• Het Praattopic
    Het Rollentopic
    De Story


    Aarde -- omstreeks 13de eeuw na Christus

    “Fortitudo mea, et filii vestri filiis tuis, ad ultimum tempus, quod praeparet bellum!” De zware stem was niet enkel te horen in de grot, maar het leek ook door haar borst heen te gaan. Om haar heen stonden een aantal anderen, ridders, net als zij was. En voor hun stonden de laatste van de draken. Het was de oudste van de groep die tegen haar sprak en de pact bezegelde de hun soort veilig zou moeten houden doorheen de geschiedenis tegen de Hunters. De draken gaven de Knights hun kracht en geest, die zou worden doorgegeven aan hun kinderen en kleinkinderen, tot de dag zou komen dat het laatste gevecht zou beginnen. “Supplices te accipere munus jusiurandum honore, usque ad tempus caute.” Zelfverzekerd gaf ze nog maar eens haar word om de gift die ze nu kregen en de eed die ze gezworen hadden om de draken veilig te houden, te eren, tot het einde der tijden.
    Niet lang na deze laatste woorden verdwenen niet alleen de draken van de aardbodem, maar ook de Knights. Elk hun eigen weg gaand, op zoek naar een plek waar ze veilig zouden zijn voor Hunters. Want elk van hen droeg in hun hart een kostbaar geschenk met zich mee dat nooit verloren zou mogen gaan.

    Aarde -- 2307

    De aarde is veranderd. De middeleeuwen zijn verdwenen en niet enkel nieuwe werelden, maar ook nieuwe planeten zijn ontdekt. Veel van wat eens was, is verloren gegaan in de geschiedenisboeken en bijna niemand staat er nog bij stil dat sommige verhalen een kern van waarheid hebben.
    Bijna niemand. Een select gezelschap weet echter beter. De Dragonhunters. Door de eeuwen heen hebben ze nooit geloofd dat de draken echt verdwenen zijn en ook vandaag zoeken ze naar de wezens de ze gezworen hebben uit te roeien.
    Het is in deze veranderende wereld dat de Knights voelen dat de tijd gekomen is om op te staan en voor een en altijd te beslissen of draken een plaats hebben in deze wereld of moeten verdwijnen. Als het ware aangetrokken tot elkaar verzamelen de afstammelingen van de Knights die eens de ziel van een draak hebben ontvangen in Parijs, klaar voor een laatste confrontatie.


    De Dragonhunters
    * Emilia Hazel Jones - Opalia
    * Rachel Lotta Shaw - Illwill
    * Mavis Night - xLenox
    * Vrij
    * Raiden 'Wolf' D'Angelo - DarkAng3l
    * Vrij
    * Vrij
    * Vrij


    De Dragonknights
    * Alexandra 'Alex' Voychek / Ijs - DarkAng3l - Last Queen of Dragons
    * Arya Pierson/Electriciteit - Illwill
    * Skyler McKee/Water - Valkyries
    * Vrij
    * Alduin Dougal/Schaduwen - Yoda
    * Artemis 'Arty'/Hout - Lazulis
    * Vrij
    * Vrij


    Andere
    * Sean Prideux - NymeriaDorne
    *
    *
    *
    *
    *
    *



    De start?
    We starten wanneer de Knights aankomen in Parijs. De Hunters hebben daar natuurlijk lucht van gekregen en zijn ook naar Parijs afgezakt.
    De Hunters hebben een vaste ontmoetingsplek in de Kathedraal Notre-Dame. Ze zijn een gezelschap dat redelijk wat tijd met elkaar doorbrengt, dus ze kennen elkaar wel een beetje. De Knights kunnen afspreken waar ze willen, ook al hebben ze elkaar misschien nog nooit ontmoet.

    Andere
    We spelen dus 300 jaar in de toekomst!!!
    Technologie is een stuk moderner, Parijs ziet er niet meer bepaald uit zoals het nu is.

    Een aantal ideeën van hoe Parijs er nu uit kan zien. Je hoeft dit niet strikt te volgen, gebruik je fantasie.
    Eifeltoren
    Eifeltoren 2
    Notre Dame
    Sacre Coeur
    Sacre Coeur 2

    [ bericht aangepast door Aquilae op 20 juli 2014 - 20:44 ]


    "Nothing is True. Everything is Permitted"

    Dit is een overlevering uit het oude topic, omdat Yoda en ik met deze twee personages graag verder gaan waar we waren
    Mijn excuses voor de hoeveelheid tekst alvast

