Na een tijdje dit saaie gesprek aan te moeten horen meng ik me erin. "'s Nachts zoeken gaat niet werken. Geen schaduwen om voetsporen te zien en geen licht om ze te herkennen. Zaklampen of lantaarns zien ze van ver weg al, dus nee, dat gaat ook niet werken. Verder staan er achter deze rivier slechts rotsen. Geen voetsporen. En zelfs áls ze er daar niet uit waren gestapt, dan weten we nog steeds niet waar wél. We moeten wachten tot morgen." Hierdoor waren de mannen stil. Het waren er in totaal drie. Eén van ons groepje was iemand van ongeveer mijn leeftijd. Slechts een aantal mannen voor patrouille lopen plus een meisje, wist ik veel. Dat waren mijn zaken niet.
    "Hoe weten we eigenlijk of ze nog wel bestaan?" vroeg er één. "Weet ik veel," antwoordde een ander. "Misschien angst?" raadde de derde. "De Raad zegt dat ze bewijs hebben," mengt het meisje zich nu ook in het gesprek. Volgens mij heette ze Scarlett. Haar stem is fijn en streelt mijn beschadigde trommelvliezen. Te veel geluid. "Ze zeggen dat ze een verschil hebben kunnen vinden in het DNA van gewone aarde en aarde dat een korte periode ervoor nog gestuurd is, of zo," gaat ze verder. "Onmogelijk," baste de tweede man. "Geen wonder dat ze door de mensen uit onze kroeg als gekken worden verklaard," lachte de eerste man verder. Ik moest me héél erg inhouden om me niet om te draaien en die gasten een fikse klap te verkopen.
    Inmiddels herinnerde ik me de naam van het meisje. Scarlett Woodward was het volgens mij. In ieder geval, ik herkende haar doordat ik haar wel eens op mijn universiteit had zien lopen. Volgens mij deden we ook samen een vak. Ik kon er alleen niet op komen welk vak...

    Is dit goed? Zoiets?


    No comment

    Roman Sandarias Jaw || Non-bender || Leider
    Van de vrouwen die wel eens zijn tent binnenkwamen bleef geen van al tot zonsopgang, om de een of andere reden gaf Roman de voorkeur aan alleen slapen. Met zijn hand onder zijn kussens, klaar om zijn mes te pakken in het geval van een aanval. Ze hadden vandaag de aardemeesteres gevonden, al had ze jammer genoeg nog niets losgelaten over hun kamp wist hij zeker dat ze op een bepaald moment wel zou breken, ze moest wel. Op het moment was ze in een andere tent, onder beveiliging en met haar bending geblokt. Nog even en dan zouden er meer benders volgen, het water was vergiftigd, de bossen werden doorzocht, en het gebied waar ze zich in konden verstoppen werd met de dag kleiner. Ook nu was er een vrouw uit zijn tent gelopen en zat Roman op het bed, gekleed in een broek en een dun t-shirt, nadenkend over alles wat er gebeurt is, niet alleen vandaag maar in zijn leven, de beelden van zijn ouders en vooral zijn tweelingzus dansden voor zijn ogen en zijn hand omklemde het medalion om zijn nek waar er twee foto's in bevonden. Hij stond op en blaasde de lihten in de tent uit om vervolgens weer naar zijn bed terug te keren, en viel al snel inslaap, nogsteeds gekleed in zijn spijkerbroek en t-shirt terwijl zijn linkerhand het lemmet van zij mes stevig vastgrijpte, steviger en steviger naarmate zijn droom, of eerder nachtmerrie erger werd. Zijn herinneringen speelden zich na elkaar af, en leken steeds gruwelijker te worden.


