• All the good girls
    go to Hell



    Setting     




    All the good girls go to hell
    'Cause even God herself, has enemies
    And once the water starts to rise
    And heaven's out of sight
    She'll want the devil on her team


                Ieder voor zich hebben ze een keurig leven geleefd, kort als het mocht zijn.
                Zes meiden komen op exact hetzelfde moment om het leven en zouden hun
                ogen moeten openen aan de Hemelpoorten. Echter zijn het de duistere krochten
                van de Hell welke hun verwelkomen. Zonder enige keuze te hebben behoren ze
                tot een offer aan de duivel en diens zonen, want Bad Girls gaan na decennia ook
                maar vervelen en God houdt de Rulers van de onderwereld liever te vriend. Al snel
                wordt duidelijk dat ze maar beter hun best doen er bij te horen, want wanneer ze
                gaan vervelen moeten ze het Paleis verruilen voor de eeuwige brandende vlakten.
                      Tijd om er achter te komen hoe lang een Good Girl, Good kan blijven.




    Paleis     



    De Hell bestaat een oneindige brandende vlakte, waarin miljoenen zielen ronddolen zonder elkaar te zien. Iedere ziel beleeft zijn of haar ergste nachtmerries aan een stuk door en dit tot het einde der tijden. Het lijkt er altijd nacht, zonder sterren of maan. In het paleis noemen ze deze vlakten 'The Pit'. Het Paleis zelf torent hier hoog bovenuit en is gevestigd op een enorme rotsformatie. Het is opgebouwd uit zwart steen en heeft een lugubere uitstraling. Het heeft iets weg van een oude kathedraal, met oneindig veel trappen, gangen en ruimten. Er zijn overal balkons met openstaande deuren, waarvan de dunne rode gordijnen constant bewegen op het warme briesje wat er altijd staat. Er is een enorme bibliotheek, een groot binnenzwembad en een balzaal waar eeuwig gefeest wordt door nietsvermoedende zielen. Die zielen hebben nauwelijks door waar ze zijn en dansen tot hun voeten bloeden mochten ze niet gestopt worden door een van de heren. Het Paleis is gevuld met snuisterijen en dure schatten waar nauwelijks waarde aan wordt gehecht. De meiden hebben ieder een identieke eigen slaapkamer op de derde verdieping. De heren mogen het zelf bepalen, zolang het enigszins kloppend is tegenover elkaar. Er zijn in totaal vier verdiepingen en meerdere torens met verbindingen. Aangezien het altijd nacht is, wordt het hele Paleis verlicht door haarden, kroonluchters en kaarsen in nissen. De vuren lijken oneindig te branden. Buiten op de balkons heb je uiteraard enigszins 'verlichting' van de gloed van de brandende vlakten. Ook hoor je hier het eeuwige gekwelde gekerm van de veroordeelde zielen.



    Rollen



                            The Girls
                •      Cunning
                •      Daemati
                •      HICCUP
                •      Limnaden
                •      Sombre
                •      Lovelyreads
                            King
                •      TOOL
                            The Princes
                •      Hanscom
                •      Teeth
                •      Dacre
                            The Higher Ups
                •      Hargreeves
                •      Cunning

    •      Eve Beatrice Summers
    •      Josephine Whitaker
    •      Cassandra Palmer
    •      Thahira Dawn Pax
    •      Chloe Mary Felix
    •      Zehra Youssef

    •      Levi Dow Jude

    •      Valac
    •     
    •      Asmodeus

    •      Grimm
    •      Djinn


    •      1.3
    •      1.3
    •      1.2
    •      1.4
    •      1.2
    •      1.4

    •      1.2

    •      1.3
    •     
    •      1.4

    •      1.2
    •      1.4




    Regels     




    Respect voor elkaar en elkaars rollen. Zorg dat niet alleen je eigen rol                  
    tot recht komt maar probeer ook in het oog te houden hoe anderen hun
    rol neer willen zetten. Iedere post bevat minimaal 300 woorden en
    maximaal 600. Geen perfecte rollen en 16+ is zeker toegestaan. Verder
    zijn de regels van Q uiteraard in werking en hoop ik op een actief speeltopic
    met enthousiaste mensen. Alleen ik mag nieuwe topics aan maken. Vermeld
    bij iedere post met wie je bent en waar in het Paleis.



    Rollentopic      •      Praattopic




    [ bericht aangepast door Fraternity op 30 sep 2019 - 11:01 ]


    You are allowed to be Angry and Selfish and Unforgiving


    GRIMM

    With Zehra - At Zehra's room - Outfit


    Zo te zien had ik de lichtgetinte dame tijdens haar verkenningstocht van de kamer onderbroken. Wat verbrauwereerd keek ze me aan, wat me ook even de kans haf om haar beter in me op te nemen. Ze was een slanke vrouw, met mooie rondingen, en wat aan de kleinere kant. Haar haren waren donker net zoals haar grote bange ogen welke ze strak op mij gericht hield. Het was een amuserend zicht, een bange gazelle die net leek te beseffen dat er geen ontkomen was aan een hongerige leeuw. Ik zette een stap dichter haar richting uit, waardoor ze als een tegenstotende magneet naar achter deinsde. Haar ranke armen bewoog ze richting een zilveren kandelaar welke ze stevig beet nam het was een zielig zicht en hoofdschuddend om haar tevergeefse poging stootte ik een emotieloze grinnik uit. Het was soms werkelijk vermoeiend om aan de doden uit te leggen dat het zinloos was. Zelf al poogden ze me neer te halen, ik was de beaming van dood, hun pogingen waren nietig, en veels te laat.
    'W-waar ben ik?' piepte ze angstig uit, ik kon aan haar stem horen dat ze zich sterk probeerde te houden, al kon ik je verzekeren dat ze die act niet lang ging volghouden."Ik zou die kandelaar maar weer mooi terugleggen, liefje." zuchtte ik vermoeid, waarna ik mijn duim en wijsvinger even kort over mijn slapen liet wrijven ik zweeg echter, hetzien het nogal een domme vraag was. Ze was net te pletter gestoord vanuit de hemel, als dat haar vraag niet beantwoorde...'Zeg me, waar ben ik?' herhaalde ze standvastig waarna ik mijn hand die net op mijn voorhoofd har gerust door mijn inktzwarte haren haalde en ik haar ijzig aankeek. Ik merkte dat ze stilaan angstig werd, mooi zo dat ging haar even laten kalmeren. Ik begon stilaan ook weer te begrijpen waarom ik amper in contact kwam met de stervelingen, ze konden zo vervelend zijn. Het martelen was de taak van Lucifer en de prinsen, mijn job was hen nieuwe zielen brengen, waarop ze hun frustraties konden uitoefenen. Echter met z'on gebeurtenis als vandaag wilde ik er ook wat van profiteren.
    'En wie ben jij?' Haar stem beefde van angst wat me deed grijnzen, waarna ik dichter naar haar toe liep, mijn wandelstok bij de hand. " The Grimm Reaper, de belichaming van de dood, de verzamelaar van zielen en voor de vrienden Grimm." sprak ik geamuseerd terwijl ik mezelf voorstelde. "Jullie stervelingen kennen me beter in deze vorm-" met deze woorden bracht ik mijn hand even naar mijn gezicht, waar ik mijn schedel blootstelde alsof ik net wat bodypaint van mijn huid af wreef. "Al prefereer ik zelf liever mijn modernere vorm." sprak ik simpel, waarna ik mijn gezicht weer herstelde met een simpele veeg. Even galant boog ik en eens ik terug recht kwam sloeg ik snel met mijn stok de kandelaar uit haar hand, gezien ze niet naar me had geluisterd eerder. "Niemand toont disrespect aan de dood." sprak ik kalm, waarna ik rustig het uiteinde van mijn wandelstok onder haar kin plaatste, haar bevelend haar mooie gezichtje stil te houden onder mijn bevel. "Welkom in hell, Zehra." ik lachte zacht waarna ik haar weer ruw losliet en me omdraaide richting de imposante kasten. Ik opende één van de kastduren en haalde er een fles sterke whisky uit, waarna ik twee glazen vulde en uitdagend van mijn glas dronk, afwachtend naar haar volgende zet.