    Alexandra 'Alex' Voychek | Queen of Dragons | Ice
    Het geluid van de stad leek haar te verdoven. Terwijl ze door de straten liep, kon ze niets anders dan zich afvragen hoe het hier geweest moest zijn, enkele eeuwen geleden. Zonder alle hoge gebouwen en voor besloten werd dat vele kleine stukjes geschiedenis plaats moesten maken voor moderne techniek en wat zij bestempelde als andere rommel. Vast dat de sfeer een stuk gezelliger was toen alles ouder was als het ware .Ze had eigenlijk geen idee waar ze was. Ergens noordelijk van de Seine, dat wel, maar tot voor een paar dagen was ze nog nooit in deze stad geweest. Sterker nog, had ze Siberië nog nooit verlaten. Iets had haar gewoon soort van gedwongen om hierheen te komen en alles wat ze kende achter te laten. Haar familie, haar vrienden, het leven dat ze kende in de kou en sneeuw en op zoek te gaan naar de stad waar ze nu door liep.
    Even keek ze op toen ze een hoek om kwam. Voor haar lag een pleintje, niet bepaald groot of opvallend tussen de moderne gebouwen, maar wat wel op viel, was het bouwwerk aan de andere kant. Vast en zeker dat het een van de weinige oude gebouwen was die gespaard waren gebleven door de tand des tijds. In de afgelopen dagen had ze er een aantal gepasseerd, maar deze was nieuw. Notre-Dame meed ze als de pest. De sfeer die er hing voelde gewoon niet juist aan. De Eiffeltoren, of wat er van over was, was permanent gesloten en het Louvre en z'n kunst zou haar niet kunnen boeien. Maar dit... Langzaam liep ze dichterbij. De lentebries speelde onder haar lange, witte jas terwijl het een paar plukken haar voor haar gezicht blies. Op een plakkaat naast de deur kon ze lezen waar ze was. "La basilique de Sacré Couer de Montmartre..." Ze moest het de Fransen nageven, ze hadden iets voor lange namen. Na een korte aarzeling liep ze het heiligdom binnen, uit de lentezon en in de koelte van de ruimte. Ze was op zoek naar iets wat ze niet kon beschrijven, dus zou het vast geen kwaad kunnen om even binnen te kijken. Je wist immers maar nooit.

    Alduin Dougal - Knight - Schaduwen
    Ruim twee weken waren voorbij gegaan sinds Alduin in Parijs aan was gekomen. Noodzaak had hem naar de stad gedreven en hij wist dat, ondanks dat het hem pijn deed zijn familie achter te laten, hij wel moest. De winden der verandering kwamen aangewaaid en de tijd leek rijp om hun wapens weer op te pakken. Het was een gevoel, niets meer. Maar de instincten van een dragon knight waren er om gevolgd te worden. En er was geen twijfel over mogelijk dat de rest van de knights ergens in de stad die eens stond voor passie en liefde, ronddwaalden.
    Zijn zoektocht was begonnen bij het louvre. Een zwak aftreksel van wat het het ooit was. Technologische vooruitgang had vele nutten, maar in de wereld van kunst en geschiedenis hoorde het niet thuis. Drie dagen had hij besteed in het centrum van de geschiedenis, maar het gevoel in zijn maag zei hem, dat hij hier niet snel een knight zou vinden. Dus ging hij de stad verder in. Hij vermeed de Notre Dame als de pest. Een ratten geïnfesteerd hol. Ratten in alle mogelijke manieren waarop je het woord kunt interpreteren. Het had niet lang geduurd voordat hij door had welke gevaren er achter de muren van het groteske gebouw schuilden.
    Hij ging alle monumenten af en zwierf door de straten, in de hoop aangetrokken te worden tot één van de mensen die samendrongen in de drukke stad. Uiteindelijk besloot hij heil te zoeken in een gebouw waar de meesten toch heen gingen als ze zich als vreemdeling in de stad vonden. La basilique de Sacré Coeur de Montmartre. Mochten er knights naar de rest op zoek zijn, dan zouden ze hun weg hier uiteindelijk wel naar vinden.

    De oude kerkbanken waren nog steeds intact, al bestond er geen twijfel over dat ze over de eeuwen meerdere malen gerestaureerd of nagemaakt waren. Na hier bijna 6 dagen rondgehangen te hebben, kon Alduin de kleinste details uit zijn hoofd opdreunen. Zijn plan had nog niet veel opgeleverd en hij had al besloten te verplaatsen naar een andere plek als na vandaag nog niemand op was komen dagen. Totdat zijn instincten het overnamen en een eigenaardig gevoel zich van hem meester maakte.
    Hij had haar aanwezigheid gevoeld voordat hij de zware kerkdeuren had horen openen. Het leek een eeuwigheid te duren voordat ze binnen was gekomen sinds hij haar had aangevoeld. Leunend tegen één van de stevige pilaren die het gebouw op zijn plek hielden, fixeerde hij zijn ogen op de ingang. De zonnebril die zijn uiterst speciale ogen verborgen hield, zat stevig op zijn neus en een lichte grijns verscheen om zijn lippen. Hij sloeg zijn armen over elkaar terwijl hij de jonge vrouw bekeek. Zijn hoofd iets schuin houdend, liet hij zijn ogen over haar heen flitsen. Witte haren en een witte jas. Ze was klein. Tenminste, vergeleken met hem. Maar er was geen twijfel over mogelijk dat ze één van hen was. Een knight. De kracht die van haar af straalde maakte dat alleen al duidelijk.
    Met een snelle beweging duwde hij zichzelf van de pilaar af en ging rechtop staan. Even vloeiend trok hij zijn zonnebril van zijn ogen, om zijn drakenpupillen te openbaren. Meer bewijs van zijn afkomst was er niet nodig.
    "Ik begon al te denken dat ik elke hoek van Parijs zou moeten afzoeken. Goed om te zien dat iemand mijn aantrekkingskracht tot deze plek heeft gedeeld." De lichte grijns was opeens niet zo licht meer. En hij wist gewoon dat vandaag alles zou veranderen.