    Don't be like the rest of them, darling

    Clyde Augist Montez || Airbender


    Ik stop het laatste stukje eten van mijn avondmaal in mijn mond, waarna ik mijn ogen door de omgeving laat glijden. Ik bevind mijzelf in een luchttempel, een plek waar ik mij redelijk thuis voel, aangezien ik een airbender in hart en nieren ben. Ik merk dat de open omgeving in het bos donkerder begint te worden en sla mijn ogen op naar de hemel. De lucht word inderdaad donkerder, waaruit ik op maak dat het al laat moet zijn. Met een lichte zucht sta ik op en begin ik mijn rommel van het eten op te ruimen. Door het vele reizen om niet door de non-benders gevonden te worden, heb ik mijzelf aangeleerd niet te veel rommel te maken. Na het opruimen van de rommel, trek ik mijn T-shirt uit en was ik mijn bovenlichaam met het water uit een kruik. Na mijn korte 'wasbeurt' droog ik mijzelf weer af met een oud T-shirt. Ik kruip, nadat ik mijn paard even had verzorgd, mijn tent in. Het is inmiddels al middernacht en morgen moet ik al mijn spullen klaar maken, zodat ik de dag erop weer kan verder trekken. Tijdens de tocht door het bos die ik vandaag had gemaakt, heb ik een aantal sporen gevonden van een groep non-benders. Ik wilde die non-benders niet allemaal tegelijk aanvallen, omdat ze met te veel zijn, dus ben ik wel gedwongen om verder te reizen. Ik vraag mij af of er eigenlijk nog wel andere benders zijn... Anders zou ik mij zo graag bij ze voegen, aangezien het alleen zijn al snel begint te vervelen. Mijn hand gaat naar de - voor mij - 'kostbare' ketting die om mijn nek hangt. Ik streel het met liefde, want deze ketting brengt mij herrineringen over mijn mooie dochtertje. Ook geeft het mij moed om niet op te geven, want ooit zal ik al die non-benders gaan vermoorden om ze zo de dood van mijn dochtertje te wreken. Mijn lippen raken het kettinkje, waarna mijn ogen zich sluiten en ik in slaap val op mijn matje.

    [Goedgekeurd? Ik ben dan niet bij jullie, maar nog een loner!]

    [ bericht aangepast door xthevampire op 28 mei 2014 - 21:22 ]


    "Always be yourself. Unless you can be a pirate - then always be a pirate." ~ Jack Sparrow

    Kutukan Udara - non-bender

    Scheldend word ik wakker als ik met een klap op de grond val. Ik opende mijn ogen en keek om me heen, het was nog lang geen tijd voor ontbijt, maar iemand daarboven wilde kennelijk dat ik eerder wakker werd. Ik stond op terwijl ik rondkeek, het héle kamp lag nog te slapen, inclusief Roman. Ik veegde het slaapzand uit mijn ogen terwijl ik zocht naar Mukjizat. Waar zat die stomme vogel nu weer? Ik keek de lucht in en zag Mukjizat inderdaad in de lucht vliegen. Ik glimlachte, ook hij kon niet slapen. Toen ik me realiseerde dat mijn mondhoeken zowaar omhoog waren gekruld liet ik ze weer zakken. Lachen was verboden, het paste niet bij hetgeen waar ik mee bezig was. Vanuit het niets vloog er nog een vogel de lucht in en vloog recht op Mukjizat af. Het duurde alleen even voor ik me realiseerde dat deze vogel twee keer zo groot was, Mukjizat vloog weg. Ik geloofde dat ik nog nooit zo snel wakker was geweest. Ik zette het op een rennen, mijn blik op de lucht gefocust terwijl ik mijn best deed om niet tegen een boom aan te lopen in het tempo waarin ik bewoog. 'Mukjizat!' schreeuwde ik op inmiddels een aardige afstand van het kamp. Waarom kwam die vogel niet gewoon naar beneden. Ik rende de voeten bijna letterlijk uit mijn lijf met de hoeveelheid boomstronken waar ik nu pas op begon te letten. Ik rende en rende en had onderhand geen idee meer waar ik was. De bomen bleven bomen, maar ik had er geen een gemarteld of half omgekapt wat betekende dat ik hier nog nooit geweest was. Ik wierp weer een blik naar boven. Het grote beest had afgehaakt, maar Mukjizat vloog nog steeds luid krijsend weg alsof de duivel hem achterna zat. Toen, vanuit het niets, maakte hij een duikvlucht. Een paar bomen later zag ik waarom: mijn trouwe vogel had wat gespot terwijl hij aan het vluchten was. Mijn trouwe vogel dacht zelfs aan mijn opdrachten ook al stond hij op het punt om opgevreten te worden, ik voelde me net een trotse vader. Ik keek naar de hoeveelheid tempels en gebouwen die voor mij lagen. Het kwam het dichtste bij een beschaving van wat ik tot voor de voorlog heb gezien. Verbaast keek ik rond in het heiligdom: een van de vier luchttempels. Voor het eerst sinds jaren vergat ik dat deze ratten mijn ouders hadden vermoord en kon alleen maar kijken naar het prachtige bouwwerk.


    Everyone wants a magical solution to their problem, and everyone refuses to believe in magic. - Jefferson (ouat)