    I caught a golden trout! But the real treusure? Friendship - ACNH

    Josephine Whitaker
    Chloé & Valac ☆ Slaapkamer





          Het bonzen van haar hart is het enige geluid waar Josephine zich op concentreert, een rode draad om haar ademhaling op te volgen, die er uiteindelijk voor zorgt dat haar handen stoppen met beven. Pas dan opent ze haar blauwe ogen, kijken deze voor het eerst verder dan haar blanke ledematen, welke scherp afsteken tegen de dimme duisternis van de kamer.
          Het zou evengoed een decor kunnen zijn van een Victoriaanse filmset ; de manier waarop de kleuren en ornamenten in elkaar overlopen tot een verzameling van aspecten uit een andere tijd. Een andere wereld. Josephine onderdrukt de neiging haar ogen nogmaals dicht te knijpen, zich in plaats daarvan in een zittende houding duwend, gedeeltelijk ontfutseld door het gebrek aan kleding om haar lichaam — wat evengoed nog gedeeltelijk verborgen weet te gaan achter een gordijn van haar rode haar.
          Het onbekende geluid van de deur die zich aarzelend opent, zorgt ervoor dat Jo bijna achterover valt om zich te wenden, haar ogen zo groot dat ze bijna haar gezicht in tweeën zouden kunnen breken.
          ‘Hallo...? weet jij misschien wat dit is?’
    Josephine realiseert zich pas dat ze haar adem inhoud wanneer deze gespannen over haar lippen naar buiten rolt. Het meisje voor haar neus is een totale vreemde, een gezicht dat ze zich zou herinneren mocht ze het ooit eerder hebben gezien, maar het feit dat ze hier is een opluchting waarvan Jo niet wist dat ze hem nodig had. Ze beseft zich echter dat ze geen idee heeft wat te antwoorden — haar eigen gedachten nog amper omvattend wat er is gebeurt — waardoor ze haar lippen op elkaar gedrukt houd. Het zou angstaanjagender zijn om op te biechten dat ze geen idee heeft waar deze plek is — wat deze plek is.
          Voor Josephine een poging kan doen toenadering te zoeken, zwaaien de deuren met bravoure open, een vlaag wind naar binnen blazend die ervoor zorgt dat haar haren over haar schouders naar achteren waaien.
          ‘Het is je redding dat je pluspunten in huis hebt — meerdere, zelfs.’
    Voor hen staat een man, nee, geen man, een wezen met het gezicht van een man — ongetwijfeld de mooiste die ze ooit heeft gezien. Zijn woorden gaan langs haar heen, evenals de manier waarop de verwringing van zijn gelaat afbreuk zou moeten doen aan zijn schoonheid, maar dat op onmogelijkerwijze niet het geval is. Voor een tweede maal staat Josephine sprakeloos, zich slechts vaag bewust dat ze hem aanstaart vanuit haar positie op de grond, perplex.
          ‘Welkom in de prachtige hel, schatjes.’
    Zijn vleugels, zijn vleugels, ontvouwen zich tot Josie niets meer kan onderscheiden wat er naast noch achter hem is. Ze weet dat ze zou moeten rennen, een uitgang zou moeten zoeken en vluchten, maar ze kan zich amper bewegen. De woorden zijn als een blikseminslag bij heldere hemel.
          De hel. Het ongeluk. Josephines maag keert zich om, maar ditmaal klemt ze haar kaken stevig op elkaar en dwingt ze zichzelf overeind te komen, steviger op haar benen dan ze had verwacht. Haar ogen scheuren zich los, langzaam, terug naar de jongedame. Een meisje zoals zij, gekleed in dezelfde, schamele stukjes stof. De plotselinge inslag van haar naaktheid zorgt ervoor dat Josephine bijna verdoofd naar een stuk gordijn graait, haar lichaam daarmee onttrekkend aan de blakende ogen van de gevleugelde man.
          ‘We zijn—’ haar blik wisselt onwillekeurig tussen hem en haar, een diepe frons tussen haar ogen drukkend, ‘we zijn doodgegaan
    Mocht dat feit haar niet zo haarscherp zijn doordrongen, zou Jo zich zorgen maken om het hameren van haar hart.

    [ bericht aangepast door Suriel op 12 sep 2019 - 18:07 ]


    How rare and beautiful it is to even exist

    ASMODEUS
    With Eve • Bedroom

    Je zou bijna kunnen zeggen dat ik naar deze dag had uitgekeken. Goed, misschien niet zo overdreven. Maar nieuwe zieltjes zijn altijd welkom, zeker als ze er een beetje leuk uitzien. Maar wat nu onze kant op komt, oh... That's going to be fun... Mijn lippen krullen in een lichte grijns en ik kijk even om mij heen. Over mijn enorme bed zijn verschillende prachtige zielen verspreid en ik rek mij voor een kort moment uit. Oh ja, het was heel gezellig. Maar als ze niet opgedonderd zijn als ik terug ben hebben ze een probleem, maar dat hebben ze gelukkig ook door. Met enige moeite weet ik mijn bed uit te komen en ik loop naar de kast. Het is gevuld met vele stukken, bijna allemaal in een donkere kleur. Ik vis uiteindelijk een zwarte broek eruit en pak voor het contrast een wit shirt. Slechts enkele knoopjes laat ik dicht, waardoor toch een redelijk stuk van mijn borstkas te zien is.
    Hmh, zou het niet eens tijd zijn om een warm welkom te geven aan onze nieuwe aanwinsten? After all, ze blijven toch hier voor de eeuwigheid. Een lach rolt over mijn lippen waarna ik mijn hoofd schud. Ik kan niet wachten om die gezichtjes te zien en ik begeef mij dan ook naar de gangen van het paleis. Langzaam begeef ik mij door het paleis, mijn voetstappen hoorbaar en stop dan abrupt voor een deur. Ik sta stil en de grijns op mijn lippen wordt enkel breder, ik had een goed gevoel hierover. Wat er achter deze deur zat.. Ik draai mij om en gooi dan plotseling de deur open.
    Mijn blik gaat langzaam over de blonde schoonheid in het bed en hef mijn kin nog wat, waarna ik met een kort lachje de kamer in loop. ''Hmh, hello love.'' zeg ik en ik loop ondertussen rustig naar haar kast. Mijn vingers laat ik zachtjes over de verschillende stoffen gaan en ik weet bijna zeker dat het mij ging bevallen, al kan ik zeker ook niet klagen over haar kledingkeuze op dit moment. Nou ja, keuze.. Ze is hier niet om te beslissen over dingen, natuurlijk. Langzaam loop ik naar het bed waar ze zit en neem plaats op de rand. Een ietwat geamuseerde blik ontstaat in mijn ogen bij het zien van haar tranen en ik hef mijn hand op, die ze zachtjes weg veegt. ''Er is geen reden om te huilen,'' zeg ik zachtjes en mijn donkere ogen kijken op naar die van haar, waarna ik grijns. ''Welcome home..''