    Alexandra ‘Alex’ Voychek / Queen of Dragons / Ijs
    Terwijl ze de trappen van de het gebouw opliep ronde ze nog snel het telefoongesprek af dat ze aan het voeren was. Het zou het laatste contact zijn dat ze had met haar familie in Siberië voor alles begon. Als de Knights slaagden zou ze hen terug zijn. Als ze faalden was dit de laatste keer dat ze hen ooit zou horen. “Da Babushka.” Ze praatte zachtjes. Eens was het gebouw voor haar een heiligdom geweest van de kerk en ze wilde de rust niet te erg verstoren. “Ik hou ook van jullie. Hopelijk tot binnenkort.” Ze hing op en stak het toestel weg. Haar grootmoeder had de naam van het gebouw gehoord en ze had haar nog eens op het hart gedrukt vooral haar gevoel te volgen. Gezien ze tot voor kort nooit buiten Siberië geweest was, zou dat nu haar grootste hulp zijn tot ze de anderen vond. Ze zou bondgenoten moeten zoeken, onder de Knights, maar eventueel ook onder mensen als het echt nodig was.
    Zodra ze door de deur naar binnen liep, merkte ze dat het in de kerk aangenaam duister en zelf lichtjes fris was. Met een eenvoudige beweging duwde ze haar zonnebril in haar haar. De vorige avond was niet bepaald verlopen als gepland, waardoor ze met lenzen in, in slaap gevallen was. Gevolg was dat haar ogen ze nu even niet konden verdragen, maar in het schermerduister zou vast niemand merken dat haar pupillen anders waren. Als er al iemand was. De hele plek leek op het eerste gezicht totaal verlaten en toch was er een gevoel dat ze gewoon niet van haar af kon schudden. Ze was hier niet alleen. Het kostte even moeite om haar ogen te laten wennen aan het licht toen de deur achter haar dicht viel. Kalm liep ze verder langs het middenpad, de hielen van haar laarzen zachtjes tikkend op de stenen vloer. Haar zwaard had ze veiligheidshalve verborgen op haar hotelkamer, maar ze had wel de tegenwoordigheid van geest gehad om het vuurwapen dat ze had mee te nemen. Je wist maar nooit. Vele delen van de stad waren dan misschien wel veilig, maar je had altijd gekken die nou ja, gek deden.
    Ergens wat verder in de kerk hoorde ze een beweging en tegelijk daarmee een vernieuwd gevoel van kracht die als een golf op haar af kwam rollen en haar gevoel enkel maar bevestigde. Zelf haar grootmoeder kon haar niet zeggen hoe ze andere Knights zou kunnen herkennen zonder hun ogen te zien, maar ze begon zo langzaam het idee te krijgen dat ze het antwoord daarop gevonden had. Met een beweging die de persoon heel natuurlijk af leek te gaan zette hij z'n zonnebril af. "Ik begon al te denken dat ik elke hoek van Parijs zou moeten afzoeken. Goed om te zien dat iemand mijn aantrekkingskracht tot deze plek heeft gedeeld." Een wenkbrauw schoot de hoogte in toen ze de woorden hoorde. Zijn aantrekkingskracht? Die had ook een idee van zichzelf. "Ik betwijfel of je aantrekkingskracht reikt tot waar ik vandaan kom." De stem en een lichtstraal die tussen de wolken door naar binnen viel, onthulde dat het een man was. Een tel bleef ik staan om hem wat beter te bekijken voor ik op hem af liep. Hij was in ieder geval groter dan ze zelf was en toegegeven, gezien ze amper ervaring had met mannen, met dank daarvoor aan haar grootmoeder, hij zag er niet slecht uit, al waren details moeilijk te zien momenteel. De kracht die hij uitstraalde had wat bekend, alsof ze het al kende van toen ze nog klein was en toch, het was de eerste keer dat ze hem zag. "Het ziet er naar uit dat ik niet de enige ben die geroepen is." Nu ik vlakbij was, wist ze zeker dat ze geen schrik van hem moest hebben. Z'n ogen namen de laatste twijfel weg, net als de hare dat ook voor hem zouden moeten doen. In het juiste zonlicht leken ze, net als haar haar, haast sneeuwwit met een lichte zweem van hemelsblauw zoals de lucht op een heldere winterdag. Nu waren ze eerder zilvergrijs en leken te glanzen als hetzelfde edelmetaal. "Het ziet er naar uit dat ik een van m’n Knights gevonden heb. Hopelijk ben je niet de enige." Een tel glimlachte ze zachtjes. Hij zag er in ieder geval zelfverzekerd uit. Mooi, want ze zou alle hulp kunnen gebruiken. Beleefd stak ze haar hand uit. "Alexandra Voychek, of kortweg gewoon Alex." Het was korter, makkelijker en ze vond het net zo mooi, ook al bestempelden vele het als een jongensnaam.

    Alduin Dougal - Knight - Schaduwen
    Hij kon haar wenkbrauw haast naar boven horen schieten als reactie op zijn woorden. Een geamuseerde glimlach vloog over zijn lippen.
    "Ik betwijfel of je aantrekkingskracht reikt tot waar ik vandaan kom." Hij kon het niet laten, een lach verliet zijn keel. De intentie van zijn opmerking ging daar enigszins verloren, zo te merken.
    "Ik weet dat mijn zelfvertrouwen misleidend kan zijn, maar zo misleidend. Ik bedoelde niet mijn eigen aantrekkingskracht, al is die vast ook zeer sterk, maar de aantrekkingskracht van deze plek." Hij vond de situatie amusant. En vleiend. Als iemand door zijn uiterlijk meteen dacht dat hij zijn eigen aantrekkingskracht bedoelde, kon hij dat haast niet als compliment opnemen.
    " Het ziet er naar uit dat ik niet de enige ben die geroepen is." Maar hij had gelijk gehad. De jonge vrouw voor hem, was een ridder. Hij had slechtere ridders kunnen treffen en wat hij zag viel hem absoluut niet tegen. Haar ogen leken vertrouwd, misschien dat de drakenziel in hem ze herkende uit een grijs verleden. De zilvergrijze glinstering was hypnotiserend, nooit eerder had hij de opmerkelijke ogen van een andere knight mogen aanschouwen. Het vervulde hem op een vreemde manier met opwinding. Haast als een klein kind dat op de nacht voor zijn verjaardag de slaap niet kan vatten met het uitzicht op onbekende cadeaus.
    Hij nam haar uiterlijk in zich op. Sneeuwwit haar, bleke huid en ogen die bekend aanvoelden. Ze was niet al te lang, vooral niet vergeleken met hem. Maar misschien was dat ook wel geen eerlijke vergelijking. Hij probeerde niet eens te verbergen dat hij haar aan het bekijken was, maar de blik in zijn ogen zou genoeg moeten zeggen. Hij was haar aan het opmeten. Zijn blik was niet die van een hongerige wolf, zoals een groot deel van de Franse smiechten die op de straten rondliepen. Het was die van slinkse kat, nieuwsgierig en onderzoekend. Niet dat hij zozeer achterdochtig was, maar als knight zijnde had hij geleerd altijd de benodigde voorzichtigheid te beoefenen.
    "Het ziet er naar uit dat ik een van m’n Knights gevonden heb. Hopelijk ben je niet de enige." De glimlach die kort over haar lippen schoot, had hem ietwat verbaasd. Maar het had hem niet af kunnen leiden van haar woorden. Háár knights? Betekende dat.. Haar naam zou alles zeggen en toen ze haar hand uit stak, wist hij dat hij zijn antwoord snel zou vinden. Zijn ogen verraadden niks, geen enkele emotie was er uit af te lezen. Ondanks dat zijn spieren gespannen waren en de zenuwen op begonnen te borrelen.
    "Alexandra Voychek, of kortweg gewoon Alex." Voychek, een naam die hij enkel in de verhalen van zijn familie en de geschiedenisboeken tegen was gekomen. En dan nog vernoemd naar de eerste knight, de koningin, de commandant van hun orde. Hij nam haar hand aan en schudde hem kort, voordat hij hem naar zijn lippen bracht. Toen zijn lippen de rug van haar hand raakten, keek hij naar haar, een geamuseerde glinstering in zijn ogen.
    "Een prachtige naam. Vernoemd naar naar de legende, neem ik aan? Mijn naam is Alduin Dougal. En het is een genoegen je te ontmoeten. Mijn.. koningin." Een grijns verscheen op zijn lippen na het laatste woord, tergend langzaam en haast plagend uitgesproken. Maar hoe het er ook uit kwam, het respect voor de vrouw voor hem was duidelijk. En hij zou er alles aan doen om haar te assisteren in de strijd die zou volgen.