    [ bericht aangepast door Mandalorian op 12 sep 2019 - 21:46 ]


    A woman without a man is like a fish without a bicycle


    E V E      B E A T R I C E      S U M M E R S

    Outfit      •      Bedroom      •      Asmodeus

          Het knipperen van mijn ogen brengt nog meer tranen aan het rollen en met grote ogen neem ik mijn omgeving in me op. Deze kamer welke ik nog nooit heb gezien is als een scene uit een luxueuze film, echter wel meer in de richting van iets als Dracula. Het groene en paarse fluweel van het beddengoed voelt aangenaam langs mijn huid en doet me beseffen dat ik niet veel meer aan heb dan een niemendalletje. De rijkelijke gouden bewerkingen betuigen van een weelde die me niet bekend is en mede hierdoor groeit mijn onrust. Waar ben ik in hemelsnaam beland? Wie heeft me gekleed in zwart kant?
          Mijn mond voelt droog, mijn ledematen nog een beetje shakey en mijn ademhaling is gehaast. Het laatste wat ik me helder herinner? Water. Overal waar ik naar een uitweg had gezocht was water geweest en, nadat mijn longen hadden gevoeld alsof ze zouden scheuren van ellende, na de allesoverheersende angst welke me had bevlogen, was er een droom geweest. Of een nachtmerrie. Of de werkelijkheid.
          Dood. Het is als een fluistering in mijn oor, waarbij mijn nekharen overeind komen en het kippenvel me op de armen springt. Paniek steekt wederom zijn lelijke kop op en zal me net weer in zijn greep krijgen als de hoge slaapkamerdeuren met een zwier worden geopend. Mijn ogen focussen zich op de gedaante die binnen stapt.
          Hij uit een zuinig lachje en ondanks de onrustige staat waarin mijn hart toch al verkeert, voel ik dat er een extra slag over wordt geslagen. ''Hmh, hello love." Zijn de eerste woorden in mijn richting, zijn stem aangenaam om te horen. Het gevoel wat me besluipt bij het horen van zijn woorden is als een waarschuwing, maar deze verdwijnt even snel als het ontstond zonder dat ik mijn vinger er op kan leggen. Ik ben te afgeleid door zijn knappe verschijning.
          Na een blik te hebben geworpen op wat een kast lijkt, vind hij duidelijk op zijn gemak zijn weg in mijn richting en neemt plaats op de rand van het bed. Voor ik überhaupt bij heb kunnen komen van zijn entree, heeft hij zijn hand opgeheven richting mijn wang en veegt in een bijna teder te noemen gebaar de tranen van mijn wang. ''Er is geen reden om te huilen,'' zegt hij, alvorens zijn donkere ogen die van mij vinden en ik me even lijk te verliezen in zijn blik. 'Welcome home.'
          En dan lijk ik uit mijn trance te ontwaken. Op slag besef ik me dat bij het overeind komen in bed de dekens tot mijn navel zijn gezakt en ik hem hiermee zicht geef op mijn in zwart kant gehulde borsten. Met grote ogen en een warme blos op mijn wangen pak ik het fluweel en trek het zo goed en kwaad als het gaat richting mijn hals. Ik wend mijn blik naar mijn schoot en slik in een poging mijn gene te verbergen.
          'Ik - euhm - ik, waar zijn we? Waar zijn mijn ouders?' Is eigenlijk het eerste wat in me opkomt. Vervolgens besef ik me dat we complete vreemden zijn, dat ik niets dan lingerie aan heb en dat hij de kamer binnen is gekomen zonder te kloppen. 'En wie ben jij?' voeg ik er dan ook iets scherper aan toe, mijn ogen weer opgericht in zijn richting, aanstalten makend om aan de andere kant van het bed te stappen mocht hij iets proberen.





    You are allowed to be Angry and Selfish and Unforgiving

    ASMODEUS
    With Eve • Bedroom

    De dekens waren ondertussen nog wat weggezakt en het gunde mij een blik op haar lichaam. Iets wat, als het aan mij lag, nog vaker ging zien deze dagen. Tot de dag dat het mij weer zou vervelen, natuurlijk. Het was jammer dat zij het ook zo snel door leek te hebben. Met grote ogen en een blos op haar wangen trekt ze het fluweel omhoog tot haar hals, waardoor ik weinig meer zie dan de donkere deken van het bed. Ik schud mijn hoofd lichtjes en terwijl zij naar haar schoot kijkt, werp ik een blik door de kamer. Het was vele malen kleiner dan die van mij, maar duidelijk in dezelfde stijl. Een die duidelijk was door heel het paleis heen, niks werd overgeslagen. De pure onschuld die deze dames zouden uitstralen zou sterk in contrast staan.
    'Ik - euhm - ik, waar zijn we? Waar zijn mijn ouders?' hoor ik dan opeens en tergend langzaam kijk ik weer naar haar. 'En wie ben jij?' vervolgt ze op een scherpere toon. Even ben ik stil, maar na even rolt er weer een donkere lach op mijn lippen. Deze hele situatie kon mij nu al amuseren. ''Oh, ik heb mij nog niet voorgesteld...'' begin ik en draai dan meer naar haar toe. ''How rude..'' fluister ik dan. Ik plaats mijn hand naast haar zodat ze niet makkelijk weg komt, leun naar haar toe en grijns dan lichtjes. ''Mijn naam is Asmodeus,'' Mijn hoofd hou ik wat schuin. ''Nice to meet you, love.'' vervolg ik. Dan herinner ik mij haar vorige vragen. ''Waar denk je dat we zijn?'' lach ik en ik schud mijn hoofd. ''Geloof me, het maakt niet meer uit waar je ouders zijn. Ik bedoel, de kans dat je ze ooit nog gaat zien...'' zeg ik, het laatste wat mompelend. ''tenzij het vreselijke mensen zijn natuurlijk.'' vervolg ik nonchalant en ik leun weer terug. ''Je hoeft jezelf niet te verbergen,'' ik geef een knikje naar de deken. ''We have seen it all around here.''