    Alexandra 'Alex' Voychek | Queen of Dragons | Ice
    Ok, tot zover een goeie eerste indruk. Trok ze haar mond weer eens open, kwam er wat uit dat totaal niet juist was. Hoe moeilijk was het ook om dingen juist te horen en daarna het juiste ook terug te zeggen? Behoorlijk lastig blijkbaar. “Russkiy.” Het was het enigste wat ze er verder van zou zeggen, voor ze zichzelf nog meer belachelijk maakte. Russisch was nu eenmaal haar eerste taal. Engels sprak ze wel, maar eerder gebrekkig en met een meer dan deftig accent, om van de rest maar te zwijgen. Het had haar verbaasd dat ze op haar eerste dag hier een brood kreeg bij de bakker en geen kip of wat anders. Hopelijk zou de tijd haar snel leren de andere talen machtig te worden om nog meer van dit soort misverstanden te vermijden.
    Terwijl hij haar schaamteloos bekeek, plaatste ze een hand in haar zij, alsof ze wilde zeggen van kan je het zien? Of staat het je aan? Ze was het na twee weken Parijs ondertussen gewoon dat mensen haar raar aankeken. Ok, ze had zelf meer dan genoeg rare figuren gezien, maar hoeveel zagen eruit als een wandelend sneeuwvlokje? Haar voorliefde voor witte kleren stak ze niet bepaald onder stoelen of banken. En haar haar, tjah daar was ze gewoon mee geboren. Babushka noemde het het bewijs dat ze degene was waar de knight op hadden gewacht. Echter nam ze er zelf ook gebruik van om hem even wat beter te bekijken. Groot, zoveel was wel zeker. Zelf op hielen voelde ze zich klein naast hem. Gecondoleerd met je scheermes. Ze dacht het wel, maar ze zei het niet luidop. Aan de andere kant, de stoppels waren lang niet zo verwilderd als de baarden van sommige andere dus viel het nog best goed mee. Het gaf hem in ieder geval iets. Een beetje een ruw kantje. Maar het waren eerder z’n ogen die de aandacht trokken, zelf in het weinige licht. Voor zover ze kon zien hadden ze niet bepaald één kleur, maar het zwart langs de rand ervan leek te dansen in het halfduister. Al moest dat natuurlijk haar verbeelding zijn. Ze moest zich er dan ook van weerhouden om z’n gezicht naar het licht te draaien om het beter te zien.
    Zacht schudde ze haar hoofd. “Geen legende. Ze was echt. Anders stonden we hier vandaag niet.” Ze keek lichtjes verbaasd toen ze merkte wat hij deed. Dit waren de middeleeuwen toch niet meer waar een man op dergelijke manier een vrouw probeerde te charmeren, of waar was het ook weer goed voor? “Alex.” Gromde ze zachtjes op zijn gebruik van haar titel. Het zou hier toch niet hetzelfde gaan zijn als thuis zeker? Het was niet bepaald verwonderlijk dat ze onder de indruk was van een man die tegen haar durfde te praten. In Siberië zetten ze het allemaal op een rennen bij het idee alleen al dat haar Babushka hen zou neerschieten met haar blik alleen al. “Ook niet bepaald de meest voorkomende naam. Al komt hij me wel ergens bekend voor.” Het probleem was hem echter plaatsen waar ze hem eerder had gehoord.
    Even viel er een stilte. Hoe moest het verder van hier? Ze wist dat hij een Knight was en omgekeerd, maar onmogelijk dat ze met twee de Hunters aan zouden kunnen. Lichtjes ongemakkelijk keek ze weg. “Laat de titel maar achterwege. Twee weken in Parijs en jij bent de eerste van de Knights die ik gevonden heb. Met een label geboren worden wil nog niet zeggen dat je ook weet hoe je het moet dragen.” Vanuit haar ooghoeken keek ze hem aan. Het was iets waar ze al heel haar leven mee worstelde eigenlijk. “Als ik ga moeten waarmaken waarvoor ik geboren ben, ga ik hulp nodig hebben.” Het was eigenlijk een onrechtstreekse vraag of ze op hem kon rekenen, daarvoor was ze gewoon een tikkeltje te koppig en misschien ook wel te trots. Elke keer weer als koningin bestempeld worden kon je wel wat naar je bol gaan stijgen, al had ze dat altijd getracht te voorkomen.


    "Nothing is True. Everything is Permitted"

    mt


    "I would have followed you, my brother... my captain... my king."

    je hoeft niets te forceren hoor. Geniet rustig van je vakantie en zie daarna verder. Ik snap prima dat het niet altijd even makkelijk is om te reageren op dingen ofzo. Op vakantie hoor je, in mijn ogen, andere dingen te doen dan degene die je meestal thuis doet. Dus doe lekker gek, vergeet Q anders even en relax;)


    "Nothing is True. Everything is Permitted"

    Alvast een MT en ik ga proberen in de loop van de dag iets te schrijven met Skyler (bloos)


    “If you can smile when things go wrong, you have someone in mind to blame.”

    nice


    met raiden start ik wel opnieuw, het is dus enkel met Alex dat ik verder ga


    "Nothing is True. Everything is Permitted"

    II Skyler McKee II 21 II Knight II Water II Character II
    Zoals het de laatste weken steeds meer leek voor te vallen, was het ook vandaag weer erg rustig in Fleur-de-Lis, de brasserie waar Skyler al enige tijd werkte.
    ‘Skye, is er nog altijd geen volk?’ werd haar dan ook verzuchtend gevraagd door Pierre, de dikke chef-kok die inmiddels de gehele keuken tweemaal gepoetst had, opdat alles dubbel zo hard blonk. Puur uit verveling doordat hij alle voorbereidingen voor die dag al had gedaan, tezamen met de bestellingen doorgeven en de inventaris na te kijken.
    Skyler had al enkele seconden eerder opgemerkt dat de man zijn vertrouwde plek had verlaten om iets te drinken te nemen uit één van de koelkasten, en liep dan ook zelf op de bar af.
    ‘Sorry, Pierre,’ schudde ze haar hoofd toen ze aan de andere kant van de bar tegenover hem stond, bevestigend wat hij feitelijk al wist. Ze glimlachte toeschietelijk, terwijl ze gade sloeg hoe Pierre een flesje Spa in één slok uitdronk. Iets wat zijn gewoonte was als hij zich verveelde.
    ‘Misschien dat het later vanmiddag betert,’ sprak ze optimistisch, al wisten ze beiden dat er niet bepaald veel volk nog zou komen vandaag. Hooguit één of twee klanten voordat de brasserie zijn luiken toe zou doen tot de volgende dag.
    ‘Misschien,’ reageerde Pierre dan ook verzuchten, waarna hij een tweede flesje Spa pakte uit de koelkast en zich opnieuw terugtrok in de keuken.
    Skyler plaatste slechts een hand in haar zij, keek zwijgend toe hoe de chef-kok terug zijn vertrouwde plek opzocht, om vervolgens haar blik over de tafels en stoelen te glijden die er nog even netjes en ongebruikt uitzagen als deze ochtend. De koeling had ze ook al bijgevuld, evenals de servetten gevouwen, het bestek opgeblonken en de boel in de zaal wat gepoetst.
    ‘Ach wat kan het ook voor kwaad,’ glimlachte ze, toen ze dan ook uiteindelijk naar de muziekinstallatie liep en de muziek harder opzette dan eigenlijk was toegestaan door haar bazin.
    Heupwiegend liep ze vervolgens tot achter de bar, waar ze eerst een sopje klaar maakte, opnieuw poetsspullen boven haalde en besloot alle longdrinks, wijnglazen, bierglazen, overige glazen en drankflessen van hun plaats te halen om alles achter de bar eens van een grondige poetsbeurt te voorzien. Ze achtte de kans toch niet bepaald groot dat er een sterveling zou binnenstappen het komende uur, en als dat wel gebeurde, kon ze de muziek altijd nog terug zachter zetten.