    A woman without a man is like a fish without a bicycle


    E V E      B E A T R I C E      S U M M E R S

    Outfit      •      Bedroom      •      Asmodeus

          ''Oh, ik heb mij nog niet voorgesteld... How rude.'' Klinkt het, al lijkt het niet of hij zichzelf nu daadwerkelijk 'rude' vindt. Sterker nog, het lijkt er op of hij aardig in zijn element is. Zonder de gêne te beantwoorden welke ik voel, buigt hij zich verder naar me toe en plaatst zijn handen aan weerszijden van mijn lichaam, ter hoogte van mijn heupen. Ik durf nauwelijks te bewegen.
          ''Mijn naam is Asmodeus, nice to meet you, love.'' En ik kan niet anders zeggen dan dat zijn woorden als een streling voelen, alsof hij zojuist weer zijn duim over mijn wang heeft gehaald. Ik ben geneigd mijn lippen te bevochten maar durf niet.
          ''Geloof me, het maakt niet meer uit waar je ouders zijn. Ik bedoel, de kans dat je ze ooit nog gaat zien...'' vervolgt hij, zijn toon geamuseerd alsof er een grap is welke ik niet begrijp. ''Tenzij het vreselijke mensen zijn natuurlijk.'' En de woorden die hij uit zetten de radartjes in mijn hoofd weer aan het werk. Water. Poorten. Vallen, vallen, vallen.
          ''Waar denk je dat we zijn?'' vraagt hij perfect getimed. Alsof hij de radartjes kan zien of hoort hoe de puzzelstukjes langzaam in elkaar klikken.
          "Water. Er was overal water en ik kreeg geen lucht meer en ik.. ik verdronk," fluister ik zachtjes, meer tegen mezelf dan tegen hem. Door de korte afstand tussen ons twijfel ik er echter niet aan of hij heeft me gehoord. Hij kiest er op laconieke wijze voor me het nog verder uit te laten puzzelen en neemt weer iets meer afstand.
          ''Je hoeft jezelf niet te verbergen, we've seen it all around here,'' zegt hij nonchalant. Ik kies ervoor de opmerking te negeren maar kan niet voorkomen dat mijn wangen nog net wat warmer worden en dat mijn hand zich nog een fractie strakker om de deken klemt.
          "Ik ben verdronken. Dood, ik ben dood en we zijn in de hell," beredeneer ik hardop, moeite hebbend dit te omvatten. De warmte, de duisternis, de sfeer en deze knappe verschijning, deze Asmodeus, het lijkt plots kristalhelder. Op de een of andere manier wordt het enkel definitiever bij het hardop uitspreken en ik heb zijn bevestiging niet nodig. Mijn ogen boren zich wederom in die van hem en deze keer ben ik degene die hem dichter nadert, tot slechts centimeters van zijn knappe gezicht.
          "Er is een fout gemaakt. De hemel, ik zag het! De poorten waren bijna binnen handbereik! Ik hoor hier niet." Probeer ik, mijn stem radeloos en doorvlochten met een stille smeekbede. "Ik hoor hier niet, toch? Waarom ben ik hier?" vraag ik hem, me er in mijn staat van ongelovigheid niet meer mee bezig houdend of ik wel of niet bedekt ben. Doordat ik naar hem toe heb bewogen zit ik nu op mijn knieën gehurkt voor hem, mijn gezicht op dezelfde hoogte als die van hem, de dekens nergens meer te bekennen.





    You are allowed to be Angry and Selfish and Unforgiving

    ASMODEUS
    With Eve • Bedroom

    "Water. Er was overal water en ik kreeg geen lucht meer en ik.. ik verdronk," fluisterde ze en geamuseerd kijk ik naar haar. Hmh, ze is in ieder geval niet achterlijk. Dat scheelt weer. "Ik ben verdronken. Dood, ik ben dood en we zijn in de hell," beredeneert ze dan en ik knik met een lach. ''Helemaal correct, honderd punten voor jou.'' zeg ik alsof het niks voorstelt. Nou ja, misschien voor haar wel natuurlijk. Maar dat maakt mij allemaal vrij weinig uit, voor mij is het hetzelfde oude verhaal al eeuwen lang. Ik haal mijn wenkbrauw lichtjes op als zij nu opeens mijn kant op komt tot ze slecht enkele centimeters van mij verwijderd is. Iets wat mijn lichte grijns alleen maar breder laat worden.
    "Er is een fout gemaakt. De hemel, ik zag het! De poorten waren bijna binnen handbereik! Ik hoor hier niet." Probeert ze dan nog en ik kan mezelf nog net tegenhouden om in lachen uit te barsten, bij het horen van de radeloze toon in haar stem. "Ik hoor hier niet, toch? Waarom ben ik hier?" vraagt ze me dan en ik haal nonchalant mijn schouders op. ''Natuurlijk hoor je hier niet, love..'' prevel ik zachtjes en mijn hand komt weer omhoog naar haar wang. Mijn duim laat ik zachtjes over haar huid strelen terwijl ik langzaam haar bekijk. Iets wat nu beter gaat nu ze op haar knieën voor me zit en de dekens verdwenen lijken te zijn. Dan kijk ik plotseling weer op in haar ogen. ''Je bent hier voor ons.'' zeg ik dan duidelijk en ik hou mijn hoofd wat schuin, tot ik meer haar kant op beweeg. Ik druk een zachte kus op haar wang en lach dan zachtjes. ''Hoewel, in eerste instantie voor mij, natuurlijk..'' fluister ik dan in haar oor waarna ik tergend langzaam weer terug leun. ''Hell werd een beetje saai, love...'' zeg ik dan geamuseerd. Mijn hand heeft haar wang nog altijd niet verlaten en mijn ogen branden in die van haar, zodat ze elke kleine reactie kunnen opvangen. ''Maar misschien maak jij het wel beter, hmh?'' fluister ik dan.

    [ bericht aangepast door Mandalorian op 14 sep 2019 - 12:07 ]


    A woman without a man is like a fish without a bicycle

    Zehra Youssef

    You came to take me away
    So close I was to heaven’s gates
    But no, baby, no baby, not today



    • Slaapkamer • Met Grimm • Outfit •

          ’Welkom in Hell, Zehra,’ sprak Grimm met een spottende grijns rond zijn lippen en met zijn stok nog altijd onder haar kin geduwd.
    Zehra wist niet wat te antwoorden. Niet enkel zijn woorden waren niet te bevatten, maar ook hoe hij haar eerder met slechts een enkele veeg van zijn hand zijn schedel aan haar had getoond. Ze was zo geschokt geweest dat het haar niet eens lukte te gillen. Waar ze eerder zichzelf ervan probeerde te overtuigen dat dit allemaal niet echt was, slechts een levensechte nachtmerrie, kon ze nu niet langer ontkennen dat dit toch de werkelijkheid leek te zijn.
          ‘Ik... Ik ben dood,’ bracht ze uiteindelijk uit. Er volgde een korte stilte. ‘En dit is de hel,’ voegde ze er aan toe en opnieuw viel ze stil, even de tijd nodig hebbend om deze informatie te laten bezinken. 'Maar dat kan niet... Ik... Ik heb niets fout gedaan in mijn leven,' stamelde ze ontdaan. 'Altijd de regels gevolgd, gebeden...'
    Grimm trok zich niets aan van haar toestand, liet slechts zijn stok zakken en pakte een glazen fles met sterke drank. Zehra keek toe hoe hij twee glazen vulde en uit eentje een flinke slok nam. Uitdagend keek hij haar aan, verplaatste zijn blik naar het gevulde glas dat er stond en vervolgens weer naar haar.
          ‘Ik... Ik drink niet,’ antwoordde ze uiteindelijk met schorre stem. Als antwoord trok Grimm slechts één wenkbrauw op waarna hij nog een slok nam. Met een mengeling van fascinatie en angst keek ze toe en kon niet voorkomen dat haar blik bij zijn spierwitte rechteroog bleef hangen. Rillingen kropen over haar rug. 'Maar ach, wat maakt het ook uit?' besloot ze toen in een opwelling. Gefrustreerd hief ze haar armen. 'Ik bedoel: mijn hele leven heb ik de ideale dochter uitgehangen, geen onvertogen woord gesproken en geen enkele slok alcohol genomen. En kijk waar ik nu ben beland?' Ze gebaarde om zich heen en stootte een kort vreugdeloos lachje uit. 'Dus waarom ook niet?'
    Dapperder dan ze zich voelde liep ze op Grimm af en nam het glas dat hij voor had ingeschonken. Heel even weifelde ze maar, voor ze uiteindelijk toch besloot het sterke goedje in één keer achterover te gooien. De drank brandde in haar keel en bezorgde haar een flinke hoestbui tot de tranen in haar ogen stonden. Toen Zehra na een eeuwigheid eindelijk uitgehoest was, blikte ze even opzij. Grimm leek het allemaal nog steeds amuserend te vinden, maar ze zag ook aan hem dat hij haar poging wel kon waarderen.
          'En wat nu?' vroeg ze hem nadat ze het inmiddels lege glas had weggezet. 'Ik heb zo het idee dat ik hier niet enkel ben om te drinken met jou,' durfde ze haar angst uit te spreken. Ze wachtte op een antwoord van Grimm, maar dat bleef uit. 'Ik meen het als ik zeg dat ik mijn hele leven niets of niemand kwaad heb gedaan,' probeerde ze nogmaals uit te leggen. 'Maar blijkbaar is er toch iets. Een reden waarom ik hier ben. Dus, vertel me alsjeblieft: waarom ben ik hier? En wat staat me te wachten?' beëindigde ze haar relaas op paniekerige toon en afwachtend keek ze Grimm aan.

    [ bericht aangepast door lovelyreads op 14 sep 2019 - 22:47 ]


    “Libraries were full of ideas—perhaps the most dangerous and powerful of all weapons.” - Throne of Glass


    E V E      B E A T R I C E      S U M M E R S

    Outfit      •      Bedroom      •      Asmodeus

          ''Natuurlijk hoor je hier niet, love,'' prevelt hij zachtjes, alsof hij het meer tegen zichzelf heeft dan tegen mij. Zijn hand omvat wederom mijn wang en zijn duim streelt eenzelfde baan als eerder. Tranen zijn er echter niet meer en het gebaar zou teder genoemd kunnen worden, zouden zijn ogen me niet zo in zich opnemen.
          Mijn ervaringen op romantisch of - euhm- seksueel gebied zijn non-existent. Mijn ouders en ik bleven nooit lang genoeg binnen een gebied om iets op te bouwen en ik ben niet het type om mijn eerste ervaringen weg te geven aan de eerste en beste. Waarschijnlijk ben ik een van de enige tweeëntwintigjarigen die nog nooit heeft gekust, laat staan dus meer dan dat. Ik heb zo'n grote mijlpaal gemist en nu ben ik dood.
          Waar ik dus geen enkele ervaring heb en me geen houding weet te geven onder zijn blik, is het vrij duidelijk dat Asmodeus geen enkele vorm van twijfel ervaart, zijn hand warm tegen mijn wang. Zijn ogen nemen mijn lichaam in zich op, alvorens hij me weer aan kijkt en ik me bewust wordt van de nabijheid die ik zelf heb gecreëerd.
          ''Je bent hier voor ons," verkondigt hij, iets in zijn stem wat lijkt op autoriteit, alsof hij het gewend is zijn zin te krijgen. Voor ik weet wat me overkomt liggen zijn lippen zacht tegen mijn vrije wang. Warmte verspreidt zich vanaf de plek waar hij mijn huid beroert, zijn lichaamswarmte voelbaar op mijn naakte huid en zijn subtiele geur die mijn neus overvalt. Mijn eindelijk gekalmeerde hart slaat per direct weer op hol en ik slaak een geluidje wat midden houdt tussen een piepje en een scherpe inademing. Toch lijk ik niet in staat me verder van hem te verwijderen of het contact te verbreken. Hij neemt weer afstand van mijn gezicht en ik breng mijn hand verbijsterd naar waar hij de kus heeft geplaatst. Zijn lach is een wonderlijk en tegelijk gevaarlijk iets. ''Hoewel, in eerste instantie voor mij, natuurlijk. Hell werd een beetje saai, love, maar misschien maak jij het wel beter, hmh?'' fluistert hij me toe. Het schiet me in het verkeerde keelgat en ik lijk eindelijk bij zinnen te komen.
          "Voor ons? Wie zijn ons? En waar is mijn zeggenschap in dit verhaal?" Vraag ik hem op scherpere toon. Mijn hand sluit zich om zijn pols en ik verwijder zijn hand van mijn gezicht. In een snelle beweging stap ik van het bed en doe een stap bij hem vandaan, mijn rug naar de muur en mijn ogen gericht op die van hem. Zijn hongerige blik over mijn lichaam doet me wederom aan mijn schaarse kleding denken en ik sla mijn armen wat ongemakkelijk over elkaar in een poging zowel mijn borsten als mijn buik te verbergen. Ik faal ongetwijfeld grandioos. "Wat ben je eigenlijk? Een demon? De duivel?" vraag ik, mijn vragenstroom ongeremd. "Wat ben je met me van plan?" En vooral dat zou ik toch graag weten.