    [Eindelijk m'n eerste post! Niet m'n beste begin, maar het is iets. Wie zich geroepen voelt, mag altijd Fleur-de-Lis binnenstappen, en anders laat ik Skyler iemands kant opkomen wanneer de brasserie gaat sluiten.]


    “If you can smile when things go wrong, you have someone in mind to blame.”

    (@Valkyries, ik kom met Arty wel naar Fleur-de-Lis).


    Vampire + Servant = Servamp

    Artimes 'Arty' /knight / Hout

    Ik had mijn mond open als ik door de stad van Parijs loop. Alles was hier groot, goed verlicht en de straten waren bezaaid met mensen. Ik trok mijn rugzak wat meer over mijn schouder en voel mijn maag knorren.
    Ik had zoon honger. De laatste keer dat ik wat gegeten had, was gisterochtend en dat waren enkel wat bramen en ander bessen.
    Ik liep verder de straten door als ik een cafe of eerder een brasserie zag. De luiken waren nog open en de mensen liepen er gewoon langs. Mijn maag begon zeer te doen en ik liep in de richting van het gebouw. Ik open de deur en ga op een kruk aan de bar zitten, terwijl ik mijn rugzak op de grond zet. Het was behoorlijk leeg.
    Ik graai in mijn zak naar wat geld, maar kon niets vinden dan een muntstuk.
    'Wat kan ik krijgen voor dit, want ik heb niet veel en moet ook nog overnachting zoeken,' zei ik in het algemeen. 'En als ik er wat vegetarisch mee kan krijgen, zou dat echt prettig zijn,' zei ik er nog achteraan, niet wetend of er iemand stond of niet.
    'Waar zijn de mensen?' vroeg ik in mezelf.

    (Sorry kort stukje, meer komt.)


    Vampire + Servant = Servamp

    II Skyler McKee II 21 II Knight II Water II Character II
    Skyler veegde haar voorhoofd af met de rug van haar hand, waarna ze tevreden keek naar het werk dat ze inmiddels had verricht. De glimlach die al de gehele tijd rond haar mondhoeken had gelegen, gewoon doordat ze zo opgewekt was van nature, werd groter doordat hetgeen ze gedaan had, er piekfijn uitzag en ze halverwege was.
    ‘Eerst wat drinken, en dan weer verder,’ sprak ze, al was het natuurlijk enkel tegen zichzelf gericht doordat de brasserie nog altijd verlaten was. Ze nam een fles Spa Bruis uit de koeling, opende de fles en nam een slok, om vervolgens opnieuw haar blik te vestigen op het gedane werk dat ze inmiddels had verricht. Het was meer werk dan ze aanvankelijk had gedacht, maar het was nog altijd beter dan niks doen.
    Ze nam opnieuw een slok, toen op dat moment de deur werd geopend en er iemand binnenstapte. Zonder haar drinken te staken, keek ze toe hoe het een jonge knul betrof die op een kruk aan de bar ging zitten en zijn rugzak op de grond zette. Lichtelijk hoofdschuddend bekeek ze hem, aangezien hij wat rondgraaide in zijn zak, en er slechts een muntstuk uithaalde.
    ‘Wat kan ik krijgen voor dit, want ik heb niet veel en moet ook nog overnachting zoeken,’ zei hij in het algemeen. ‘En als er wat vegetarisch mee kan krijgen, zou dat echt prettig zijn,’ voegde hij er nog snel achteraan.
    Skyler vermoedde dat hij haar aanwezigheid niet bepaald had opgemerkt, ondanks dat ze nu ook weer niet uit het zicht stond. Het was haar opgevallen dat hij bij binnenkomst niet had rondgekeken en direct op de bar was afgelopen, zonder aandacht aan zijn omgeving te besteden. Ze vond het dan ook een beetje een vreemd type, wat aan de magere kant en erg jong ogend. Ze haalde echter goedbedoeld haar schouders op, zette haar flesje drinken weg en liep op de knul af.
    ‘Laat eens zien,’ glimlachte ze vriendelijk, waarbij haar blik direct op het muntstuk rustte.
    Ze beet op de binnenkant van haar wang, toen ze zag dat de knul zelfs geen kaasknabbel kon kopen met de luttele paar centen die het muntstuk voorstelde. Haar heldere ogen blikten dan ook in de zijne, waarna ze opnieuw haar hoofd schudde.
    ‘Sorry, maar daar ben je hier niks mee,’ zei ze spijtig. ‘Maar ik zal kijken wat ik kan doen.’
    Ze liep meteen naar de keuken, direct naar de koeling, waarbij ze Pierres nieuwsgierige blik negeerde.
    ‘Ik heb een kleine honger,’ verklaarde ze, toen ze er iets uit pakte. Ze liep meteen terug naar de zaal, en schoof het stuk appeltaart dat ze bij had, onder de jongen zijn neus.
    ‘Alsjeblieft, en van het huis,’ glimlachte ze. Ergens vond ze de jongen nog het meest op een verloren puppy lijken, een soort zwervertje dat wel wat hulp kon gebruiken. Ze zou later die dag wel het stuk appeltaart afrekenen, zoals ze altijd deed als ze iets van een versnapering nam op de dag.