    You are allowed to be Angry and Selfish and Unforgiving


    D J I N N

    Outfit      •      Bedroom      •      Thahira

          Ik ben te laat. Uiteraard ben ik te laat om ze te zien vallen. Echter kan ik me er niet verschrikkelijk druk om maken, want hoewel het ongetwijfeld een mooi uitzicht moet zijn geweest heb ik eveneens genoten van de doodsangst van een dertien jarig meisje. De volgende keer dat zij een rottweiler treft zal ze niet happig zijn om ook maar in de buurt te komen. Het dier was in berserker-modes gegaan zodra hij mijn schaduw groter had zien worden achter het kind. Voortreffelijk.
          Seir vliegt ondertussen voor me uit door de gangen van het paleis. De raaf is mijn vaste metgezel en houdt eeuwig een oogje voor me in het zeil. Pas wanneer ik aan geef dat hij weg kan gaan verlaat hij mijn zijde. Ik klik bij het betreden van de derde verdieping dan ook twee keer met mijn tong en het dier zweeft zonder om te kijken door, tot hij via een van de eeuwig openstaande balkon deuren naar buiten verdwijnt. Ik wil de volle aandacht op mij gericht hebben bij wat er te wachten staat. Seir is enkel afleiding.
          Achter de eerste deur hoor ik Asmodeus zijn stem, waarop ik verder loop naar de volgende en ook hier mijn oren kort spits. Grimm heeft deze kamer al voor zijn rekening genomen, en ondanks dat ik delen absoluut niet erg vindt, smacht ik naar aandacht. Aandacht op enkel mij.
          De derde deur lijkt onberoerd en het enige wat me tegemoet komt vanachter het hout is stilte. Of, wanneer ik mijn oren echt goed te luisteren geef, een versnelde ademhaling. Angst, ik proef het bijna op mijn tong en voel hoe het water me in de mond loopt. Zonder verdere omhaal leg ik mijn hand op de klink van de deur en duw deze met een sierlijke zwaai open.
          In het bed bevind zich een jongedame en een mooi exemplaar nog ook. Sproeten. Ik hou van sproeten. Bruine ogen die zich op me richten en welke ik opvang met mijn eigen ijselijk blauwe exemplaren. Het effect van mijn ogen op vrouwen stelt bijna nooit teleur, maar ik weet uiteraard nooit met zekerheid of het in hun straatje speelt. Mijn grijns is een scheve linkse, wetende dat mijn dimple bijstaat aan een ondeugende en charmante eerste indruk. Ik geniet ondertussen van de angst die nog in haar ogen ligt, de wanhoop die bijna te proeven is in de lucht.
          Met drie passen sta ik voor het enorme bed en buig hier diep voor haar zonder oogcontact te verliezen. Mijn gezicht gaat het respectvolle gebaar echter weer tegen, de brutaliteit in mijn ogen nooit compleet te verbergen.
          'Hello there, dearie. Hoe was de val?' verwelkom ik haar.



    You are allowed to be Angry and Selfish and Unforgiving

    Thahira Dawn Pax

    Djinn      ○      ●      ○      Bedroom





          Mijn blik glijdt door de donkere kamer. Hier en daar branden kaarsen die zachtjes heen en weer wiegen, spelend met de schaduwen die ze creëren. Het zachte briesje wat ik voel kust mijn huid als ik rechtop ga zitten en de zachte dekens van me af voel glijden. Langzaam breng ik mijn handen naar mijn gezicht en veeg de tranen die nog op mijn wangen liggen weg. Mijn blik valt hierna op mijn nietsverhullende outfit, het zwarte kant dat zich nauwsluitend over mijn borsten hult.
          Paniek, ik voel paniek opkomen. Waar ben ik, wat is er gebeurd en waarom ben ik half naakt! Ik probeer te bedenken hoe ik hier kom, maar mijn gedachten voelen als een droom. Bij elke herinnering die ik naar boven wil halen voelt het alsof er een sluier overheen ligt en ik het net niet kan bereiken. Mijn hart gaat harder kloppen, mijn ademhaling wordt sneller.
          De deur zwiept open en ik draai mijn hoofd er met een ruk naartoe. Gelijk wil ik iets zeggen, maar het voelt alsof ik mijn complete woordenschat kwijt ben als ik mezelf verlies in de blauwe ogen die mijn blik opvangen. Mijn onderbewustzijn merkt dat er beweging is en dat deze ontzettend knappe man nu voor mijn bed staat, maar alles voelt als een waas. De buiging die volgt merk ik alleen op doordat mijn hoofd rustig mee beweegt naar beneden, zijn ogen volgend.
          ‘Hello there, dearie. Hoe was de val?’ Zijn stem laat me opschrikken uit mijn trance.
          ‘Val?’ mompel ik hem toe. De sluier die over mijn gedachte lag trekt langzaam weg nu hij dit gezegd heeft. Val, ja ik ben gevallen, ik was bij een poort, zag wolken. Het klinkt allemaal zo logisch en toch kan ik mijn vinger er niet op leggen. En nu moet ik eerlijk zijn, iets niet weten is niet iets waar ik goed in ben.
          Ik trek dan ook de dekens van me af en zwiep mijn benen over het randje van het bed en mijn tenen krullen zich in het zachte tapijt. Met een stevige pas passeer ik de man die nog aan het voeteneind van het bed staat en naar me kijkt met wat lijkt op een geamuseerde blik. Die gedachte werp ik echter snel van me af en baan richting de openstaande deur. Voorzichtig steek ik mijn hoofd om het hoekje en zie niks meer dan een hele lange gang met meerdere deuren. Ik hoor stemmen, gejammer, gelach en als ik me niet vergis iemand kotsen. Ik blijf dan ook staan waar ik sta, vlak voor de deuropening, het niet durvend de gang te betreden.
          Wat was mijn doel hiermee? Je weet helemaal niet waar je bent Hira, blaf ik mezelf toe in gedachte. Zachtjes draai ik me terug naar de man die alleen verlicht wordt door de brandende kaarsen in de kamer, het is alsof ze speciaal voor hem harder zijn gaan branden waardoor zijn scherpe kaaklijn en het kuiltje in zijn wang nog sterker af steken tegen zijn zwarte kleding. En zo blijf ik staan, kijkend naar de meest knappe en mysterieuze man die ik ooit heb gezien, compleet in paniek en geen idee hebbend waar ik ben.
    ○      ●      ○

    [ bericht aangepast door Limnaden op 15 sep 2019 - 13:26 ]


    Salty eyelashes and the endless Ocean

    ASMODEUS
    With Eve • Bedroom

    "Voor ons? Wie zijn ons? En waar is mijn zeggenschap in dit verhaal?" Vraagt ze mij wederom op een scherpere toon, waardoor mijn wenkbrauw weer wat omhoog schiet. Ondertussen pakt ze mijn pols en haalt zo mijn hand weg. Kijk, op het moment kon het mij alleen maar amuseren. Maar de dame voor mij zou waarschijnlijk snel genoeg leren dat ze daar niet altijd mee weg kan komen, ach... Alles op zijn tijd toch. Ik hield er ook van om te spelen met mijn prooi en de kleine uitbarstingen die zo nu en dan uit ze komen vind ik vaak alleen maar leuk. Ze stapt snel uit bed en mijn blik volgt haar moeiteloos, terwijl ze zichzelf probeert te bedekken. Iets waardoor ik grijnzend mijn hoofd schud. She tried...
    "Wat ben je eigenlijk? Een demon? De duivel? Wat ben je met me van plan?" gaat ze dan snel verder. Ik lach, nog geamuseerder dan net. Oh, die verse onwetendheid. Het is heerlijk. ''Oh darling... Als de duivel er ook nog eens zo goed uit zou zien zou het wel heel oneerlijk zijn..'' grijns ik en ik sta langzaam op. Tergend langzaam maak ik mijn weg naar haar toe. ''Demon komt inderdaad meer in de buurt..'' zeg ik dan en begin op dezelfde langzame pas om haar heen te lopen. ''Prince of Hell...'' mompel ik ondertussen. ''Blijkbaar ook een zonde...'' grijns ik en stop als ik achter haar sta. Ik laat mijn vingers zachtjes over het midden van haar rug strelen. ''Can you guess what?'' fluister ik terwijl mijn handen zich langzaam een weg terug naar haar schouders vinden.
    ''Over jouw zeggenschap gesproken... Ik hoop niet dat je er al te gehecht aan was...'' zeg ik simpel terwijl ik zachtjes haar schouders masseer. ''De rest zal je later wel ontmoeten.. En qua plannen...'' Ik lach zachtjes. ''Daar ben ik nog niet helemaal over uit...'' fluister ik in haar oor en plaats een zachte kus op haar schouders voor ik haar langzaam los laat en naar haar kast loopt. Ik kijk nog een keer achterom en leun dan nonchalant tegen de kast. ''Hmh, het komt niet vaak voor dat iemand zich zo comfortabel voelt in lingerie, tegenover iemand die ze net kennen...'' zeg ik met een speelse grijns. ''Ik heb zo mijn effect, I guess..''


    A woman without a man is like a fish without a bicycle

    𝒞𝒽𝓁𝑜𝑒́ ℳ𝒶𝓇𝓎 ℱ𝑒𝓁𝒾𝓍




    Chloé • 19 • park › gates of 'heaven' • Josephine & Valac


    Wat dacht ik eigenlijk wel niet, zomaar de gang op gaan en vervolgens de kamer van een ander betreden. Was ik soms helemaal gek geworden? Zo leek het wel, aangezien ik wakker werd met bonzende hoofdpijn in een donkere kamer. Het rare was nog dat ik geen kleding aan had en daar helemaal niet bij na dacht. Zodra de verschijning met rode lokken op keek, zag ik complete verwarring en angst in haar ogen. Het weerspiegelde precies hoe ik me voelde.
          ‘Hallo...? weet jij misschien wat dit is?’ vroeg ik haar dan ook voorzichtig, in de hoop dat ze vriendelijk was en niet net als de duivel die ik eerder tegen was gekomen. Tenminste, ik dacht dat ik hem tegen was gekomen, het kon ook een droom zijn geweest. Ik had zo'n honderd vragen in mijn hoofd die waarschijnlijk ook deze dame niet kon beantwoorden. Ik zag dat de roodharige dame aan het nadenken was, ze wist waarschijnlijk precies net zoveel als ik. Op mijn hoede stapte ik verder de kamer in, maar zodra ik achter me de deuren open hoorde zwaaien vloog ik ook de hoek in. Met grote ogen keek ik dan ook richting het figuur dat zojuist de kamer binnen was gekomen. Hij keek ontzettend triomfantelijk en het stond hem verschrikkelijk goed. Mijn god, ik had nog nooit zo'n mooie man gezien van dichtbij.
          'Het is je redding dat je pluspunten in huis hebt — meerdere, zelfs.' Hoorde ik hem zeggen terwijl zijn blik op de roodharige dame was gericht. Wat bedoelde hij met redding... We waren dus wel degelijk in gevaar. Hij liet een smerige blik over de roodharige heen glijden en ik zag gewoon in zijn ogen dat hij nare dingen met haar wilde doen. Tot mijn verbazing ging zijn blik ook mijn kant op, waardoor ik mijn armen meteen om mezelf heen sloeg. Ik wilde niet dat hij me zo zag, met zo weinig kleding aan.
          'Welkom in de prachtige hel, schatjes.' Kwam er met een akelige toon over zijn lippen. Een rilling schoot over mijn rug naar alle plekken in mijn lichaam, waardoor er overal kippenvel ontstond.
          'Hel...' kwam er zacht over mijn lippen. Het was niet de bedoeling om iets te zeggen, maar het kwam er gewoon uit. Zodra het woord mijn lippen dan ook had verlaten klemde ik mijn kaken meteen weer op elkaar. Uit het niets verschenen er gigantische vleugels achter de man, waardoor mijn ogen wijd open stonden. Het was adembenemend. Het zag er mooi uit, maar ook ontzettend eng.
          'We zijn—' Hoorde ik de dame naast me zacht uitbrengen, waarop ik voorzichtig knikte. Ik wist precies wat ze bedoelde. We waren dood. Echter begreep ik niet waarom ik in de hel was beland, ik was altijd braaf geweest, christelijk zelfs. Ik had nog nooit iets seksueels gedaan, ik rookte niet en dronk alleen een glaasje champagne met oud en nieuw. Ik hoorde hier niet thuis.