    “If you can smile when things go wrong, you have someone in mind to blame.”

    Artimes 'Arty' //Knight // Hout
    Ik zat op de barkruk als ik de jongendame achter de bar zag. Ik had haar eerst niet opgemerkt dat ze daar stond. Ik had vervolgens een muntstuk op tafel gelegd en
    erbij gevraagd, wat ik ervoor zou kunnen kopen.
    'Laat eens zien,' glimlachte ze en keek naar de muntstuk. Ik keek zelf ook naar de munt en voelde me schuldig dat ik niet meer had, maaar mijn maag was gewoon leeg.
    Mijn ouders gaven me twee munstukken mee om in iedere geval wat eten te kopen, maar de tweede munt was uit zijn jaszak gevallen en in de put beland. Hij had met het geld, gisteravond naald en draad kunnen kopen, om zijn jaszak dicht te naaien.
    'Sorry, maar daar ben je hier niks mee,' zei ze en ik knikte dat ik het begreep. Ik moest het denk ik maar doen zonder, water was geen probleem, dat kon ik stiekem uit de kraan van de wc halen.
    'maar ik zal kijken wat ik kan doen.' Ik keek haar na hoe ze de keuken in liep. Ik trok mijn muts van mijn hoofd en haalde een hand door mijn zwarte haren. De jongedame kwam terug en schoof wat naar me toe.
    'Alsjeblieft, en van het huis,' glimlachte ze weer. Ik glimlachte terug, pakte het vorkje en sneed de punt eraf en stak het in mijn mond.
    Dit was zo lang geleden, ik wist nog dat mijn stiefmoeder in de kleine bij keuken stond van het kleine boerderijtje en het deeg aan het rollen was. Ik mocht natuurlijk een stukje proefen.
    Na een poosje rook de hele boerderij naar de geur van versgebakken appeltaart, dat voor mijn achttiende verjaardag gebakken was.
    'Bedankt, dit is echt lang geleden dat ik appeltaart gegeten heb,' zei ik en nam nog een hap.
    'Het is wel rustig hier, zijn er wel mensen geweest?' vroeg ik haar, terwijl ik met mijn laatste hap nam. Ik pak mijn rugzak en zocht naar mijn lenzendoosje.
    'ik ben zo terug, mijn lenzen beginnen droog te worden.'
    Ik schoof naar achteren en sprong van de kruk en liep naar de wc. Ik kijk in de spiegel en haal voorzichtig de ene lens eruit, druppel ze en stop hem weer terug en doe precies hetzelfde met de ander.
    Ik liep de wc uit en ga weer op de barkruk zitten en stop mijn lenzendoosje weer terug in mijn rugzak.
    'Als ik geld heb, betaal ik je zeker terug, maar ik moet eerst werk vinden,' zei ik weer, maar vergat het aller belangrijkste.
    'Mag ik misschien weten hoe je heet?' vroeg ik vriendelijk.


    Vampire + Servant = Servamp

    Raiden ‘Wolf’ D’Angelo | Hunter | HF-sword
    Zonder een woord liet ik de zware deur van de kathedraal achter me dichtvallen. Ik was het zat om daar te zitten wachten op de anderen en vast en zeker niet dat degene die we zochten zomaar in onze schoot zouden komen vallen terwijl we daar zaten te wachten. Even keek ik over m’n schouder naar het bordje dat aangaf dat er zogezegd renovaties bezig waren in Notre-Dame, maar dat was niet meer dan een voorwendsel om ervoor te zorgen dat we niet gestoord zouden worden terwijl we in de stad waren. De kathedraal was immers eigendom van de Orde, waardoor we altijd een plek hadden om naartoe te gaan als we ergens waren en elkaar uit het oog verloren, zoals nu dus.
    De stad om me heen was in de loop der jaren veranderd van een historische parel naar een zoveelste hypermoderne metropool zonder enige ziel of betekenis. Zelf het hoofdkwartier op Mont-Saint-Michel was er niet volledig van gespaard gebleven. De enige reden waarom het niet zo erg was als hier, was omdat het dorp op een heuvel was gebouwd die omringt was met drijfzand.
    Toen ik opkeek merkte ik een van de vele spionnen op die we in dienst hadden. Met een steeds verder afnemend aantal aan Hunters was het raadzaam om ervoor te zorgen dat je ze niet naar de verkeerde plek zond en daardoor Draken op een andere plek liet lopen. Ze waren handig, vermomd als metalen versies van roofvogels die al eeuwenlang het luchtruim van de aarde beheersten. Maar ondanks dat ze door de mens gemaakt waren, moest je ze zeker niet onderschatten. Vogels ja, maar in tegenstelling tot hun natuurlijke soortgenoten hadden ze niet enkel een snavel en klauwen die flink schade aan konden richten, ook hun vleugels waren vlijmscherp. Even bleef ik het ding volgen, voor ik m’n handen in m’n zakken stak en m’n weg vervolgde in de richting van de rivier. Met geen echte aanwijzingen van waar ik moest beginnen zoeken, leek me dat de beste plek. Het enige waar ik echt op hoopte was dat een van de andere Hunters wat van zich zou laten horen.