    - thank you for existing -


    E V E      B E A T R I C E      S U M M E R S

    Outfit      •      Bedroom      •      Asmodeus

          ''Oh darling... Als de duivel er ook nog eens zo goed uit zou zien zou het wel heel oneerlijk zijn.'' Vertrouwt hij me toe, duidelijk content met zichzelf. Niet dat ik hem ongelijk kan geven, maar ik weet nog niet zo goed of ik zijn zelfvertrouwen aantrekkelijk of verontrustend vind. Normaliter kan ik overweg met iedereen waarmee ik paden kruis. Ik moest wel, aangezien ik in eerste instantie niet de luxe had om kieskeurig te zijn. Ik wacht mijn oordeel dus maar af.
          Wanneer ook hij overeind komt en zich weer in zijn volle lengte opricht, kom ik al terug op mijn eerdere gedachte. Ja, hij verdient het om te blaken van het zelfvertrouwen. Ik slik mijn ongemak binnen de situatie weg en volg zijn iedere beweging met mijn hoogstwaarschijnlijk grote ogen. Niet de duivel dus.
          ''Demon komt inderdaad meer in de buurt.'' Vervolgt hij, terwijl hij me nadert. Ik voel me niets minder dan een gazelle, beslopen door een leeuw. Een stemmetje in mijn hoofd schreeuwt me toe dat ik hem in het oog moet houden, dat ik hem niet uit mijn zicht moet laten. Het kost me wilskracht om te blijven staan en niet te laten merken hoe hij me laat voelen. Hoe de haartjes in mijn nek overeind komen wanneer ik voel hoe hij dicht achter me komt staan. ''Prince of Hell en blijkbaar ook een zonde.'' Vertrouwt hij me toe en het kippenvel springt me op de armen wanneer zijn vinger mijn rug streelt. Het ontwaakt iets in me wat compleet onbekend is. Een soort van honger welke te voelen is in elk zenuwuiteinde.
          ''Can you guess what?'' vraagt hij zacht en het antwoord rolt al over mijn lippen zonder dat ik er bij na hoef te denken. "Lust," verzucht ik en ik kan zijn grijns zo'n beetje voelen, bijna tastbaar in de lucht.
          ''Over jouw zeggenschap gesproken, ik hoop niet dat je er al te gehecht aan was.'' Zijn handen dwalen naar mijn schouders en masseren de spieren waarvan ik niet eens wist hoe gevoelig ze waren. Ik bevochtig mijn droge lippen met mijn tong nu hij het niet kan zien en slik. ''De rest zal je later wel ontmoeten en qua plannen...'' Hij lacht zachtjes ''Daar ben ik nog niet helemaal over uit,'' fluistert hij plots in mijn oor, zijn adem als een streling langs mijn huid. Mijn lichaam leunt als automatisch dichter naar dat van hem, als een lokroep die wordt beantwoord. Zijn lippen vinden kort mijn schouder, maar voor ik mezelf verder kan verliezen stapt hij weer langs me heen en loopt terug naar de kast.
          "Hmh, het komt niet vaak voor dat iemand zich zo comfortabel voelt in lingerie, tegenover iemand die ze net kennen,'' zegt hij met een speelse grijns. ''Ik heb zo mijn effect, I guess.'' En dat heeft hij zeker. Zijn woorden echter ook en ik wordt knalrood. Voor mijn hersenen überhaupt een beslissing hebben gemaakt, is mijn lichaam al in beweging en ik snel me naar de kast. Wat me op ligt en hangt te wachten is een overdaad aan zwart. Ik gris het eerste en beste jurkje van zijn hanger en hevel mezelf er weinig gracieus in, alles om een barrière te vormen tussen mijn lichaam en zijn ogen.
          "Niet comfortabel," prevel ik ondertussen in een poging mijn schaamteloze gedrag te verdedigen. "Ik ben klaarblijkelijk dood gegaan. Heb ik dan niet het recht om even van mijn stuk te zijn?" Ondertussen probeer ik de rits van mijn jurk dicht te krijgen, maar sta te prutsen als een pasgeboren veulen. "Daarbij komt het ook niet vaak voor dat een wildvreemde mijn kamer binnen komt zonder te kloppen, geen inzicht heeft in persoonlijke ruimte en me verteld dat mijn zeggenschap iets is waarnaar ik kan fluiten," bijt ik verder, terwijl mijn onderbewustzijn zich afvraagt of Asmodeus iemand is die het kan waarderen tegengesproken te worden. "Ik ben Eve, overigens, thanks for asking, en ja, ik ben gehecht aan mijn zeggenschap."



    You are allowed to be Angry and Selfish and Unforgiving

    Cassandra "Cass" Palmer
    car accident — her room

    Cass keek naar haar telefoon die oplichtte met een berichtje van Jake. Haar hart maakte een sprongetje en direct stuurde ze hem een berichtje terug, dat ook hij een heel leuke avond had gehad. Jessica, die achter Cass zat en stiekem meelas, joelde even.
          'Stuur een kusje!' riep ze opgetogen en strekte haar arm al langs de passagiersstoel uit om het bericht wat smeuïger te maken.
          'Nee!' zei Cass direct verschrikt, maar het kwaad was al geschied. Jessica drukte op de 'x' en verzond het bericht direct. Geen weg terug. Cass vergrendelde het scherm en smeet haar telefoon in haar tas en keek om naar Jessica, die alweer onschuldig naar buiten staarde.
          'Cass, doe wat muziek aan,' zei Valerie, die aan het stuur zat. Cass greep met lichte tegenzin toch weer naar haar telefoon en was opgelucht toen Jake nog niet gereageerd had. Ze opende de Spotify-app en zocht naar een leuk nummer. Haar blik viel op een afspeellijst en klikte het direct aan en sloot de telefoon aan op de autoradio, voor ze haar telefoon gehaast weer wegstopte in haar tas. De muziek schalde door de speakers en de vijf inzittenden deinden op en neer op het ritme.
          Na enkele minuten werd de muziek onderbroken door een ringtone van Cass' telefoon en toen de muziek weer doorspeelde, wist Cass al dat ze een bericht had ontvangen. Stiekem hoopte ze dat het van Jake zou zijn, maar aan de andere kant wist ze dat het ook anders kon aflopen. Het feest was heel leuk geweest, daar was geen twijfel over mogelijk, en ze hadden elkaar zelfs gekust, maar of hij hetzelfde vond? Dat wist ze niet. Aarzelend reikte ze voor de derde keer in haar tas naar haar telefoon en toen ze het scherm ontgrendelde, bleek dat ze inderdaad een bericht van Jake had. Blozend las ze het bericht, waarachter hij ook een kusje had geplaatst. Jessica las alweer over haar schouder mee en gilde enthousiast in haar oor. Ook Valerie, Piper en Emily konden het niet laten plagend te lachen. Cass schudde haar hoofd, legde haar telefoon weer weg en zakte wat onderuit in de stoel en sloot haar ogen, haar wangen nog altijd vuurrood.
          Het gelukzalige gevoel dat door haar heen stroomde bleef niet lang aan. Naast haar stootte Valerie een verbaasde kreet uit en Cass opende haar ogen. Ze keken recht in de koplampen van een andere auto, die steeds dichterbij kwam. Valerie probeerde uit alle macht aan de kant te gaan, maar het had geen zin. Een harde klap schrok de hele buurt op. Cass kermde toen ze op het harde asfalt belandde, en toen was alles donker.

    Vage stemmen. Donker. Een beetje licht. Weer donker. Zachte aanrakingen. Ze kon niet bewegen. Ze kon niets zeggen. Ze had geen pijn. Het werd weer donker.

    Eindelijk kon ze haar ogen weer openen. Waar was ze? Ze herinnerde zich amper wat er was gebeurd. Jake... hij vond haar ook echt leuk. De wereld om Cass heen stelde zich langzaamaan scherp en verschrikt keek ze rond. Toen ze omhoog staarde, zag ze... een poort. Was ze dood? Ze wilde haar mond openen om te roepen, schreeuwen om hulp, maar ze kreeg geen geluid uit haar mond. Ze strekte haar arm uit naar de metershoge poort en zette een pas, maar de lichte wereld verdween en ze tuimelde naar beneden.


    No, Eleanor. Once again, none of these philosophers is ever talking about masturbation.




Add Your Banner Here