    "Nothing is True. Everything is Permitted"

    II Skyler McKee II 21 II Knight II Water II Character II
    Met een vriendelijke glimlach zag Skyler hou de knul direct met zijn vork een stukje van de appeltaart in zijn mond stopte.
    ‘Bedankt, dit is echt lang geleden dat ik appeltaart gegeten heb,’ zei hij, waarna hij nog een hap nam.
    ‘Graag gedaan,’ antwoordde ze gemeend, waarna ze eigenlijk weg wilde lopen om verder aan haar werk te gaan. Ze had nu eenmaal de gewoonte om mensen op hun gemak te laten als ze aan het eten waren. Dat was voor haar nu eenmaal elementaire beleefdheid.
    ‘Het is wel erg rustig hier, zijn er wel mensen geweest?’ vroeg hij haar echter al. Hij stak een laatste hap appeltaart in zijn mond en opnieuw glimlachte Skyler vriendelijk.
    ‘Het is al enige tijd zo rustig,’ verklaarde ze, waarna ze lichtjes haar schouders ophaalde. ‘Je bent de eerste vandaag,’ glimlachte ze vervolgens, om zijn uiteindelijke vraag te beantwoorden.
    Hij zocht in zijn rugzak en haalde er een doosje uit, dat Skyler redelijkerwijs herkende als een lenzendoosje. Dit omdat ze zelf ook gekluisterd zat aan lenzen, door toedoen van haar vreemde gen-bepaling.
    ‘Ik ben zo terug, mijn lenzen beginnen droog te worden,’ bevestigde hij dat het inderdaad een lenzendoosje betrof. Ze knikte, waarna ze hem nakeek toen hij naar de toiletten liep.
    Skyler bleef erbij, die knul was een beetje vreemd en een tikkeltje te nieuwsgierig. Maar goed, al bij al was zijzelf dat ook redelijkerwijs. Hoofdschuddend haalde ze dan ook het bord met de laatste appeltaartkruimels weg en haalde – eerder uit gewoonte dan dat het echt vies was– een doekje over het hout van de toog. Toen ze terug kwam uit de keuken, om het bordje bij de afwas te zetten, zag ze dat de knul alweer op de barkruk zat en juist bezig was z’n lenzendoosje terug in zijn rugzak te stoppen.
    ‘Als ik geld heb, betaal ik je zeker terug, maar ik moet eerst werk vinden,’ zei hij, toen ze terug achter de bar stond.
    ‘Maak je om dat geld maar geen druk,’ glimlachte ze, waarna ze opnieuw haar schouders ophaalde. ‘Zoals ik al zei: het is van ’t huis.’
    ‘Mag ik misschien weten hoe je heet?’ vroeg hij toen vriendelijk. Skyler haalde een losgekomen, blonde lok haar uit haar gezicht, om vervolgens te antwoorden.
    ‘Skyler,’ zei ze, ‘al zeggen de meesten gewoon Skye.’
    Ze pakte haar flesje bruiswater en nam een slok, waarop ze besefte dat hij vast ook iets te drinken kon gebruiken.
    ‘Wil je ook iets drinken?’ vroeg ze daarom, en ze liep al naar de koeling zonder zijn antwoord af te wachten en opende de deur, verwachtend dat hij iets van een Spa blauw of Spa rood zou bestellen. Ze leek hem niet echt het type dat frisdrank dronk, al kon ze er evengoed naast zitten. ‘We hebben zo goed als alles, dus zeg het maar.’ Ze glimlachte, zo duidelijk aangevend dat ook dit van 'het huis' was.

    [Sorry voor het lange wachten, maar ik heb echt poepdrukke dagen achter de rug, waardoor ik nu eindelijk pas de tijd, fut en inspi heb. Moest er iets niet goed zijn, dan moet je het maar zeggen en dan pas ik het aan.]


    “If you can smile when things go wrong, you have someone in mind to blame.”

    Ok.
    Ik was vergeten dit te 'mijn topicen'
    too bad

    Ahum.
    Hoe kan ik het beste inspringen?


    The woods are lovely, dark and deep. But I have promises to keep, and miles to go before I sleep.

    kies zou ik zeggen, geloof dat de meeste nog niet ver zijn, en andere zijn herbegonnen;)


    "Nothing is True. Everything is Permitted"